EdgeZero verzamelt en beoordeelt separaat de sciencefiction-, fantasy- en horrorverhalen die in Nederland en Belgie gedurende 2019 zijn gepubliceerd, danwel hebben meegedongen in een van de diverse verhalenwedstrijden. Op basis van een jurybeoordeling door een voldoende grote jury, wordt een longlist samengesteld die nogmaals door alle juryleden wordt gelezen en op rangorde wordt geplaatst. De beste verhalen, een van elke auteur, verschijnen in de jaarlijkse EdgeZero bundel.
Mike has published flash fiction, short stories and longer work in various anthologies and magazines in the Netherlands and Belgium. Since 2012 he has published internationally and so far has over a hundred stories published in 12 languages.
Obviously he lives in the Netherlands, in Hilversum which is close to Amsterdam. He has won awards for best new author and best author in the King Kong Award in 1991 and 1992 respectively as well as an honorable mention for a submission to the Australian Altair Magazine launch competition in 1998. He won Fantastels and the Literary Prize of Baarn in 2012, Godijn SF/F Award in 2020 and the 'Mossy Statue' achievement award in 2021.
Since 2015 Mike also organizes the EdgeZero competition that publishes the best stories that were published or participated in contests in the previous year, as an attempt to get more stories into the public view.
His first English story collection is "Ophelia in My Arms"; the novel "The Failing God" appeared late 2013.
Mike heeft Flash Fiction, korte verhalen en langer werk gepubliceerd in verschillende verhalenbundels en bladen in Nederland. Daaronder de magazines Cerberus, Wonderwaan, Ator Mondis en de Babel-SF en Verschijnsel verzamelbundels zoals Ragnarok en Zwarte Zielen. Vanaf 1991 is Mike aan het schrijven geweest aan verschillende korte verhalen en is hij begonnen aan zeven romans, waarvan de eerste twee inmiddels af zijn ("De Falende God" en "In Schaduwen van Weleer".) Daarnaast heeft hij in verschillende King Kong Award en Millennium Prijs Jury's gezeten en heeft hij samen met Roelof Goudriaan een jaar of tien aan Babel Publications gewerkt.
In 1991 won hij de Rob Vooren prijs voor beste nieuwe auteur en in 1992 de King Kong Award voor beste korte verhaal, samen met Paul Harland. In 2012 won Mike zowel de jury- als de publieksprijs in de literatuurprijs van het Baarns Cultureel Festival en de Thor Verhalenwedstrijd van het SaBi Verhalenforum. In 2013 kwam daar een eerste plek in de Fantastels 2012 verhalenwedstrijd bij.
Na een schrijfhiaat van zo’n tien jaar schreef Mike eind 2011 zijn debuutroman, De Falende God, een breed opgezette dark fantasy roman, eerste deel van een pentalogie die ergens in 2013 afgerond moet zijn. Het tweede deel ‘In Schaduwen van Weleer’ verscheen in de loop van 2012 bij Verschijnsel. Deel drie, 'Het Afwezige Licht', kwam in 2018 uit. Meer recent schrijft hij ook veel in het Engels en publiceert op de Engelse markt voor bladen en verzamelbundels, mede omdat daar in Nederland niet genoeg ruimte voor is. Een bezigheid die hij ook weer heeft opgepakt is het hoofdredacteursschap voor uitgeverij Verschijnsel (de voortzetting van Babel Publications), waar zijn voornaamste aandachtsgebied de e-publicatie-markt is.
