Ben ik een barbaar?
"Het kost al heel veel moeite om je eigen kluitje aarde te begrijpen", schrijft Alessandro Baricco in de inleiding van zijn tot boekvorm uitgegroeide verzameling essays en toch onderneemt hij een poging om de verschuivingen of de 'mutatie' van onze cultuur te vatten. Hij benoemt onze tijd zelfs als een kantelmoment dat net als de Verlichting de hele wereld opnieuw definieert.
Zijn we dan al toe aan het post-postmodernisme en kan er in onze 'zeitgeist', die wordt gekenmerkt door snelheid, oppervlakkigheid en overdaad, überhaupt sprake zijn van een eenvormige beweging of stroming?
Baricco biedt met zijn ‘barbaren’ een pilletje aan tegen het cultuurpessimisme dat wordt gekenmerkt door een elitair bejammeren van de degeneratie van de cultuur. Jongeren lezen niet meer, geen kat weet nog wie Frida Kahlo was en over een aantal jaar is De Goddelijke Komedie enkel nog dat obscure boek dat ter inspiratie diende voor Dan Brown. Maar volgens Baricco valt het allemaal best mee.
"Is onze beschaving om zeep omdat u niets over deze vrouw weet?" Dat stond als onderschrift bij een afbeelding van Frida Kahlo op een cover van dS Weekblad toen er een artikel in verschenen was over De barbaren. Een vraag waar mijn leerlingen stil van worden. Uiteraard kennen zij Kahlo niet (meer). Astrid Bryan, die in de inleiding van het artikel wordt genoemd, kennen ze dan weer allemaal. Wat gegniffel ondersteunt de helaasheid der dingen.
Is onze beschaving aan het afglijden? Verloedert onze cultuur? Worden wij kinderen van de oppervlakkigheid, de bitesize massa'cultuur'?
Een aantal van mijn leerlingen sluit zich aan bij Baricco. Ook volgens hen valt het al bij al nog mee. Ze weten nog wie Osama Bin Laden is en de 'écht belangrijke mensen', die kennen ze nog.
Wat me vooral stoort aan de analyse van Baricco is het belang dat hij hecht aan het onderscheid tussen 'hoge en lage' cultuur. Highbrow en lowbrow. Virginia Woolf en Spider-man. Walter Benjamin en Mickey Mouse. Blote vrouwen en strips worden in Baricco’s discours onmiddellijk en onverbiddelijk verbannen naar de lagere regionen. Maar goed dat hij niets over videogames schreef. In zekere zin beweert Baricco dat hij de sleutel tot het begrip van de nieuwe cultuurstroming gevonden heeft in het samengaan van hoog en laag, in het vervagen van de grens tussen die twee. Hoge cultuur zou voor sommigen lastig, vermoeiend en verstikkend zijn. Baricco raadt zijn lezers aan om open te staan voor die ‘nieuwe’ cultuur van ‘lage’, wereldse uitingen die aansluiting vinden bij een wereld zonder boeken, een wereld die los van boeken bestaat. Middelmatigheid en oppervlakkigheid beïnvloeden de huidige cultuur zonder die te bedreigen. Of zoals Baricco het stelt: waarom een dure, exclusieve wijn degusteren als je ook ‘hollywoodwijn’ kan kopen?
Laat me dit duidelijk stellen: ik hou enorm van ‘lage’ cultuuruitingen! Ik ben een grote fan van rioolhorrorfilms, van abjecte cultcinema, van comic books, van videogames, van rock ’n roll en extreme metal. Maar ik hou niet van middelmatigheid en oppervlakkigheid. Het antwoord op deze paradox biedt volgens mij een alternatief antwoord op de dreiging van de barbaren.
Volgens mij zit die dreiging geenszins in een steeds groter wordende aandacht voor het lage, in een soort stelselmatig ‘afzwakken’ van cultuur. De dreiging zit hem in het verliezen van kritische geest, in het hersenloos slikken van wat massamedia voorschotelen, in verveling, in apathie -en vooral- in een gebrek aan gretigheid en immersie.
