De twee novellen in dit boek staan in het teken van muziek en theater en vinden hun oorsprong in de periode dat Arthur Japin nog als acteur en zanger door het leven ging. In Dooi verplaatsen we ons in het hoofd en het eenzame leven van een klassiek zangeres, die - op kerstavond onderweg - ten gevolge van sneeuwbuien strandt in een sfeerloos hotel langs de snelweg. Haar eenzaamheid brengt haar terug bij haar enige manier van expressie: het zingen. Voor de stof van deze novelle maakte Japin dankbaar gebruik van de tijd dat hij figureerde bij de Nederlandse Opera. In Zeep repeteert een actrice voor een toneelstuk dat door de maker geafficheerd wordt als 'De nieuwste Euripides' hoewel het door hemzelf is geschreven. De actrice komt voor belangrijke beslissingen te staan: ze moet kiezen tussen roem en eer, vernedering en liefde. Zeep is ontleend aan de twee zomers dat Japin in het Openluchttheater in het Amsterdamse Bos speelde. 'Zien en gezien worden, daar gaat het om in deze verhalen,' aldus de auteur zelf. 'De vrouwelijke hoofdpersonen spelen en worstelen met de consequenties van het bekeken worden en het jezelf tentoonstellen.'
Taaltechnisch sterk, stilistisch ook wel te pruimen. Het register is bij momenten wel een beetje Hollands en het onderwerp boeide me niet héél erg. Het nawoord is verhelderend.
Vooral de tweede novelle vind ik erg mooi. De eerste was veel informatie over de handelingen van de hoofdpersoon wat mij niet echt aanspreekt maar later werd het wel mooier. De tweede had complexe personages en was interessant
In ´De klank van sneeuw´ zijn de twee korte verhalen ´Dooi´ en ´Zeep´ van Japin gebundeld.
De samenhang van de twee verhalen is subtiel, het zit hem vooral in karaktereigenschappen van de hoofdpersonen. Toch is er zeker een gevoelsverwantschap tussen de verhalen en doet het niet vreemd aan deze verhalen gebundeld te lezen.
De eerste novelle, ´Dooi´, is het verhaal over een eenzame zangeres, die we een avond volgen op haar hotelkamer. Het is een goedgeschreven verhaal, met het typische inlevingsvermogen van Japin dat een karakter zo mooi leven inblaast. Het verhaal is echter net te kort om echt in het karakter te kruipen, en met haar mee te voelen en denken op een niveau zoals dat wel gebeurt in zijn romans.
'Zeep' zit bijzonder goed in elkaar. Het verhaal over een actrice en haar partner weet met zijn korte lengte bijzonder snel te boeien. De actrice oefent gedurende het verhaal een script, dat allegorisch is voor het hoofdverhaal zelf. Dit zou heel gekunsteld over kunnen komen, maar het is zo goed uitgevoerd dat dit zeker niet het geval is. Ook de titel valt na het lezen geheel op zijn plaats dankzij de parallel tussen de hoofdlijn en het script dat de actrice oefent.
De lezer die iets meer van Japin zelf af weet herkent veel van hem in zijn karakters, zoals zijn achtergrond in theater, zijn rolletje in soap 'Onderweg naar morgen' en zijn daarbij behorende karaktertrek om zijn linker wenkbrauw op te trekken als sekteleider die hij in deze serie speelde.
Oordeel: Goed geschreven verhalen, maar net te kort om je zo vast te pakken als andere werken van Japin dat kunnen.
In 2013 heb ik voor het eerst naar dit boek geluisterd. Ik ben wel fan van Arthur Japin, dus ik heb nog een keer naar dit luisterboek geluisterd. Destijds vond ik het tweede verhaal niet zo geweldig. Ik moet zeggen dat het tweede verhaal mij dit keer beter beviel dan de eerste keer. Al vond ik een van de personages wel wat irritant, maar volgens mij was dat juist de bedoeling van de schrijver. De vorige keer heb ik dit boek maar twee sterren gegeven. Nu toch een ster meer, omdat ik het tweede verhaal nu beter vond.