Het begint een jaarlijkse traditie te worden: het verschijnen van de nieuwe editie van EdgeZero, met de beste verhalen uit het fantastische genre die het voorgaande jaar hebben meegedaan aan verhalenwedstrijden of zijn gepubliceerd in bundels en tijdschriften. Ook een jaarlijkse traditie is de discussie over EdgeZero: is de jury wel objectief? Hebben schrijvers die veel verhalen opsturen een oneerlijk voordeel? Waarom staan de winnaars van verhalenwedstrijden er niet in? Allemaal goede vragen, maar het feit blijft dat hier een bundel ligt met een collectie van erg goede verhalen die in het voorgaande jaar zijn verschenen die de diversiteit van wat Nederlandstalige auteurs publiceren duidelijk in beeld brengt. Je ziet er welke bundels en tijdschriften kwaliteit leveren en welke auteurs je in de gaten moet houden. Maar we zouden geen schrijvers zijn als we niets te discussiëren zouden weten ... In elk geval heb ik van het lezen van de bundel genoten. Natuurlijk waren er een paar verhalen die me niet zoveel deden of die me tegen stonden, vanwege de onderwerpskeuze, of de cynische atmosfeer. Daar hou ik niet van, maar dat is een persoonlijke voorkeur geen objectieve waarheid. Ook waren er weer verhalen die ik al kende, maar dat kan ook niet anders aangezien ik probeer bij te houden wat er op het gebied van de fantastische literatuur verschijnt in Nederland (de verhalen uit Ganymedes 12 en 19 kende ik daarom al). In elk geval niet één bundel die domineerde, zoals vorig jaar 'Lovecraft in de polder.' Het was geen straf de verhalen die ik al kende, opnieuw te lezen en ik vond voor mezelf genoeg nieuws. Verder interessant is het zien terugkeren van thema's in meerdere verhalen. Er waren meerdere verhalen over het leven na de dood en karakters die uit een hel in een hemel probeerden terecht te komen. Er waren meerdere verhalen over parallelle universa. En meerdere verhalen over een toekomstig Nederland waar het helemaal is misgegaan. Heeft het opkomen van die thema's te maken met de situatie in de wereld onder mensen als Trump? Verlangen we naar een alternatieve werkelijkheid? Vragen we ons af of we goede mensen zijn of niet? De bundel begint met 'Kus de bruid' van Tais Teng. Vintage Teng, om het zo maar eens te zeggen, vol ideeën (zoals de Serengeti-toren, waarin de natuur in leven wordt gehouden). Met een wrange twist. Bart de Wolf draagt een sterk gedicht bij met een horrortintje. Gevolgd door 'Hovenier gezocht' van Eowen Valk. Daar had ik iets meer van verwacht. De situatie is leuk, maar het miste wat verdieping, zoals over de natuur van de boom. Over mijn eigen verhaal zal ik het natuurlijk niet hebben. 'Wartna' van Jan J.B. Kuipers zal genieten zijn voor liefhebbers van zijn werk, maar ik vond het erg cynisch en te grimmig. Hij schrijft ontegenzeggelijk prachtig, maar zijn verhalen zouden gediend zijn met wat lichtpuntjes in de duisternis. Jorrit de Klerk is een van de Nederlandse 'hard SF'-schrijvers die ik zeer waardeer. Zijn verhaal '#BlueBlobTalking' neemt de huidige social media op de hak en is een commentaar op onze mentaliteit als mensen. Het is vooral satirisch, dus lees het niet als een te serieus SF-verhaal. Django Mathijsen volgt het voorbeeld van Teng en Boekenstein en komt met een nieuw genre: Fietspunk. Een parodieverhaal waarin een fietspad naar de maan wordt aangelegd. Op zich onderhoudend, maar wat te lang en de hoofdpersoon pleegt een moord waar later niet meer op wordt teruggekomen. Debby Willems is zoals altijd sterk met 'De poort naar het paradijs'. Ze speelt vaker met het contrast tussen hemel en hel in haar verhalen, zoals ook in haar verhaal uit EdgeZero - De beste genreverhalen uit 2017. 