Sita groeit op in het Suriname van de jaren vijftig, ergens tussen het oerwoud en de stad, in een gebied waar mango- en guavebomen groeien en de muskieten onophoudelijk gonzen. Te midden van die natuur vol avonturen zou Sita zich het liefst verliezen in de po‘zie van de Tachtigers. Maar daarvoor is nauwelijks tijd, want na het overlijden van haar moeder draagt ze de zorg voor haar autoritaire vader en haar zwijgzame broertje Ata. De stilte in huis beklemt haar en roept vragen bij haar op. Waarom praat niemand over het verleden? Waarom verliet haar grootvader de familie en vertrok hij na het aflopen van zijn arbeidscontract terug naar India? Haar zoektocht naar antwoorden loopt telkens op niets uit. Niemand kan of wil haar helpen. In de tussentijd moet ze zich staande houden op school, tussen haar klasgenoten van verschillende afkomst, die tegenstrijdige opvattingen hebben over religie en emancipatie. Ze moet vechten voor haar toekomst, voor een plek binnen de maatschappij die als een gevaarlijk oerwoud voelt. Als ze vlak na haar examens zwanger wordt van haar buurtgenoot Islam, zit er niets anders op dan met hem in het huwelijk te treden. Het betekent het einde van de toekomst die ze voor ogen had, waarin ze eindelijk vrij zou zijn. Dat stelt haar voor eenzelfde vraag als haar kiest ze voor zichzelf, of voor haar familie? Bea Vianen overleed in 2019. Nu, meer dan vijftig jaar na de eerste publicatie van haar debuutroman, verschijnt haar Suriname, ik ben opnieuw. Het is nog even actueel en aangrijpend als toen.
Bea Vianen (1935-2019) was de meest gelezen auteur van Suriname in de jaren zeventig en tachtig. Haar romans Sarnami, hai (1969) en Strafhok (1970) zijn klassiekers, behorend tot de belangrijkste boeken van het land. Ze schreef in zowel proza als poëzie over de verhoudingen tussen de Surinaamse bevolkingsgroepen, over haar Hindoestaanse afkomst, over de schoonheid en beklemming van haar land, dat wordt beheerst door een koloniaal verleden. Vianen wisselde periodes aan beide kanten van de oceaan met elkaar af en werd 83 jaar.
Ik dacht dus altijd dat ik me nooit zou kunnen herkennen in Surinaamse literatuur, omdat ik geen enkel referentiekader in die richting heb, omdat het niet mijn verhaal was om te lezen, niet mijn pijn om te voelen en me mee te identificeren. En toen las ik dit boek. En nu voel ik me schuldig dat ik Surinaamse literatuur altijd op voorhand afschreef omdat het “niet voor mij” was. Ik voel zo veel meer begrip, ik voel herkenning op totaal onverwachte punten, ik ben door dit boek heen gevlogen en ik wil meer. Mocht je nog andere klassiekers hebben om mijn bewustzijn te vergroten, dan hoor ik ze graag!
Surinaamse coming-of-age story over een jong meisje die zich gevangen voelt in haar milieu. De kritiek op het gebrek aan vrijheid is voelbaar en het tekent ook de etnische verdeeldheid in Suriname. Helaas is het echter langdradig opgeschreven, met veel onnodige informatie en matige dialogen waardoor het voor mij werken was om te lezen.
Het verhaal springt soms van de hak op de tak en dialogen evenzeer, wat het soms fragmentarisch maakt met weinig ontwikkelingen in gesprekken en gebeurtenissen. Tegelijkertijd is dit juist de charme van het boek en zorgt het fragmentarische voor authenticiteit in het schetsen van de belevingswereld van een Hindostaans meisje. Ik vond veel in ieder geval heel herkenbaar.
Verder veel prachtige beeldspraak en poëtische zinnen!
