Een tiener met een missie, een terminale bankier en een wetenschapper gaan op zoek naar de sleutel tot het eeuwige leven. Zij komen samen op de Archipel, een zwaarbewaakte eilandstaat in de Stille Oceaan, en dompelen zich onder in deze nieuwe wereld. Wat drijft ze? En op welke manier zijn ze onherroepelijk met elkaar verbonden?
Auke Anthony Hulst is een Nederlandse romanschrijver, journalist en muzikant.
Van zijn site: Auke Hulst (Hoogezand-Sappemeer, 1975) groeide op in het buurtschap Denemarken, boven op de gasbel van Slochteren. Zijn jeugd daar – ‘in een Pippi Langkous-huis in een bos’ – stond model voor zijn succesvolle derde roman Kinderen van het Ruige Land (2012), die genomineerd werd voor de BNG Literatuurprijs, en werd bekroond met de Cutting Edge Award 2013, de prijs voor het Beste Groninger Boek, en de Langs de Leeuw Literatuurprijs van het gelijknamige tv-programma. Eerder publiceerde hij de romans Jij en ik en alles daartussenin (2006) en Wolfskleren (2009), en maakte hij met tekenaar Raoul Deleo het literaire reisboek De eenzame snelweg, in het spoor van Jack Kerouac (2007). Dat boek werd genomineerd voor zowel de Stripschappenning als de Prix Saint-Michel. Begin 2015 zal bij Ambo|Anthos zijn roman Slaap zacht, Johnny Idaho verschijnen.
Auke is ook literatuurcriticus, reisjournalist en essayist voor onder meer NRC Handelsblad, De Groene Amsterdammer, De Standaard en Columbus Magazine. Daarnaast is hij muzikant. Hij maakte onder andere bij Wolfskleren het soloalbum The Hidden Shape onder de naam Sponsored by Prozac. En hij is de voorman van de Nederlandstalige band De Meisjes, die in 2012 debuteerde met het album Beter Dan Niets. In 2014 verschijnt het tweede album Dokter Toestel.
Wat een aangename verrassing om zo’n spannende en goed geschreven Nederlandse dystopie te lezen. De drie hoofdpersonen hebben alle drie gemeen dat ze op een zeer persoonlijke missie zijn die voor ieder van hen resulteert in destructie, maar deze destructie werd maar bij een persoon bewust ingepland. Heel interessant hoe Auke Hulst de bijna logische indeling van een nabije wereld zo realistisch voor de lezer aannemelijk kan maken. Wat mij betreft is het een toekomstbeeld dat wel eens zou kunnen kloppen. Ik ga nu de andere boeken van Auke Hulst lezen. Hij is een schrijver die een goed en spannend verhaal kan vertellen en die kom ze niet zoveel tegen in het Nederlandse literaire wereldje.
Slaap zacht, Johnny Idaho is een boek wat je liefst zo traag mogelijk leest vanwege de wondermooie schrijfstijl. Een origineel verhaal bomvol maatschappijkritiek. Het boek is een aanklacht tegen de macht van grote multinationals - en zet je op deze manier aan het denken over de huidige maatschappij. De rauwe en levensechte personages kruipen onder je huid en de wereld van de Archipel is ijzersterk. Mijn complete recensie lees je op Oog op de Toekomst.
