The First Cadfael Omnibus Quotes

Rate this book
Clear rating
The First Cadfael Omnibus: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood The First Cadfael Omnibus: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood by Ellis Peters
618 ratings, 4.30 average rating, 35 reviews
The First Cadfael Omnibus Quotes Showing 1-3 of 3
“Did you see?’ said Brother John in Cadfael’s ear, pacing beside the sumpter mule. ‘Did you see how the beasts laboured towards that fellow not to escape the goad, only to go where he willed, only to please him? And such labour! That I should like to learn!’

‘It’s labour for man as well as beast,’ said Brother Cadfael.

‘But for free goodwill! They wanted to go with him, to do what he wanted them to do. Brother, could devoted disciples do more? Do you tell me he takes no delight in what he does?’

‘No man nor God who sees his faithful delight to serve him,’ said Brother Cafael patiently and carefully.”
Ellis Peters, The First Cadfael Omnibus: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood
tags: work
“God forbid", said Peredur humbly, "that I should escape any part of what is due. I want it. I cannot live with myself if I only have this present self to live with... I want no unearned pardon. I take penance willingly.”
Ellis Peters, The First Cadfael Omnibus: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood
“Glanzend en mat, glad en harig vertoonden de bladeren alle mogelijke schakeringen groen. De meeste bloemen waren bescheiden, klein, bijna verlegen, met tere, onopvallende kleuren: lila en zachtblauw en lichtgeel. Ze waren een onbelangrijk en ongewenst deel en zorgen slechts voor het zaad. Wijnruit, salie, rozemarijn, parelzaad, gember, munt, tijm, akelei, genadekruid, bonekruid, mosterd, allerhande kruiden groeiden hier. Voorts was er venkel, wormkruid, basilicum en dille, peterselie, kervel en marjolein. Hij had al zijn hulpjes ook van onalledaagse kruiden bijgebracht wat je ermee kon doen en wat de gevaren ervan waren. Kruiden ontlenen hun waarde aan een juiste dosering en overdaad kan erger zijn dan de kwaal. Klein van stuk, bescheiden van kleur, dicht bij elkaar groeiend en verlegen richtten zijn kruiden slechts de aandacht op zichzelf door de zoete geur die ze verspreidden als de zon ze bescheen. Maar achter de wegduikende rijen rezen andere, grotere en opvallender planten op. Bedden pioenen, die werden gekweekt om hun pittige zaden en hoge papavers met hun lichte bladeren: hun witte of paars-zwarte bloembladeren kwamen nog maar nauwelijks door hun gesloten wapenuitrusting heen. Ze waren zo hoog als een kleine man en afkomstig uit het oostelijk deel van de Middenzee, uit welk ver oord Cadfael het zaad van hun voorvaderen lang geleden had meegebracht. Hij had ze in zijn eigen tuin gekweekt en gekruist voor hij later hun beste nakomelingen hierheen had gebracht om er medicijnen van te maken tegen de pijn, de voornaamste vijand van de mens. Pijn en het gebrek aan slaap, slaap wat juist het beste middel is tegen pijn.”
Ellis Peters, The First Cadfael Omnibus: A Morbid Taste for Bones / One Corpse Too Many / Monk's Hood