Een indrukwekkende roman waarin Bea Vianen het Suriname van vijftig jaar geleden geweldig heeft geportretteerd. Het is een aangrijpend verhaal: hoofdpersoon Sita probeert zich vrij te worstelen van haar ondergeschikte rol als vrouw in de maatschappij, maar krijgt tegenslag na tegenslag te verduren.
Voor wie meer wil leren over Suriname en haar wortels, doet er goed aan Suriname, ik ben te lezen.
"Het bloed stroomt langs en tussen haar vingers en druppelt zachtjes in de wasbak. Ze kijkt ernaar en denkt: ik leef, ik leef."
Deze Surinaamse klassieker maakte vooral indruk doordat Vianen Suriname zo levensecht beschrijft. Door de geluiden van de krekkels in het hoge gras, de producten in de Chinese winkel en de geur van gebakken rijst brengt Vianen je zo naar het Suriname van de jaren '50, waar moslims, hindoestanen en de oorspronkelijke bewoners op gespannen voet met elkaar samen leven.
Sita's 'coming-of-age' verhaal vond ik minder sterk. Het conflict wat er leeft binnen haar eigen familie is al sterk en spannend genoeg, maar halverwege - als Islam zich aandient - lijkt Sita zich maar half bewust van de keuzes die ze maakt. Door de korte schrijfstijl kwam ze verder ook niet heel dichtbij de lezer, dus maakte haar worsteling voor vrijheid ook geen grote indruk op mij.
Een interessante klassieker wiens hoofdpersoon zeker iets te vertellen heeft, maar wat niet helemaal overkomt. 3 sterren.
Ik had het zo graag goed willen vinden, omdat het op papier aan bijna alles voldoet. Het leest helaas enorm stroperig en op geen enkel moment lukt het me om mee te gaan in Sita's verhaal. Terloopse stijlfiguren en een wat ruw verloop van gebeurtenissen maakten het dat ik het bijna niet meer wilde uitlezen. De premisse en weergave van een niet harmonieuze interreligieuze samenleving vond ik dan wel weer bijzonder weergegeven, geheel tegen het cliché in dat men er "met elkaar leeft".
Er is veel dat raadselachtig blijft bij lezing van dit boek, waarschijnlijk vooral door de afstand in cultuur, geografie en tijd. Maar het is helder dat er voor de intelligente en ijverige S. weinig opties zijn. Mannen die deugen zijn er eigenlijk niet: ze slaan hun vrouwen en hun dochters, het zijn listige handelaars die hun partners bedriegen, ze negeren hun kinderen, ze wantrouwen iedereen uit andere ethnische groep. Aanranding is hun manier van hofmakerij. S. trouwt de man die haar bezwangerde, maar er bestaat geen enkele band tussen beiden. Daartoe door hem gedwongen besluit ze uiteindelijk hun kind in zijn handen achter te laten om in Nederland te gaan studeren. Daarmee gaat haar zoontje opgroeien zonder moeder, en weet ze de cyclus van in ellende opgroeiende kinderen niet te doorbreken. Toch wordt dit als een triomf beschreven; de tot dan toe alleen met haar initiaal aangeduide S. wordt nu voluit Sita genoemd. 'Ik durf mezelf bij de naam te noemen' (een beetje vreemd, want het was toch de schrijver die haar S. noemde, niet Sita zelf, zou je denken?) Wat zou de titel te betekenen hebben? Is het een zelfbevestiging van Sita, die ten overstaan van haar omgeving, de Surinaamse samenleving, verklaart (als 'vrouw die geen werktuig wenst te zijn'?) een eigen bestaansrecht te hebben? Of moet je het zo lezen dat in het personage Sita eigenlijk een portret van Suriname wordt geschetst? Dat zou vreemd zijn voor een personage dat in zo veel opzichten afwijkt van haar omgeving, en ook zo veel aan anderen (die 'alleen maar willen, eten, slapen en kinderen verwekken') afkeurt. (Citaten p. 188). Wat heeft het precies te betekenen dat de grootvader van S. teruggegaan is naar India? Het had allicht een rampzalig effect op zijn achterblijvende dochter, S.' moeder, maar maakt het uit waarom hij terugging? Interessant om te zien, vanuit onze blik: de onbekommerdheid waarmee verondersteld raciale kenmerken worden gebruikt: 'Het is de neger in hem die hem drijft tot zelfvernietiging en hem tot slaaf maakt van de listige vriendschap en schijnbare welwillendheid van dit aziatische geboefte.' Dit is overigens wel vanuit het persectief van Sita, een zestienjarig meisje dat allicht een groot deel van de vooroordelen van haar omgeving deelt. Je kunt dit niet Vianen aanrekenen.
