Adriaan Vroklage is opgevoed in een streng gelovig milieu, zijn familie woonde in Maassluis. Hij houdt van schaken, maar hij kan het niet zo heel erg goed. Hij houdt van de natuur, en van fietsen. Hij is niet zo intelligent, hij is machinebankwerker. Hij heeft zichzelf een hoop ontzegd, alleen omdat hij werd aangezien voor Jan Ruygveen, die zich tussen de wal en het schip heeft laten vallen. Hij heeft een sterk gevoel voor goed en fout en stelt (te) hoge morele eisen aan zichzelf.
Maarten ’t Hart made his debut under the name Martin Hart with the novel Stenen voor een ransuil (Stones for a Long-Eared Owl, 1971). He studied biology in Leiden and worked as an ethologist at Leiden University. One of the most important themes in his oeuvre is his childhood in a Calvinist community and his distancing himself from it. His passions for nature and music also constantly crop up in his work. ’t Hart broke through to a wide audience with his melancholy novel about meeting his teenage love: Een vlucht regenwulpen (A Flight of Curlews, 1978). Many novels, short-story and essay collections later, ’t Hart, with his authentic tone and work which often touches upon the tension between biography and fiction, has grown to be one of the most popular and most translated of Dutch authors. In an interview he said: ‘What I like about literature is that one can show a compressed piece of one’s most intimate self.’ Some of his other novels are Het woeden der gehele wereld (The Fury of the Whole World,1993), a Bildungsroman and a thriller in one, De zonnewijzer (The Sundial, 2002), Lotte Weeda (2004) and Het psalmenoproer (Psalms and Riots, 2006), a historical novel.
Die Einstellungen zum Freitod in den reformierten Kirchen der Niederlande in den 50er Jahren. Der Umgang mit Schuld und Sühne in pietistischen Kreisen. Die Spaltung und Fusion von evangelikalen Kirchen in den Niederlanden. Spannende Themen? Wenn du dann auch mit Interesse liest, dass die Menschen dieser Glaubensrichtung den Selbstmord als vorbestimmtes Schicksal ansehen, welches alleine im weißen Beschluss des Herren liegt und manche Menschen einfach zum Selbstmord vorbestimmt sind, dann ist das Buch genau richtig für dich. Für mich war es nicht bestimmt. Möge der Herr in seiner unendlichen Güte mit Bücher ersparen, in denen Menschen erklären, dass die Bestimmung über das eigene Sterben nicht die freie Entscheidung eines jeden Individuums ist. Falsches Buch zur falschen Zeit.
Strak gecomponeerd verhaal met de bekende ingrediënten zoals de bijbel en de wat onhandige maar door en door goede hoofdpersoon. Uiteindelijk is dominee Ruygveen een van de belangrijkste personages al lijkt het in het begin dat hij een zonderling is die zijn kinderen te gronde richt. Dat is eigenlijk ook wel waar maar toch proef ik aan het einde een zekere bewondering van de schrijver voor de diepdoorleefde overtuigingen van deze man. De fietstocht van Adriaan en de studenten die hem belaagden staat een beetje los van het grotere verhaal en is waarschijnlijk autobiografisch. Ook de reis met de marine naar Curaçao staat een beetje los van het andere, al zien we hier weer de onverstoorbare en moreel zuivere Adriaan. De sfeer van de voor het gemak maar zwarte- kousen -gemeente genoemde wereld weet Maarten altijd weer indringend te schetsen. Ook de scènes in de messenfabriek waren boeiend en de voorzichtige romance tussen Adriaan en Klaske was vertederend.
Iedereen die mij een beetje kent weet dat ik een (lichte) fascinatie heb voor geloof en vooral voor bijzondere groepen gelovigen. Het kan dus bijna niet anders dat ik dit boek vijf sterren geef: een verhaal over opgroeien, geloven, kerkscheuringen en dominees. Dit alles opgeschreven in prachtig Nederlands waar af en toe de taal uit de Bijbel doorheen klinkt.
two extremities: read the last hundred pages of this novel between 3 and 7 am, standing atop a little hill in the Hatertse Vennen; taking pictures of the night sky whilst freezing my toes off. i have not been this bored by a book in a long time, also have not felt such cold in a long time.
