Mijn beeld van China was, voor het lezen van dit boek, toch vooral gebaseerd op wat ik van het rampzalig Maoïstisch bewind wist, op de berichten over het schenden van mensenrechten en het merkwaardige nationale en internationale economische succes van een land ‘dat maar niet wil deugen’.
Net als in de ‘rafelrandboeken’ van Ivo van de Wijdeven duidt de auteur een en ander vanuit een Europees/Westers perspectief.
De laatste 2 hoofdstukken van Ties Dams boek geven antwoord op de vragen die ik had: hoe mijnheer Xi in te schatten als leider van een relevant en (steeds) machtig(er) wereldrijk en de gevolgen van zijn leiderschap op het politieke wereldtoneel.
De daaraan voorafgaande 7 hoofdstukken schetsen een gecomprimeerde geschiedenis van China vanaf ongeveer 1850. Dit deel vormt op zich al een zinvolle goed leesbare recente geschiedenis van China. Het helpt te begrijpen welke historische gebeurtenissen het denken in dat land gevormd hebben, niet in de laatste plaats het denken van Xi Jinping.
Het schetst welke invloed deze gebeurtenissen op Xi hebben, rechtstreeks, maar ook via de positie van zijn (aristocratische) vader, die eerst een gevierd revolutionair is, dan weggezuiverd/verbannen wordt, weer in ere hersteld, weer weggezuiverd, etc. Hieruit leert Xi dat een overtuiging je uiteindelijk alleen maar problemen oplevert.
Het belang en de hardnekkigheid van traditionele Chinese waarden en (familie) relaties in een snel veranderende revolutionaire wereld komt ook goed naar voren.
Xi’s academische vorming, 2 jaar vóór Mao’s dood en 2 jaar na Mao’s dood maakt hem een product van een onderwijssysteem dat halverwege het vormingsideaal waartoe het opleidt verandert van ‘krijger-werker’ naar ‘mandarijn-technocraat’.
Verder wordt duidelijk gemaakt welke elementen traditioneel Chinees zijn (Confucius), welke elementen revolutionair en op welke momenten - opportunistisch - vooral het eigenbelang gediend wordt. Mét de kanttekening dat dat onderscheid niet in alle gevallen duidelijk is.
Er volgt een periode van minder interessante functies als Chinees ambtenaar/bestuurder. Geleidelijk verwisselt Xi zijn Mao-overal voor een zwart managers pak. De belangrijkste les die Xi in deze periode leert is dat je als bestuurder het meest hebt aan geld en connecties.
Langzaam stijgt Xi, die doet wat van hem verwacht wordt, in de (Partij) hiërarchie. Op een moment (1997) treed hij toe tot het 150 zetels tellende landelijke Centrale Comité van de CCP, op de niet bestaande 151e positie (dankzij ondoorgrondelijke machtsrelaties). In 2012 wordt Xi secretaris generaal van de Partij en president. In 2018 schaft hij zijn eigen termijn limiet af.
De onopvallende bestuurder Xi trouwt met de beeldschone s en beroemde zangeres Peng Liyuan. Dit levert hem een imago boost op, zoal Maxima dat heeft op het imago van Willem-Alexander.
China initieert nooit een verwesteringsproces zoals dat bijvoorbeeld in Japan wel is gebeurd.
Het huidige China wordt nog steeds bestuurd door zo’n 200 families, waarvan niet meer dan 20 echt iets te zeggen hebben.
In China is de staat een instrument van de Partij.
BINNENLANDS BELEID.
Xi speelt de rol van ‘junzi’, de ideale confucianistische heer: trouw, gedisciplineerd, wijs, sober en harmonieus.
