Dit was mijn onderwegboek, maar toen was ik opeens niet meer onderweg door alle nieuwe maatregelen. Uiteindelijk heb ik het toch nog maar even uitgelezen (toch nog onderweg, naar het kerstdiner). Nadat Heijnes vorige essaybundel (Mens/onmens) me ietwat tegenviel, vind ik deze interviewbundel weer zeer geslaagd. Het raakt zo dicht aan alle dingen die nu spelen in de wereld en waar ik samen met de auteur somberheid door voel, zoals bijvoorbeeld: het wegebbende geloof in de wetenschap, de opkomst van het populisme en de toenemende polarisatie, het marktdenken op universiteiten, de steeds verdere verspreiding van desinformatie, de fragmentatie van de publieke ruimte (waardoor er nog weinig gedeelde informatie is tussen mensen) en de vernietiging van een rationeel discours. Maar omdat er in de interviews dieper wordt ingegaan op al deze fenomenen, voel je toch wat geruststelling, omdat je het beter gaat begrijpen en in een breder licht gaat zien, historisch, sociaal, politiek. Er wordt geopperd dat instituties, media, rechtspraak en politiek de mensen weer meer moeten gaan opzoeken. Dat hebben we meer gehoord, in bijvoorbeeld het formatieproces, maar dit boek was al voor die tijd klaar. En het is heel erg waar! Mensen moeten zich weer gezien gaan voelen, zodat ze zich ook betrokken voelen. Ook zegt een van de zeventien geïnterviewden (waaronder antropologen, sociologen, onderzoekers, historici, filosofen, journalisten en activisten uit allerlei landen) dat we ons bewust moeten worden van hoe de tegenpartij functioneert en hem niet gelijk als vijand moeten zien. Er wordt dus bewust nagedacht over oplossingen, waardoor dit boek geen negatieve teneur heeft. Wat een mooie dingen maakt Bas Heijne toch! En dat in coronatijd.