In de jakobsladder schetst Maarten ‘t Hart de ondergang van de extreem calvinistisch familie Ruygveen in parallel met de verdwijning van het idyllische eiland Rozenburg - opgeslokt door de uitbreiding van de Rotterdamse havens. De natuurbeschrijvingen zijn weergaloos, en de exposities over het protestantisme informatief en ter zake. De thema’s zijn loodzwaar: incest en zelfdoding, voorbestemming en de consequenties ervan, maar het proza is zeer leesbaar - ik heb de roman in één adem (nauwkeurig) gelezen. De leesbaarheid is vooral te danken aan de briljante constructie van het boek: de lijn van het verhaal weerklinkt in de geschiedenis van de familie van de hoofdpersoon, een ernstige en sympathieke jongen. Zijn grootvader geeft het boek de hoognodige frisse lucht en zorgt voor het tegenwicht als de religieuze thema’s te zwaar dreigen te worden. Het enigszins open einde respecteert de lezer: niet alles hoeft uitgekauwd en je mag zelf een paar leemtes invullen. Het is een bij uitstek Nederlands boek - ik zie de landschappen, de dijken, de steden, de dorpen, de sloten worden ‘geschoond’ … het lijkt haast onvertaalbaar. Bij tijden stokte me de adem van de pracht van het proza. Een volle Vijf sterren.
De boek beschrijving hier in Goodreads doet het verhaal en de hoofdpersoon niet echt recht. 'Hij houdt van schaken maar kan het niet erg goed', 'hij is niet erg intelligent' en 'hij is machinebankwerker'? Heel erg vlakke aanduidingen die bovendien niet of maar een deel van de tijd kloppen.
Het eerste deel van het verhaal speelt zich af in de jeugd van Adriaan, in het Maassluis dat gekenmerkt wordt door het (strenge) protestantse geloof en de kerkscheuringen die daarmee samenhangen. Toch wordt het niet zwaar - deels ook door de pragmatisch-christelijke grootvader van de hoofdpersoon, die het allemaal niet te zwaar neemt, van de natuur en het leven geniet, en regelmatig gezond kritische vragen stelt bij zwaar beleden leerstellingen. Adriaan leert schaken en leert het ook zijn vriend, die er bijzondere aanleg voor heeft, en bedenkt een systeem waardoor ze tijdens de langdurige preken in de zwaarst protestantse kerk blind simultaan kunnen schaken door heen en weer te bladeren tussen bijbelboeken en -verzen.
Het tweede deel van het verhaal speelt zich af in de periode waarin Adriaan opgroeit, volwassen wordt en betekenis probeert te geven aan zijn leven. Omdat het hoofd van de school zijn dyslexie vertaalt als 'stom' en 'hufterig' gaat Adriaan naar de lts; tot zijn spijt is de mulo niet voor hem weggelegd ('hij is niet erg intelligent' - serieus?!) en uiteindelijk wordt hij machinebankwerker. Dat past hem niet en hij is blij als hij in dienst als 'wasser derde klas' bij de marine kan ontsnappen.
Adriaan blijft zoekend, doet dat het liefst alleen en in de natuur of op de fiets. De ontknoping begint met een fietstocht, een zware regenbui en een ontmoeting met een medefietser voor een stoplicht dat maar op rood blijft staan. Dat leidt al snel tot zijn aanstelling als amenuensis bij een psychiatrische kliniek - waar hij wel een bijzondere aanleg voor blijkt te hebben.
De gebeurtenissen aan de start van het boek - het vertrek van een fregat uit de haven van Maassluis, de dood van een leeftijdsgenoot en de kortstondige persoonsverwisseling die daarmee gepaard gaat en de ontmoeting met Klara op Rozenburg blijken belangrijke kantelpunten in het verhaal en in het leven van de hoofdpersoon en degenen om hem heen.
Prachtig verhaal, door de tijd getekend (echt een twintigste eeuws verhaal) maar er zitten meerdere mooie inzichten in die ook nu nog geldig zijn.
Een paar citaten van de hoofdpersoon Adriaan: "Ik begrijp niks van de wereld." "Het eerste aankomen! Zoiets armzaligs!" "Een mens weet zo weinig van zichzelf, en niks van anderen." "'Het is net of mijn leven nu spoort,' zei ik tegen Klaske." "Je hebt die vrouw die altijd "ik stik" zegt er helemaal bovenop geholpen.' 'Ja, maar dat kan iedereen,' zei ik, 'wie bedenkt er nou zo'n systeem van bonnen? Dat werkt toch helemaal niet. Die vrouw had gewoon wat aandacht nodig.'" "Waarom hield hij mij daarbuiten? Het leek verraad, het leek het einde van een vriendschap die van mijn kant nog altijd was gebaseerd op iets waarover nooit gesproken was." Adriaan over Ruygveen: "Had hij altijd, al die jaren, als hij zo praatte over iets heen geschreeuwd?" "Deed het er niets toe hoe hij omgekomen was? Jawel, het deed er alles toe, het veranderde alles, ik was dan niet schuldig, of misschien ook wel, maar van een vergissing was geen sprake. Dan had het mij evengoed niet kunnen overkomen. Dan had ik de afgelopen tien jaar anders kunnen leven, dan had ik vrolijk kunnen zijn, dan had ik andere vrienden kunnen maken, dan had ik, op de Zegwaartse weg, een arm om Klaske heen kunnen slaan."