Interessant begin maar dat zakt al gauw in en met het onderzoek naar haar voorouders gebeurt verder niets meer. Weinig beeldend geschreven, veel tell don’t show. Zo zegt S. (waarom de hoofdpersoon het hele boek met S. aanduiden als na dertig bladzijden eventjes Sita genoemd wordt? De reden die op de laatste bladzijde wordt gegeven overtuigt niet) steeds dat het zo benauwend is met haar strenge vader thuis, maar nergens toont ze het door concrete gebeurtenissen dus de lezer voelt het niet mee. En dat geldt voor vrijwel alles wat er beschreven wordt. Vreemde perspectiefwisselingen waarbij S. opeens het meisje genoemd wordt of de vrouw. In het begin treden veel personages op die niet duidelijk geïntroduceerd worden. Al met al niet overtuigend.
Er is van alles op aan te merken: soms lijken details niet te kloppen met wat je eerder gelezen hebt, soms zijn er rare sprongetjes in de tijd, en sommige zaken / personages worden nogal simpel of nogal zwart-wit (geen woordspeling) voorgesteld, en er gebeurt niet zo heel veel, maar toch, je gaat meeleven met dat meisje en je 'bent' echt in het Paramaribo van die tijd (jaren '50 van de 20e eeuw). Je ziet, hoort, ruikt, voelt de sfeer van die tijd op die plaats (ik ging sommige namen van planten opzoeken om me beter te kunnen voorstellen hoe die eruit zagen!). Je snapt precies hoe dat meisje zich voelt en waarom ze bepaalde dingen doet. Ik wilde heel graag verder lezen en dat is toch wel het belangrijkste criterium voor een goed boek.
2,5 ⭐️ “Een kind wordt geboren, groeit op om later de littekens te herkennen, die er al waren, nog voordat het bestond” Het nawoord was voor mij het mooiste aan het boek. Het is een schrijnend verhaal over het leven in Suriname voor vrouwen, de gevolgen van kolonisatie, racisme, transgenerationeel trauma en familiepatronen. Maar ik kwam er moeilijk doorheen en werd niet echt gegrepen. Ik ben geen fan van de schrijfstijl. Het was heel veel “tell, don’t show” en ging continu van de hak op de tak. Er zat weinig diepgang in de personages, waardoor ik niet echt meeleefde. De boodschap is mooi, maar de verpakking niet helemaal geslaagd.
Twee sterren dan maar, vanwege de fraaie beschrijvingen van sfeer, atmosfeer, natuur. Het zou waarschijnlijk één ster meer zijn geweest als ik tijdens het lezen niet afgeleid zou zijn geweest van de inhoud van het verhaal, doordat ik me veelvuldig afvroeg wie wie ook alweer was en in welke (familie)verhoudingen de verschillende personages tot elkaar stonden. Enig schematisch overzicht daarvan zou deze heruitgave van Bea Vianens boek zonder meer ten goede zijn gekomen, net zoals trouwens een verklarende woordenlijst.