Weergaloos en opzwepend hoewel somber boek over een niet eens denkbeeldige, volmaakte kapitalistenstaat ('klik hier voor geluk') en de ondermijningen van zijn burgers en de bedriegers, een kruising tussen Murakami en Orwell (1984). Want "wie zich inwisselbaar voelt, doet alles om gezien te worden". De vorige roman van Auke Hulst, Kinderen van het ruige land, werd luid bejubeld, maar als een ongeleid projectiel kon het me niet overtuigend bekoren. Slaap zacht, Johnny Idaho is bedachtzamer, sterk gecomponeerd, actueel en soms 'nerdy' maar minstens zo emotioneel en wat mij betreft veel beter geschreven. De precieuze stijl van Hulst is weliswaar soepel maar vereist close reading: er gebeurt niet eens heel veel maar de auteur trekt alle registers open, met verwijzingen naar de actualiteit (cultureel en sociaal). Het boek barst van de vindingen, taalkundig en inhoudelijk, is afwisselend doldriest en gitzwart. Of de roman de lezer aanspoort tot 'ontdenken' is de vraag, maar ik heb genoten van de prachtige, zinnenprikkelende en beeldende taal (die me halverwege, als de hoofdpersoon het letterlijk en figuurlijk zwaar te verduren heeft, echt bijna misselijk maakte): Hulst laat een lach knallen als een carbidbus, het eten als een bulldozer naar binnen werken en acht iemand in staat met een dienblad vol glazen de marathon te rennen... Schitterend. Een boek met echte, rare, grappige, gemene toekomstmensen over een 'samen-leving' waar de zintuigen lijken te zijn gesteriliseerd. Het lijkt me sterk als dit boek dit jaar geen tongen losmaakt.
Ik heb zes jaar lang acrogym gedaan, dans, acrobatiek en turnen in een. Dat was moeilijk. Maar zo moest het er vooral niet uitzien. Tijdens wedstrijden, haren strak in de knot, ongemakkelijke pakjes, lachten we allemaal net te opzichtig naar de jury en het publiek. Dit boek stelde me teleur. Meerdere mensen waren laaiend enthousiast over Auke Hulst/deze titel specifiek en ik had hoge verwachtingen. Het kostte me moeite door de eerste pagina's te komen, maar ik hoopte dat de schrijfstijl zou wennen. Dat gebeurde niet. Iemand vertelde me dat ze het zo fijn vond dat dit sciencefiction was waarin de personages centraal staan. En dat ís ook fijn in sciencefiction, ik herken het probleem dat in sommige speculatieve romans plot en personages ten koste gaan van het willen uitwerken van een wereld. Maar ik had juist het gevoel dat dat hierin ook gebeurde. Ja, we lezen wel erg veel over wat er omgaat in de hoofden van personages, maar tegelijkertijd lijken al hun gedachten en doelen makkelijk te herleiden tot een enkel trauma of gebeurtenis. Hatsu's vader, Gerson's ziekte en angst voor de dood, Johnny's trauma (dat misschien van allemaal dan nog het meest complex is). Nergens komen ze voor mij tot leven, begin ik te geloven in hun motieven. Ondertussen werd er voortdurend gestrooid met namen en omschrijvingen van de omgeving die net iets te opzichtig duidelijk moesten maken dat het hier ging om een toekomst dichtbij de onze. Ik heb boeken gelezen die nog slechter waren in het balanceren van deze dingen, maar ik heb ook boeken gelezen waarin die balans wel gevonden werd. Soms met werelden nog verder van de onze dan deze. En goed schrijven is moeilijk. Als je een verhaal wilt vertellen, wil je eigenlijk ook dat de lezer dat niet meer ziet, hoe moeilijk het is. Maar in dit boek had ik constant het gevoel dat ik kon zien hoe over elke zin was nagedacht. De dialogen waren zo geforceerd (wie zegt, Alles Gucci?), Johnny's 'stoere praat' in het begin klonk als een volwassen man die straattaal probeert te imiteren. En dan de e-mails en brieven die allemaal op exact dezelfde manier geschreven zijn. Hatsu's vader schrijft hetzelfde als Gerson schrijft op dezelfde vreemd mysterieuze manier als Keji? Dan denk ik, was het nodig om die e-mails erin te verwerken? Ook het einde vond ik jammer. Ik zag het van mijlenver aankomen, wat geen probleem hoeft te zijn, maar gezien er zoveel tijd werd gestoken in die spanningsopbouw, was het een beetje teleurstellend dat het afliep in een paar pagina's zonder dat het op enige manier nog verrassend was wat er gebeurde. En het is niet alsof dit boek niet goed geschreven is. Ik kon waarderen hoe verwijzingen naar andere boeken werden verweven door het deel over Johnny. Ook de beklemmendheid van het constant bekeken worden, van de vanzelfsprekendheid waarmee dat erin geslopen is, vond ik goed neergezet (zeker in Hatsu's delen). Het hele punt dat wat ik zo jammer vond, zo moeilijk uit te leggen is, zegt misschien al genoeg. Dat het meer mijn smaak is misschien dan een probleem van het boek op zich. En misschien had het boek me minder teleurgesteld als mijn verwachtingen minder hoog waren geweest, had ik dan milder geoordeeld. Want dit is geen slecht boek. Het maakt zijn spagaten en radslagen en balletpassen foutloos. Alleen die grijns richting de jury vind ik zo overduidelijk niet echt.