In zijn ‘Museumspeech’ vertelt Xi hoe China tijdens de Opiumoorlogen is vernederd door arrogante, imperiale machten. De Chinees heeft sindsdien getracht zichzelf te bevrijden van het juk der vernedering. Lange tijd werd China tegengewerkt. De oude man van het klassieke China leefde als een zombie voort. Eindelijk heeft China, onder leiding van de CCP, de juiste weg gevonden naar een wedergeboorte van het Chinese Rijk. Daarin zijn fouten gemaakt, maar de lotsbestemming van een mens is de lotsbestemming van zijn land. Het is dan ook de diepste wens van alle Chinezen om de Chinese droom van een nationale wedergeboorte te bereiken. Sterker: die wedergeboorte zal in 2049 plaatsvinden, op de 100e verjaardag van de Volksrepubliek – daar zal Xi voor zorgen. Het is een historische noodzaak dat China de balans tussen Oost en West zal herstellen.
Xi’s Chinese droom omvat: nostalgisch nationalisme, eigengereid globalisme, nadruk op conservatieve waarden, technologisch opportunisme, strakke leiding van de markt door macht en een zelfbewust leiderschap dat anders probeert te zijn dan dat van de Sovjet-Unie of de VS.
De drie pilaren van Xi’s heerschappij:
De macht
Centrale Discipline en Inspectie Commissie (CDIC).
Tussen 2012 en 2017 zijn 35 leden van het Centrale Comité
van het politbureau veroordeeld – meer dan in de hele eerdere
geschiedenis van de Volksrepubliek.
De vijand is ‘politieke corruptie’, het ondermijnen van de loyaliteit aan de partijtop.
Terwijl de Partij lange tijd via de neoliberale weg poogde de markt de maatschappij te laten disciplineren, besloot Xi dat een krachtige Partij boven zowel markt als maatschappij moet staan.
Bovendien moet de Partij zichzelf kunnen disciplineren, opdat de markt haar niet opslokt of de maatschappij geen wraak zal nemen.
De markt
China’s groeimirakel is aanvankelijk het succes van goedkope arbeid en de productie van goedkope spullen. Naarmate China rijker wordt stijgen de lonen en China’s groei neemt af.
China’s economie moet de overgang maken naar een hightech, innovatie gedreven markt.
Daarbij gelden drie kern prioriteiten: armoede oplossen, luchtvervuiling verminderen, financiële sector in het gareel krijgen/houden. Deze drie bedreigingen worden aangepakt door de staatsbedrijven waar macht en markt versmelten.
De maatschappij
Wanneer onderdrukking onzichtbaar is heet het in China ‘harmonie’. Surveillance Staat. Herkennings Technologie. Predictive policing. Sociaal Kredietsysteem.
China’s Tech revolutie is sneller en beter dan die van het Westen, want ook al wordt commercie gebruikt als dekmantel, zij wordt gedreven door macht.
Xi controleert en censureert wat China binnenkomt, maar stimuleert dat Chinese techbedrijven de wereld veroveren (Huawei), terwijl de partij meekijkt en zorgt dat de wereldmarkt haar wereldmacht dient.
De macht van de Partij is niet langer voornamelijk ideologisch maar economisch gedreven. Alle materiële gewin is afhankelijk van de Partij, maakt Xi duidelijk. Verraad haar niet en verlaat haar niet.
BUITENLANDS BELEID.
China is een eigen soort wereldmacht.
China bouwt aan een wereldrijk van relaties in plaats van instituties. Geen overkoepelende orde. Universele waarden worden gewantrouwd.
China en het Westen zijn in een race verwikkeld die erom draait elkaars ideeën en strategieën te doorgronden. China loopt altijd voorop.
De wereldgeschiedenis in de ogen van Xi:
Het keizerrijk China was oppermachtig en heerste beschaafd over de hele bekende wereld. De keizer was een waardige hegemoon die van zijn onderdanen (de hele bekende wereld) niet meer verlangde dan dat zij de heerschappij van de keizer erkenden. 150 jaar vóór de Spaanse Armada bevoer een veel grotere Jadevloot de zeeën en gaf alle volkeren ter wereld de kans hun loyaliteit aan de keizer uit te spreken. China was altijd vreedzaam. China koloniseerde niet en buitte niet uit. China’s harmonie was goed en rechtvaardig, maar ook star en naïef. De Jadekeizer was blind voor zowel de bedreigingen als de kansen van de moderne wereld. Totdat de westerse Apenkoningen, gedreven door handelsdrift, China in brand zetten. De westerse hegemonie bracht lijden, maar dwong China ook tot noodzakelijke vernieuwingen. Harmonie werd onderbroken, conflict leidde tot vooruitgang. Harmonie in de wereld kan alleen terugkeren als China zijn oude rol als beschaafde hegemoon weet te verzoenen met de moderne vooruitgang.