Het boek van Bea Vianen, geschreven in de jaren zestig van de vorige eeuw geeft een inkijk op de manier waarop verschillende bevolkingsgroepen in het Suriname van toen naast elkaar leefden en wat de gevolgen kunnen zijn als daar interraciale relaties bij ontstaan. Dit gekoppeld aan het wrede contact tussen man en vrouw en de machteloosheid van de laatste maakt het benuauwend verhaal boeiend. Vianen beschrijft op een boeiende manier.
Heel bijzonder om een boek van deze (bijna) vergeten schrijfster uit Suriname te lezen. Intens, broeierig, hoe ze het verhaal van een meisje vertelt dat tegen wil en dank volwassen wordt en daarin gedwarsboomd wordt door tradities, familietrauma’s en de Surinaamse maatschappij vol raciale en religieuze tegenstellingen.
Een ontzettend mooi en krachtig maar ook verdrietig verhaal dat je laat meevoelen met alle karakters. Het is heel beeldend en poëtisch geschreven. Soms voelde het zelfs filmisch aan alsof je in de scène zelf stond. Hier en daar wel wat verwarring over tijdsverandering in het verhaal maar dat deed verder geen afbreuk aan het begrijpen of de beleving van het verhaal.
Hier is moeilijk een aantal sterren aan toe te wijzen. Het is een krachtig verhaal, met een aantal grote thema's die bij mij interesseren, maar ik vond het irritant feitelijk geschreven. Ik begrijp Sita's beweegredenen vaak niet goed door deze weinig invoelbare schrijfstijl. Desondanks het lezen waard.
M'n eerste boek van een Surinaamse auteur geschreven in de jaren 60 van de vorige eeuw. Een kennismaking met een hele andere wereld en daarmee erg boeiend. Het verhaal van de jonge S. is soms echter moeilijk te volgen. Het is duidelijk dat er in haar leven weinig opties en nogal wat dominante mannen zijn, maar de keuzes die ze maakt zijn lastig te volgen.
Waarom heb ik dit nooit op school gelezen? Lijkt me een belangrijke titel in de Nederlandse (koloniale) literatuur Het eerste werk van een Surinaamse vrouw dat door een Nederlandse uitgeverij is uitgegeven. Het boek leest snel, maar tekent ook een uitgebreide setting, waardoor je erg in het leven van Sita wordt meegetrokken.
In dit boek kwam ik in een voor mij onbekende wereld terecht. Niet altijd makkelijk om te lezen maar wel heel boeiend. Met name door het nawoord vielen puzzelstukjes op zijn plaats. Misschien wel goed om het voor een 2e keer te lezen.
Een beklemmende en indrukwekkende roman over een meisje die haar vrijheid achterna gaat in een milieu waar dat onmogelijk lijkt. De strijd van het hoofdpersonage is er een die ik niet snel zou vergeten, evenals de autoritaire manrollen en opmerkelijke taalkeuzes in het boek.
Naast de historische en culturele significantie heeft dit boek weinig te bieden. Het blijft een coming of age verhaal, met een realistisch simplistische stijl en vaak triviale omschrijvingen, waar ik net niet warm van kan worden.
Ik koos dit boek, omdat ik meer wilde leren over Suriname en de Surinaamse cultuur. Dat is zeker wel gelukt. Ook vind ik de ruimtelijke sfeer heel erg sterk beschreven. Een boek om te promoten bij mijn leerlingen, zodat ze het kunnen lezen voor het mondelinge schoolexamen literatuur.
Indrukwekkend verhaal dat je na laat denken over identiteit, opgroeien in een beklemmende cultuur, kolonialisme en vrijheid. Een eye-opener. Wel alleen lezen als je tijd en ruimte hebt om goed na te denken over wat je leest; het is geen gemakkelijk boek.
Beetje saai. Linksaf, rechtdoor. Over de brug. Groene of bloeiende bomen. De regen begint. De regen stopt. Mannen behandelen ons slecht. Ik verzet me. Heel veel familiegedoe. Eind goed al goed.