Slaap zacht, Johnny Idaho als een lange vingeroefening wegzetten voor De Mitsukoshi Troostbaby Company zou zijn boek uit 2015 oneer aandoen, ook al zijn bepaalde elementen uit de nieuwste roman van Auke Hulst reeds prominent aanwezig. In deze dystopie, met een aantal zaken die akelig herkenbaar en dichtbij lijken, is de maatschappijkritiek nooit ver zoek. De technologische vooruitgang met snufjes en gadgets die vooral dienen ter controle van het individu en de bestendiging van de macht van de 'rijken' enerzijds en de uitwassen van een kapitalisme dat schaamteloos en openlijk een apartheid creëert en in stand houdt anderzijds, schetsen een somber toekomstbeeld.
We volgen drie personages in drie verschillende verhaallijnen. Een CEO van een bedrijf uit de Archipel die leeft in de toplaag van de futuristische maatschappij, in 'Executive', een vrouwelijke wetenschapper die met haar assistent op zoek is naar het eeuwig leven en de Johnny Idaho uit de titel. Hulst laat ons een bepalende week zien uit het leven van deze protagonisten en lost slechts mondjesmaat informatie over hun achtergrond. In het begin zorgt dit voor afstand, maar gaandeweg kruipen ze toch onder de huid van de lezer.
Ik ben begonnen aan deze lectuur met enkel de info van de achterflap en raad dit iedereen aan. Het traag verwerken van de elementen, vooral dan uit het verleden van Johnny, maken ondeelbaar deel uit van het leesplezier. Bij Gerson, de CEO, en Hatsu, de biomedica, is dit naar mijn aanvoelen minder van belang. De auteur laat tegelijk voldoende open om zelf hypotheses te maken en een verwachtingshorizon te creëren: niet alles wordt exhaustief verklaard of toegelicht, bv. uit het verleden van Hamada en de relatie tot haar overleden vader.
De naamgeving van alle snufjes, plaatsen en straten (uitgewerkt en gevisualiseerd in vier gedetailleerde en uiterst realistische stratenplannen in voor- en achterflap), projecten en andere elementen uit de Archipel zorgen nu en dan voor een glimlach en een gevoel van herkenning - en humor - bij de lezer en prikkelen de fantasie. Alleen al de naam van het project van Hamada, Sisyphus, opent een intertekstuele verwachtingshorizon.
Dat de individuele vrijheid één van de eerste zaken is die sneuvelt in dergelijke samenleving, hoeft geen betoog. Absolute controle vanuit staat en kapitaal, het opgeven - al dan niet vrijwillig of zelfs maar bewust - van de privacy en de almacht van het geld zijn daar maar een paar veruitwendigingen van in deze roman. Het is niet voor niets dat Gerson ergens in het begin van het verhaal met enige nostalgie terugdenkt aan een reis die hij in zijn jonge jaren wilde aanvatten: "Rijden herinnert hem aan een 'road trip' die hij maakte toen hij in de States werkte, het enige moment in de afgelopen jaren dat hij een gevoel van vrijheid heeft ervaren - niet de vrijheid van geld, maar de vrijheid van de ziel."