‘Diepgang is een leugen’, poneert de Italiaan. Ben ik zelf een barbaar in die zin dat ik mezelf niet meer kan verdiepen in cultuuruitingen? Misschien. Al te vaak betrap ik mezelf erop gretig en onrustig te neuzen in dvd-hoesen, boekcovers en cd-boekjes zonder dat ik echt de tijd neem om één werk volledig tot zijn recht te laten komen. Maar dat is misschien wat Baricco omschrijft als “het plezier van het bladeren.” En misschien ben ik wel in staat om mezelf te verliezen in literatuur, toneel, muziek, ... Maar dat kost tijd. En moeite.
Het is alsof het idee van schoonheid wordt vervangen door dat van spectaculariteit, het is alsof de techniek de voorkeur krijgt boven de inspiratie, het effect boven de waarheid. Dat is een belangrijk punt, juist om wat het aantoont in een nog altijd sterk romantische beschaving als de onze: het idee dat je om de verhevenheid van de echte waarde te bereiken een kronkelige weg moet afleggen, zo niet een van lijden, dan toch tenminste een van geduld en lering.
Ik beweer niet dat kunst ervaren telkens een opslorpende, afmattende ervaring moet zijn, maar kronkelwegen moeten mogelijk blijven! De Toverberg was voor mij vorig jaar geen eenvoudige wandeling. Maar ik zou het enorm betreuren als dergelijke trektochten niet langer worden gemaakt. Het moet mogelijk blijven om van de snelweg van het ‘Amerikaanse Imperium’ af te wijken. Verzanden we anders niet gevaarlijk snel in een wereld die gedomineerd wordt door uniformiteit?
Daar houdt het voor de barbaar op. Wat heeft het voor zin, vraagt hij zich waarschijnlijk af, om je zo uit te sloven om een minderheidstaal te leren wanneer je de hele wereld te ontdekken hebt, en dan bovendien een wereld die een taal spreekt die hij kent.
Ik vermoed dat ik weet welke taal de taal van de barbaar is. Newspeak!
Ben ik dan een verbitterde cultuurpessimist die vindt dat de nieuwe generatie ongeïnteresseerd, ongenuanceerd en vlak is? Misschien. Ik leef vaak in onvrede met de wereld om me heen. Dat komt vaak door een gebrek aan gretigheid en immersie. En door talentenjachten op tv. Maar daar schrijf ik een andere keer over. Als een van mijn leerlingen met één oor een nummer van een tieneridool op een gsm beluistert en na een aantal seconden over het schermpje veegt om fruit fijn te hakken en weer wat later een nietszeggende statusupdate de wereld instuurt, dan maak ik mij zorgen. Anderzijds, ik daag elke cultuurpessimist uit om een optreden van Steak Number Eight te ervaren en me achteraf te komen zeggen dat ‘de jeugd’ niet langer tot overgave in staat is.
Uiteindelijk heb ik het boek van Baricco twee sterren gegeven. De Italiaan en ik zijn het over vele zaken oneens en ik stoorde me bovendien aan zijn schijnbaar spontane schrijftaal en zijn flauwe humor. Wat niet wegneemt dat Alessandro Baricco met De barbaren een onwaarschijnlijk boeiend boek heeft geschreven. Zelfs een middelmatig boek kan tot denken aanzetten…
‘Diepgang is een leugen’, poneert de Italiaan. Om zijn ongelijk te bewijzen ‘verdiep’ ik me het komende uur in Pelegial, een conceptalbum van The Ocean waarin de band laag per laag afzakt naar de donkere kern van de oceaan. Diepgang is geen leugen, maar als we als samenleving niet langer in staat zijn om gretig te zijn en niet langer het verlangen koesteren om te worden ondergedompeld, dan vrees ik dat de barbaren voor de deur staan.