Dit boek is ook uitgebracht onder de titel De klank van sneeuw. De verhalen zijn hetzelfde.
Review : Arthur Japin (1956) studeerde enkele jaren Nederlandse taal- en letterkunde in Amsterdam om daar vervolgens de theaterschool te doorlopen, waar hij in 1982 afstudeerde. Hij speelde diverse rollen voor radio en televisie en op toneel bij onder andere Toneelgroep Centrum en de Theaterunie. Ook zong hij een kleine rol bij de Nederlandse Opera. Ondertussen schreef hij diverse korte verhalen, hoorspelen, toneelstukken en televisiefilms en debuteerde hij in 1996 met de verhalenbundel Magonische verhalen. Zijn debuut werd veelgeprezen in de literaire kritiek.
Tijdens de boekenweek 2006 bracht uitgeverij De Arbeiderspers van Japin een tweetal novellen uit onder de naam De klank van sneeuw. Deze twee novellen - Dooi en Zeep - draaien om zien en gezien worden, aldus de auteur. 'De vrouwelijke hoofdpersonen spelen en worstelen met de consequenties van het bekeken worden en het jezelf tentoonstellen.' Er zijn in het boek twee novellen opgenomen en een nawoord van de auteur.
Een klassieke zangeres strandt in een sfeerloos hotel langs de snelweg. Zij voelt zich bespied door de onbekende bewoner van de naastgelegen kamer. Haar eenzaamheid is bijna tastbaar en brengt haar terug bij de enige vorm van expressie die ze kent: het zingen. In Zeep repeteert een actrice voor een toneelstuk dat door de maker geafficheerd wordt als 'de nieuwe Euripides' maar daar hemzelf geschreven is. Ze komt voor belangrijke beslissingen te staan: de keuze tussen roem en eer, vernedering en liefde.
Beide verhalen grijpen terug op de periode dat Arthur Japin nog als acteur door het leven ging, vertelt hijzelf in het nawoord. Dit boekje biedt twee mooie fragiele verhalen.
"Die laatste scène eindigde met de cliffhanger van deze week [...] Na haar slotzin liet Lea dus de telefoon een beetje zakken en met haar lippen iets uiteen keek ze vlak langs de camera, die gedurende tien seconden langzaam op haar in zoomde. Eerst keek ze daas, alsof de boodschap niet tot haar doordrong. Daarna sperde ze haar ogen wijd open en realiseerde zich ineens iets afschrikwekkends. Ten slotte, vlak voor het beeld op zwart ging, trok ze haar linker wenkbrauw op."
Het eerste verhaal over de eenzame zangeres vond ik prachtig. De stijl was gewaagd en zoals Reve dat ook doet werd er veel emotie weergegeven zonder het erover te hebben. De eenzaamheid drong door zonder een letterlijke vermelding. Het tweede verhaal vond ik dan iets minder.
Het eerste verhaal was in het begin confronterend. Om te lezen over karaktereigenschappen die je zelf ook hebt, maar vervolgens overwint ze de koelte en wordt het een poëtisch en krachtig verhaaltje.
Twee korte verhalen. Herkenbaar geschreven, wellicht meer voor mensen in of na het theaterleven. Niet het sterkste werk van Japin, wel uitermate vermakelijk.
Na een positieve eerste lectuur krijgt deze Japin na herlezing een flinke knauw. Veel betweterig geneuzel van 2 vrouwen die je kouwe kleren niet raken, een oppervlakkige inkijk in hun oninteressant alledaags bestaan. Het helpt ook niet als je in het luisterboek de te expliciete gezwollen voordracht van de auteur erbij krijgt, wat het effect soms aanstellerig maakt.
“Het tegendeel is waar. Wij voelen de passie heviger dan zij. Daarom geven wij ons er niet aan over. Ons gevoel zou overstromen. Wij zouden erdoor worden overspoeld. Wij moeten het wel indammen om niet te verdrinken. Wij zijn droog zoals sneeuw droog is. Onze hartstochten hebben wij bevroren. Maar het kan elk moment gaan dooien.”