Een meer dan gesmaakte tweede van Auke Hulst, wat mij betreft. (De 4* zijn een 3,5.)
...In the end, Slaap zacht Johnny Idaho is a very well written novel but also a very depressing read. Not just because of the miserable lives of the characters but also because the near future setting is so frighteningly plausible. While Hulst's corporate dystopia might not be the most original, the execution is very good indeed. Of course it is too 'literate' to market as science fiction and probably too genre to do well among the more science-fiction-can't-be-literature crowd. If you consider yourself not to be stuck on either side of the genre/ literature divide you could do worse than try this novel though. I was a bit doubtful when I picked it up, but it turned out to be well worth the read.
Ik vond Slaap Zacht, Johnny Idaho in het begin een langdradig boek. Het boek is vanuit drie personages geschreven: Johnny Idaho, Willem Gerson en Hamada. De drie verhalen door elkaar kunnen in het begin verwarrend zijn, maar aan het einde komt dit mooi bij elkaar. Ook is de schrijfstijl van Auke Hulst fijn, het sleept je mee in het verhaal.
Het verhaal speelt zich voornamelijk af in de Archipel: een eilandgroep die bestaat uit Downside (hier wonen de armere), Midlevel (waar de ‘normale’ mens woont), Upside (hier werken de ‘normale’ mensen en wonen de rijkere) en Executive (het mooiste eiland waar alleen de rijkste wonen en werken). Je komt moeilijk binnen op de andere eilandgroepen; dit gaat doormiddel van vingerafdrukken en alles wordt streng gemonitord. Het boek is een science fiction en lijkt volgens vele een beetje op het boek van Orwell ‘1984’. Het raakt thema’s als een eindig leven, de verschillen in klassen en de ondergang van onze planeet aan digitalisering en vervuiling.
Er is in de roman veel symboliek te vinden. Onder andere verwijzingen naar het het boek ‘Moby Dick’. Ik denk dat wanneer je dat boek hebt gelezen, dat er nog meer raadsels uit dit boek zijn te halen, wat het verhaal nog mooier en duidelijker maakt. Ook ‘de achtste dag’ in het boek wat de dag is van de besnijdenis: er wordt afgerekend met het oude leven en er komt een compleet nieuw leven. Sisyphus, het bedrijf van Gerson, is een man uit de Griekse mythologie die meerdere keren aan de dood is ontsnapt. De dood speelt in dit boek namelijk een grote rol.
Tot slot, vond ik het een goed geschreven roman. Het maakt een statement richting de huidige maatschappij, waar de rijken rijker worden en de arme armer. Het schrikt je ook enigszins af van de digitalisering wat nu volledig in opkomst is in de wereld. Je moet even doorzetten met doorlezen in het begin, maar het is het uiteindelijk zeker waard!
Het wil niet zo lukken met mij en deze schrijver. Ik heb al eerder een boek van hem weggelegd en ook bij dit boek was er geen klik. Na 150 bladzijden toch maar doorgelezen en uiteindelijk kwam ik wel in het verhaal. De personages konden mij echter geen van drieën boeien en tot het laatst vroeg ik me af wat nu het verband was tussen de drie. Uiteindelijk wil de schrijver drie verhalen vertellen. Ik vond het niet echt uit de verf komen.
