Een droge bedrijfsgeschiedenis, van een bedrijf dat op te grote afstand van het speelveld (Indonesie, India, China, Japan) geleid wordt door een collectief van zakenlieden die allemaal zo hun eigen belangen hadden en lieten prevaleren. Dit weten we ervan, kijk, zo was het nou eenmaal, leuker wordt het niet. Geen heroïsche verhalen want feitelijk alles afgekeken en gestolen van de Portugezen. Rond 1800 formeel opgeheven, want: failliet.
Toch kon ik de neutrale toon wel waarderen. Een verademing in de huidige discussie over ons koloniaal verleden dat door hoge morele verontwaardiging en emoties gekenmerkt wordt.
Het is klunen, maar als je eenmaal over de eindstreep bent heb je een breder overzicht van de VOC als fenomeen en van de vele aspecten die tot de groei, bloei en ondergang van dit bedrijf geleid hebben, een bedrijf met 30.000 man personeel in dienst in een tijd dat Nederland maar 2 mln inwoners had. 'n Beetje trots ben ik wel, stiekem.