Intrigerend, ontroerend en reëel Ik vind de schrijfstijl van 't Hart erg goed, dit is echt zo'n boek dat blijft hangen, zeker lezen dus.
De schrijfstijl is beschrijvend waardoor de wereld van Adriaan Vroklage echt tot leven komt in je eigen gedachten. Zo’n beetje allee wat Adriaan opmerkt wordt genoemd. Tegelijk wordt er geschreven vanuit de gedachten van Adriaan. Hij dubt over iets in of spreekt zichzelf tegen.
Het effect dat deze manier van schrijven heeft, is dat je daadwerkelijk het idee krijgt dat je nét het ongeluk mist en hiervan baalt. Dit geeft mij echt het gevoel alsof ik een onderdeel ben van de hoofdpersoon.
Het verhaal is mooi beschreven. De kerkelijke scheuring met daarin de opkomst van familie Ruygveen laat zien hoe snel er verandering kan plaatsvinden. Tot het eind heeft het verhaal mij vastgehouden.
Prachtige descriptieve zinnen, je ziet de landschappen zo tot leven komen.
Het verhaal speelt zich af in/tussen een streng reliigieuze maar verdeelde gemeenschappen in een 20e eeuwse setting.
Ik vond het verhaal zelf persoonlijk niet zo heel boeiend, maar de manier waarop het boek geschreven is, sprak me wel erg aan. Alles wordt verteld vanuit de beleving van het hoofdpersonnage, je leest enkel wat hij ziet/denkt/leert en je ontdekt zijn wereld ook mee met hem.
Bij vlagen ontzettend grappig, regelmatig ontroerend en doorlopend vol archaïsch Bijbels taalgebruik van de tweede hoofdpersoon Johannes Ruygveen. Hoofdpersoon Adriaan zal waarschijnlijk later nog het meest gaan lijken op zijn grootvader. De achternamen zijn onwerkelijk en doen denken aan die in ‘Bint’; bijkant mythisch. De meeste namen lijken me niet bestaand, maar de doemprediker Smijtegeld/Smytegeld bestond echt! (Geboren in 1665 te Goes)
“Een van de mooiste boeken die ik ooit gelezen heb,” zei ik afgelopen zomer over De jacobsladder tegen m’n vrouw. Toen ze na het gelezen te hebben tegen me zei: “Zonde van m’n tijd”, bedacht ik me hoe dankbaar ik ben voor m’n protestantse opvoeding. Niet zo streng als Maarten ‘t Hart, maar gedegen genoeg om ontzettend te kunnen genieten van een deel van zijn belangrijkste thema’s. Die ook de sfeer in dit boek weer bepalen. Naast De droomkoningin en De kroongetuige m’n favoriete Maarten ‘t Hart.
Ongelofelijk goed boek dat je niet meer loslaat tot het (helaas) uit is. Hij schept een beeld van enkele van de geloofsgemeenschappen in Nederland in de jaren '60, wat op zich al wel interessant is, maar wat mij vooral raakte is het menselijk standpunt waar je voelt hoe zeer bepaalde geloofsovertuigingen doordringen in het denken, voelen en zijn van de mensen, met alle gevolgen van dien...
Ik heb door het lezen een goede indruk gekregen hoe een gezin lijdt en verscheurd wordt door het opdringen van het zwaar gereformeerde geloof door de vader des huizes.
Maarten 't Harts boeken ademen altijd dat soort ingetogenheid dat zoveel meer vertelt dan wat de woorden laten lezen en dat is met dit boek niet anders. Ook het thema van een of andere vorm van leed dat zo zwaar weegt dat het z'n hele verdere leven bepaalt, maar door het hoofdpersonage zonder veel ophef wordt gedragen, is typisch 't Hart. Het juk is zacht, de last licht...
Wie schön, 't Hart nach einer Pause wiederentdeckt zu haben! Wieder gibt es eine kleine Stadt in den Niederlanden, originelle Charaktere und zahlreiche Bibelzitate und irgendwie ist das alles interessant und teils sehr witzig.