Een wereld waarin technologie de overhand heeft en waarin mensen constant in de gaten worden gehouden. Dat is de wereld die Auke Hulst ons in dit boek schetst. Sommigen denken dat deze dystopische roman zich in de toekomst afspeelt, maar Auke Hulst vertelt in de verantwoording dat hij het verhaal heeft geplaatst in een parallelle werkelijkheid in het hier en nu. Veel van wat hij schrijft voelt dan ook herkenbaar aan en maakt het boek extra beklemmend. Gerson, een van de hoofdpersonen is Nederlander. Jammergenoeg komt hij qua personage wat minder uit de verf. Johnny Idaho zelf wordt beter neergezet. In de loop van het verhaal komen we er langzamerhand achter wat hem is overkomen en waarom hij op zoek is naar Gerson. Hatsu Hamada is een wetenschapper. Zij is de derde hoofdpersoon en had wat mij betreft als persoon meer uitgediept mogen worden, vooral vanwege haar rol aan het eind van het boek. Auke Hulst heeft echter veel energie en aandacht moeten besteden aan het neerzetten van de beklemmende wereld, die je gerust als vierde hoofdpersonage kunt betitelen. Deze wereld komt dan ook als zeer overtuigend uit de verf. Het verhaal werkt met een plot en maakt dat je door wilt lezen. De hoofdstukken zijn opgedeeld in dagen. Het geheel maakt een zeer on-Nederlandse indruk en dat bedoel ik positief.
Auke Hulst heeft met "Slaap zacht, Johnny Idaho" een boek met lef geschreven maar heeft zich niet laten verleiden om het te groot te maken. Het blijft een vrij klein verhaal, met een klein aantal personages en door er een plotgedreven verhaal in te verwerken is het gemakkelijk om de aandacht er bij te houden. Jammergenoeg zijn daardoor de karakters wat minder uitgediept maar dat is een keuze. Ik heb er in ieder geval van genoten en kan dit boek ten zeerste aanraden.
Na de ‘grote klap’ van 2008 hebben een aantal multinationals op een eilandengroep in de Stille Oceaan de Archipel gesticht, een stad die vaag aan New York doet denken. Met dit verschil dat iedere maatschappelijke klasse haar eigen eiland heeft: Upside, Midlevel en Downside. Het geheel wordt bestuurd door het schimmige Conglomeraat dat de Archipel - bedankt George Orwell - in de gaten houdt door middel van het Oog. Vrijheid heeft plaats moeten maken voor efficiëntie en op het eerste zicht lijkt iedereen zich daar kiplekker bij te voelen. Maar schijn bedriegt natuurlijk, en dat merken we vooral aan Johnny Idaho, een vrijgevochten computerfreak afkomstig uit Downside en, omwille van de instorting van een gebouw waarin hij aanwezig was en die hij als bij wonder overleefde, administratief dood, wat hem goed van pas zal komen in het boek. Je zou Johnny de laatste mens op aarde kunnen noemen, die gewapend met zijn exemplaar van Melvilles Moby Dick, de strijd aan gaat met de ‘walvis’ der technologische vervreemding waar de Archipel bol van staat en die Hulst mooi weet te duiden. Rechtstreeks, door middel van het Oog en de Google Glass-achtige brillen die je de wereld laten zien, maar die ook alle mogelijke informatie over je verzamelen. En ook symbolisch, door de namen die Hulst aan de straten en pleinen van de Archipel heeft gegeven, zoals Thatcher Square, Friedrich Hayek Station of Zuckerberg Park. Het zijn kleine details die het boek iets lichts en guitigs geven. En dat mag ook wel, ter compensatie van de stevige boodschap van de roman die - en dat is klassiek voor het genre waartoe Slaap zacht, Johnny Idaho behoort - soms wel eens de karaktertekening en de geloofwaardigheid van de personages in het gevaar brengt. Naast Johnny spelen de Nederlandse CEO Willem Gerson