“
Manus eet niks,' zei ik tegen mijn moeder en ik vroeg of ik wat brood mocht nemen en wat melk, om hem te voeren. Alles mocht. Met een schoteltje vol keurig vierkant blokjes doorweekt brood, toog ik weer naar de garage, prikte een stuk brood aan het uiteinde van een twijg en stak Manus het voedsel toe.
'Eet,' zei ik.
Hij reageerde niet. Het brood dat ik tegen zijn snavel aanduwde, liet los en bleef hangen, wat er slordig en vies uitzag en ook extra zielig. Omdat hij zich tot dan toe niet verroerd
...more
”
― De vriendschap
― De vriendschap
“
Ik zag geen bietebauw, maar wel waren de geesten van de pokkedoden van Antwerpen in de vorm van een zwerm spreeuwen in de kastanjeboom neergestreken. Met hun honderden zwarte lijfjes zetten ze de boom voortijdig in blad. Ze vlogen in slierten op en streken opnieuw neer alsof ze vastzaten aan een laken dat door een reuzenvrouw werd opgeschud.
”
― De roos en het zwijn
― De roos en het zwijn