'Elvis moet Dood' van Bo Balder was goed geschreven, en bevatte weer een parallel universum, maar het einde vond ik wat zwak en flamingo's eten geen kikkers. 'Xtreme teleshopping' was grappig, vooral de twist helemaal aan het einde, maar was verder voor de lengte van het verhaal een beetje een lichtgewicht. 'Nachtdienst' van Kelly van der Laan was een sterke horror. 'Het spook in het homobos' van Dirk Bontes was ... grensverleggend? Niet mijn type verhaal. 'Kussen onder de dijkbomen en wolkenschepen' van Tais Teng en Jaap Boekestein was een geweldige Ziltpunkvertelling over een bijna onherkenbaar toekomstig Nederland. 'De vijfde' van Maarten Luikhoven toonde overtuigend een postapocalyptisch Parijs en had een leuke wending wat betreft de identiteit van de hoofdpersoon. 'Schoolreisje' van Paul van Leeuwenkamp toonde een postapocalyptisch Nederland, al had het verhaal wel wat meer om het lijf mogen hebben. Jaap Boekestein doet 'Sword & Scorcery' in 'De Mummiehaler van Wynxk'. Een tijdreisplot, maar het einde overtuigde me niet. Hoe kan zijn eigen lijk er liggen als hij naar het heden is teruggekeerd? Django Mathijsen en Anaïd Haen geven een gevoelige blik in het hiernamaals en geven de gevoelens van iemand die zijn geliefde ziet wegkwijnen door dementie mooi weer. Joost Uitdehaag stelde me niet teleur met 'De begeerten van vreemden', dat op invoelende en eigenlijk ontroerende manier laat zien hoe ver we zouden kunnen gaan met DNA-manipulatietechnologie. 'Vlak voor de zoveelste zondvloed' van Reinder Veelinx was kort, maar krachtig (ook weer een veranderd Nederland). 'Leesherinneringen, nooit vervagend' van Frank Roger beschreef een situatie, maar vertelde naar mijn mening geen verhaal. Het verhaal 'Lente in de wintertuin' van Mike Jansen vond ik wel weer heel sterk. Sfeervolle beelden, gevoelig beschreven relaties. Een goede afsluiter van de bundel die laat zien dat Mike wel degelijk in de bundel thuishoort, zelfs al helpt hij met het organiseren van de wedstrijd. Nu moet ik alleen nog de beste drie bepalen en doorgeven aan slush@edge-zero.com zodat de winnaar van deze editie van EdgeZero kan worden bepaald! En hopelijk komt er volgend jaar een nieuwe editie!
Samen met de jaarlijkse Ganymedes-bundel is de Edge.Zero bundel een goede staalkaart van de sf/fantasy/horror korte verhalen gepubliceerd in het Nederlands. Ook dit jaar weer voor ieder wat wils.
We beginnen met een inleiding door samensteller Mike Jansen. Ik geloof niet dat onze politieke denkbeelden erg met elkaar overeen komen, maar goed. De afsluitende pagina's met de publicatiemogelijkheden voor schrijvers van het fantastische genre zijn zeer welkom.
‘Kus de bruid’ van Tais Teng is een typisch Teng verhaal, humoristisch, boordevol ideeën, aan de korte kant. Dan een gedicht van Bart de Wolf. Meer een verhaalidee in gedichtvorm.
‘Hovenier gezocht’ van Eowen Valk is een horror verhaal dat ophoudt zonder een echt einde.
‘Kwantumzelf Inc.’ van Johan Klein Haneveld is een near future sf verhaal. Het idee van de kwantumzelf is echt goed gevonden. Einde vond ik niet 100% bevredigend, het ‘waarom’ van de geboden oplossing miste ik enigszins.
‘Wartna’ van Jan J.B. Kuipers is een historisch fantasy verhaal, zoals hij er meer schrijft. Meestal vind ik zijn verhalen net even iets te cynisch, maar deze vond ik erg geslaagd.
‘#BlueBlobTalking’ van Jorrit de Klerk is weer een near future sf verhaal. Een leuk gevonden kritiek op social media en de huidige AI ontwikkelingen. Leuk einde.
‘Fietspunk’ van Django Mathijsen was met net ff teveel met een knipoog. Een alternative history fantasy/steampunk verhaal. Grappig bedoelde verwijzingen en vertalingen naar bekende mensen en plekken haalden me net wat teveel uit het verhaal.