en de Japanse aan Jazz verknochte - horen we hier de invloed van Murakami? - wetenschapster Hatsu Hamada de hoofdrollen in Hulsts roman. Hij is stilletjes aan het sterven aan een mysterieuze ziekte, terwijl zij net op zoek is naar het gen dat de mens het eeuwige leven zou kunnen schenken. Met het geld dat hij verdiend heeft met zijn slecht opgetrokken en minderwaardige wolkenkrabbers - corruptie is in een wereld geleid door louter economische doelen eerder regel dan uitzondering - wil hij haar onderzoek financieren. De wereld die Hulst hier tekent is enerzijds pure sf natuurlijk, maar anderzijds zijn de parallellen met vandaag ook zo ontstellend groot dat zijn roman iedere onschuld verliest. Slaap zacht, Johnny Idaho is daardoor een pregnant en uiterst relevant boek geworden dat kleine symptomen van onze hedendaagse sluimerende ziekte uitvergroot tot regelrechte kwalen van een bepaald ideologisch denken. Het boek vertoont daardoor verwantschap met Dave Eggers’ The Circle en met zowat alle boeken van David Mitchell. Allebei auteurs van Angelsaksische afkomst inderdaad, wat toont in welke richting we Hulsts roman moeten situeren. Voor een Nederlander heeft hij immers een vrij uniek boek geschreven. Veel verder dan tuin, huis en keuken kijkt de modale Nederlandse auteur immers niet. Navelstaren zouden we dit niet durven noemen, maar toch zijn we opgelucht dat er in onze contreien ook schrijvers zijn die voorbij hun moederbinding geraken.
Voor mij is de lol van fantasy of sciencefiction dat een auteur thema's uit 'de echte wereld' versluierd weergeeft in de beelden die hij/zij schetst. Dat je als lezer moet zoeken naar betekenissen, waardoor de allerbeste werken (zoals '1984' van George Orwell) tot ver na hun verschijningsdatum voortleven. Het moet gezegd dat Auke Hulst grootse ambities heeft gehad met deze roman: een postmoderne SF-roman, geënt op de ideeen van de filosoof Jean Baudrillard, waarin een fantasiewereld verdacht veel lijkt op de alledaagse werkelijkheid. Over de voortschrijdende technologisering in het alledaagse leven en het gevoel van verwondering dat er nog geen eindpunt in zicht is. Ook over sterfelijkheid en menselijk falen in een wereld waarin alles maakbaar is of lijkt.
Zo groots als de opzet is, zo voorspelbaar en clichématig is het uiteindelijk uitgewerkt. Eerlijk gezegd voelt het boek meer als de ijverige fanfiction van een tech-nerd dan als een volwaardig literair werk. 'The Circle' (2013) meets 'Cloud Atlas' (2004) meets 'Brave New World' (1932) meets 'Gattaca' (1997) meets 'Blade Runner' (1982). Dan helpt het ook niet mee dat de link met de alledaagse werkelijkheid er zo dik bovenop ligt, dat 'het fantastische' zelf weinig fantasievol of beeldend wordt beschreven. Veel semi-hippe dialogen die nergens heen gaan en een plot dat geforceerd de elementen uit andere werken neemt (maar niet dezelfde gevoelens van spanning of sensatie oproept, omdat het uiteindelijk geen puur genrewerk is en daarom de nadruk op andere accenten ligt.) Het is niet eens dat Hulst slecht schrijft, maar hij laat teveel kansen liggen om iets literairs toe te voegen aan een genre dat al zo rijk vertegenwoordigd is.
Ik houd niet van Nederlandse literatuur, maar voor deze schrijver ga ik een uitzondering maken. Ik ben eraan begonnen dankzij de recensie van een bekende en ik heb het met veel plezier gelezen. Een uitstekende sf/dystopie/roman. Aangezien ik in andere recensies regelmatig gewezen werd op het vergelijkbare De Cirkel van Dave Eggers, ga ik daar nu maar aan beginnen. Kijken welke van deze 2 me het beste bevalt.
