Soms sta ik voor de boekenkast vol boeken van mijzelf maar ook erfenissen van familie en schoonfamilie en denk ik 'Is er nog iets bij dat ik nog niet heb gelezen?'. Dat is de reden dat ik begon aan het boek 'Gejaagd door de wind'. Het ziet er mooi uit, dik ingebonden met prachtige prenten van Anton Pieck. Omdat ik de film natuurlijk zeker drie keer heb gezien, viel het me meteen op dat het verhaal wel op een raar moment begon, namelijk met de bevalling van het kind van Ashley in Atlanta waarna de hoofdpersoon Scarlett O'Hara met moeder en kind door oorlogsgeweld naar hun plantage 'Tara' vlucht. Het duurde een tijd voor ik ontdekte dat ik in deel 2 aan het lezen was. En nog later bemerkte ik dat er ook nog een deel 3 was. Maar goed, deel 2 dus. Enerzijds is het boek prachtig. Het geeft een geweldig beeld van het leven in de Amerikaanse Burgeroorlog, bezien vanuit het Zuiden. Mitchell is goed in staat om de omgeving gedetailleerd te beschrijven, evenals de atmosfeer, gebeurtenissen en gedachten. Daarom leef je helemaal mee met Scarlett, je bent er echt bij. Het boek geeft ook een veel uitgebreider en diepgaander beeld dan je uit de film krijgt. Scarlett blijkt een zoon te hebben, die in de film niet voorkomt. En aan het eind van deel 2 is ze zwanger, niet van Rhett maar van haar tweede man. En dat is in de film ook nooit gebeurd. In de film is het karakter van Scarlett ook wel mooi gespeeld, maar zij mist het dubbele waarover je in het boek wel leest. Scarlett is voortdurend met zichzelf in discussie. Ze verandert qua persoon door de omstandigheden. Ze strijdt tegen armoede en hoort toch haar moeder in gedachten tegen zich spreken. Ze moet opboksen tegen een omgeving die verwacht dat vrouwen niets doen, terwijl zij wel de verantwoordelijkheid voelt voor haar Tara en vecht tegen armoede. En je leest ook hoe zij besluit haar doel te bereiken ten koste van beschaafd gedrag. Tenminste, ten koste van beschaafd gedrag zoals het in die tijd werd verwacht in het Zuiden. Vrouwen mochten geen bedrijven leiden, en als ze dat deden mochten ze geen winst maken en moesten ze zielig zeggen dat ze het uit noodzaak deden in afwachting van een man om mee te trouwen. Vrouwen mochten in het openbaar hun zwangerschap niet tonen, maar moesten thuis afwachten tot de baby kwam. Vrouwen mochten niet laten merken dat ze hersens hadden. Al die dingen die vrouwen nu wel mogen. Dat beschrijft Mitchell mooi en daarmee geeft ze aan een feministische inslag te hebben. Wat Mitchell ook doet is beschrijven wat de impact is van de oorlog op Scarlett en haar kind. De wijze waarop Scarlett over haar zoontje Wade denkt is daar tekenend voor:
'In die dagen dacht Scarlett nauwelijks aan Wade als aan een levend wezen. Hij was alleen maar een last, een mond, die gevoed moest worden. Later, wanneer de moeilijke dagen achter den rug waren, zou zij met hem spelen, hem verhaaltjes vertellen, hem leeren lezen en schrijven, maar thans had zij daar geen tijd of lust voor. En omdat hij haar altijd in den weg scheen te loopen, wanneer zij erg moe was, sprak zij dikwijls scherpe woorden tegen hem. Het ergerde haar, dat haar verwijten zoo'n angst in zijn ronde oogen brachten, want hij zag er altijd zoo onnoozel uit, wanneer hij bang was. Zij begreep niet, dat de kleine jongen leefde in een angst, te groot voor volwassen menschen om te kunnen begrijpen. Vrees woonde in Wade, een gevoel, dat zijn ziel martelde en hem 's nachts deed schreeuwen' (blz. 86).
Wat opvalt is dat Mitchell de meeste ontwikkelingen van de burgeroorlog omschrijft vanuit de persoon van Scarlett, haar gedachten en ervaringen. Maar wat op een gegeven moment ineens gebeurt, is dat het niet meer Scarlett is die haar mening verkondigt, maar dat de auteur gebeurtenissen als feiten omschrijft. En dan wordt het voor mij een stuk lastiger om het boek te lezen. Zo schrijft Mitchel scherp over het effect van de overwinning van de Yankees op de Zuiderlingen. Ze schrijft dat er geen stemrecht meer was voor de vroegere rijke plantagehouders. En dat zij erg arm werden en zich onderdrukt voelden. Ze beschrijft dat vrijgelaten slaven zich tegoed deden aan alcohol en andere uitspattingen en werden opgehitst tegen hun vroegere eigenaren. En ze geeft de volgende verklaring voor het ontstaan van de Ku Klux Klan:
'Maar deze uitspattingen en gevaren waren niets, vergeleken bij het gevaar der blanke vrouwen, waarvan velen door den oorlog van mannelijke bescherming waren beroofd, die in buitenwijken of aan eenzame wegen woonden. Het groote aantal beleedigingen, haar aangedaan, en de eeuwigdurende angst voor de veiligheid van hun vrouwen en dochters verwekten in de Zuiderlingen een koude woede en werden de oorzaak, dat binnen heel korten tijd de Ku Klux Klan in het leven geroepen werd. En tegen die nachtelijke organisatie protesteerden de couranten van het Noorden het luidst en het heftigst, zonder ook maar iets te beseffen van de tragische noodzakelijkheid, die haar in het leven geroepen had' (blz. 298). Vooral woorden als 'tragische noodzakelijkheid' treffen mij diep. Een auteur beïnvloedt hiermee de lezer op een onderhuidse manier, waardoor het lijkt of het logisch is dat deze racistische organisatie bestaat. Natuurlijk, ik besef dat het boek al zeer lang geleden geschreven is, maar toch... ik heb daar grote moeite mee.