In ‘De poort naar het paradijs’ van Debby Williams bevindt het hoofdfiguur zich in het portaal voor de hemel en moet besloten worden of ze verdient er naar binnen te gaan. Voor een zo seculier land als Nederland verbaasd me altijd hoeveel fantasy verhalen er over hemel, hel, engelen en duivels er geschreven worden. Ik kom ze hier meer tegen dan in de Engelstalige fantasy die ik lees. Niet aan mij besteedt, vooral door de moraal die er over het algemeen wel erg dik op ligt.
‘Elvis moet dood’ van Bo Balder speelt zich af in een parallel universum waar Elvis is blijven leven. En blijkbaar heeft dat een zeer negatieve uitwerking op de hele wereld. Het waarom is me niet duidelijk geworden, en het einde lost dit niet echt op.
‘Xtreme teleshopping’ van Andriaan van Garde is een humoristisch sf verhaal. Het was me niet helemaal duidelijk wanneer het nou afspeelde. Grappig, maar er leek wel erg veel geleend uit de eerste ‘Gremlins’ film. Ook langer dan echt nodig.
‘Nachtdienst’ van Kelly van der Laan was niet het meest originele horror verhaal, maar wel precies hoe horror moet zijn, creepy en spannend tot het eind.
‘Het spook in het homobos’ van Dirk Bontes was mij veel te puberaal. Lachen om erecties? Tja.
‘Kussen onder de dijkbomen en wolkenschepen’ van Tais Teng en Jaap Boekestein. Vooral bekende Tais Teng onderdelen, beginnend bij de lange titel. Veel van zijn inmiddels bekende ziltpunk world building. Leuk, onderhoudend verhaal, maar voor een verhaal in de toekomst vond ik de man/vrouw verhoudingen en de ‘er zijn 2 manieren waarop een vrouw aantrekkelijk kan zijn’ wel erg gedateerd overkomen.
‘De vijfde’ van Maarten Luikhoven was niet helemaal mijn ding, maar deze post-apocalyptische fantasy zie ik zo verfilmd worden in een nieuwe Netflix serie.
Bij ‘Schoolreisje’ van Paul van Leeuwenkamp miste ik een verhaal, maar ik zag later dat dit een verhaal was geschreven in de stijl van de mij onbekende schrijver Wim Burbunk.
‘De Mummiehaler van Wynxk’ van Jaap Boekestein is onvervalste sword & sorcery. Meer van dit! Ik mis in de Nederlandse sf/fantasy/horror korte verhalen bundels vaak de secondary world fantasy, terwijl bij de Nederlandse fantasy romans die juist de boventoon voeren. Een geslaagd verhaal.
‘Op zoek naar de poort’ van Djando Mathijsen Anaid Haen. Valt in het straatje van het verhaal van Debby Williams. Niet echt aan mij besteed.
‘De begeerten van vreemden’ van Joost Uitdehaag is een mooi staaltje near future sf waarbij de consequenties van genetische manipulatie aan de kaak gesteld worden. Een van de betere verhalen uit de bundel.
Ondanks het thema van ‘Vlak voor de zoveelste zondvloed’ van Reinder Veelinx wat in de huidige tijd aardig toepasselijk is, vond ik het einde wat tegenvallen. Misschien had dit in een wat langer verhaal beter uitgewerkt kunnen worden.
‘Leesherinneringen, nooit vervagend’ van Frank Roger vond ik mooi en sfeervol. Het idee van herinneringen aan fictionele fictie-werken (volgt u het nog) vond ik erg goed gevonden.
‘Lente in de wintertuin’ van Mike Jansen was een van de andere hoogtepunten van de bundel. Geschreven voor de Ganymedes 12 editie in de stijl van Paul Harland. Een goeie mix van de stijl van beiden als je het mij vraagt.
Al met al weer een mooie afwisselende bundel met oudgediende en nieuwe namen.