De geschiedenis zal via kenbare wetten verlopen:
1e De val van het Westen.
2e De terugkeer van China.
China leende het leninistische staatsapparaat van de Sovjet-Unie en keek het kapitalisme af van Amerika.
Universeel liberalisme. Xi ziet de liberale wereldorde van na WO II voornamelijk als voortzetting van de westerse hoogmoed, de VN als geïnstitutionaliseerde hypocrisie.
China bouwt aan een alternatieve wereldorde. Eilanden in de Zuid-Chinese zee, een wereldwijd handelsnetwerk, een multilaterale investeringsbank en haar eerste overzeese marinebasis in Djibouti.
Een multipolaire wereld.
Xi stelt geen alternatief dogma tegenover het liberaal universalisme. Hij creëert een deels informeel en deels formeel netwerk van relaties tussen landen dat de liberale instituties en hun normen irrelevant maakt.
Strategie: groeien binnen de liberale wereldorde, via economische relaties invloed buiten de liberale instituties uit breiden en het eigen netwerk relatief kleinschalig organiseren, zonder in conflict te treden met liberale/westerse instituties.
Xi probeert niet de vorige wedstrijd te winnen, maar maakt zijn eigen speelveld en verkrijgt tegen minimale kosten maximale invloed.
Xi accepteert de chaos van economische globalisering maar probeert deze zo te benaderen dat die ten dienste komt te staan aan de Chinese wedergeboorte. Xi is geen liberaal maar een mercantilist.
Strategie:
1e Made in China 2025. China leert, leent, past aan en schaalt op, tot een technologische supermacht die van niemand (!) afhankelijk is.
2e Nieuwe Zijderoute. Vergt een tien keer zo grote investering als het Marshallplan. Pakistan. Sri Lanka. Hongarije. Griekenland.
Rotterdam zal dankzij investeringen in Piraeus en Duisburg concurrentie gaan ondervinden. De logica van de macht is wezenlijk anders dan de logica van de markt.
Zal Xi de soevereiniteit van andere landen respecteren? Nee.
De reikwijdte van het nieuwe keizerrijk is ‘tianxia’ d.w.z. alles onder de hemel, te beginnen in Hong Kong en Taiwan.
Het Verenigd Front Arbeidsdepartement.
Doel is vier verhalen propageren: China is beschaving, China is vreedzaam, China is niet te stoppen, China is sterk. Het Verenigd Front probeert gemeenschappen van de Chinese diaspora in te zetten als propagandist of spion. Nieuw Zeeland. Australië. Hongarije. Griekenland. Tsjechië.
Tevens: Chinese Students and Scholars Association. 16 afdelingen in Nederland (w.o. Groningen).
CONCLUSIE
Xi oefent een fundamentele invloed uit op de liberale wereldorde en de Europese politiek, economie en cultuur.
Zijn wereldmacht is een machtsmachine met eigen prioriteiten, opererend vanuit een eigen visie op de wereldgeschiedenis. Xi streeft in zijn binnen- en buitenlands beleid allereerst het voortbestaan van de Partij na. Vervolgens neemt hij het welzijn van zijn volk in acht en zijn eigen roem als zijn held. Het welvaren van de Europese wingewesten is geen nastrevenswaardig doel op zich. Xi heeft belang bij een bloeiende Europese economie, een verdeelde Europese politiek en een minder liberale en minder kosmopolitische Europese cultuur.
Het is van belang om te zien dat Xi’s historische dialectiek, zijn verzet tegen de liberale wereldorde, zijn mercantilisme en zijn beïnvloeding van westerse politiek niet zo absoluut of onstuitbaar zijn als hij doet voorkomen.
China’s macht lijkt misschien totalitair, of pragmatisch, of regressief, of postmodern, maar bestaat vooral uit een complexe constellatie van fluïde eigenheden.