Een prachtig boek. Ik heb vooral genoten van de stilistische hoogstandjes van de auteur, die het verhaal op geen enkel moment verzwakten, maar juist versterkten. Auke Hulst heeft een vindingrijke George Orwell-achtige wereld geschapen, waar een ieder spontaan paranoïde van zou worden. In deze pessimistische samenleving zijn de drie hoofdpersonen verrassend herkenbaar. Aanrader!
In een wereld die erg lijkt op de onze maar met weblenzen die informatie forceren naar de dragers, een eiland alleen voor de hoge, rijke klasse, en Asimo's voor het huishoud- en tilwerk, volgen we de levens van drie personen die op onverwachte wijze met elkaar verbonden zijn. Johnny is op zoek naar iemand, Hatsu werkt aan een onsterfelijkheidsserum, en Gerson is de CEO van een miljoenenbedrijf (overigens heb ik niet onthouden wat het bedrijf precies doet en interesseert het me ook niet) maar ook dodelijk ziek.
Ik zal heel eerlijk zeggen dat ik niet bijzonder onder de indruk was van de sci-fi elementen in dit boek: hoewel de omschrijvingen van alle technologie, informatiestructuren, en de overweldigende dynamiek van Executive en Upside met als tegenstelling de armoede en het verval in Downside en daarbuiten enorm gedetailleerd zijn en getuigen van veel verbeeldingskracht, ligt de plus van dit boek in de personages en hun achtergrond.
De afwisseling van Gerson, Johnny en Hatsu hield het interessant, ook de terugblikken in hun verleden, want het verhaal zelf verliep mij erg traag. De Grote Aanleiding in het plot vond ik wat tegenvallen: een geschilletje over een gekorte investering, wat uiteindelijk het leven van Johnny voorgoed veranderde. Ik had graag veel meer willen lezen over het scenariobouwen. Het wordt nu in een dynamische dialoog uitgelegd door één of andere alcoholbelust bijpersonage, maar het had wat mij betreft meer toegevoegd dan het hele levensverhaal van Hatsu.
De dialoog die Johnny voert met een onbenoemde "jij" vond ik buitengewoon mysterieus en voegde een extra laag toe aan zijn persoonlijkheid. Is het het gezicht van klei, zijn moeder, de Woestijnrat?
Overigens zijn alle science-elementen wel erg waarheidsgetrouw verwerkt in het boek, hoewel er dus naar mijn idee niet heel veel verder werd gestapt dan wat er momenteel al mogelijk is in techniek en wetenschap. Een factor die hier zeker meespeelt is het feit dat dit boek al bijna vijf jaar terug is uitgekomen en de ontwikkelingen sinds die tijd erg hard zijn gegaan. Nog steeds vraag ik me af hoe het automatische leveringssysteem werkt dat Hatsu gebruikt in haar appartement: is dat zoiets als de bagagebanden op een vliegveld? Ik kon het logistiek niet helemaal plaatsen.
Al met al zeker een aanrader als je houdt van een sci-fi met een stevige literaire basis en wat thrillerelementen uit het dagelijks leven.
In dit boek zijn de personages prima uitgewerkt. Het "land"waar het zich afspeelt lijkt heel realistisch maar heeft tegelijkertijd een vervreemdende sfeer. Dat geeft het boeiende plot een extra dimensie. Ook de schrijfstijl van Auke Hulst is fijn om te lezen.
Voor elke leerling die dit boek op hun lijst wil zetten: Dit is een van de weinige lezen-voor-je-lijst-boeken die ik niet weg kon leggen. De schrijver slurpt je het verhaal in vanaf de 1e pagina en laat je pas weer adem halen als je de laatste zin heb gelezen. En dan wil je eigenlijk nóg meer; het verhaal van de Archipel is nog niet afgelopen. Echt een goed boek en niet zo suf als anderen! Ik raad hem aan!
Keywords: Dystopie, big brother, wisselende perspectieven, avontuur, spanning.
Misschien wel de leukste Hulst! Knap in elkaar gezet en spannend tot op het laatst. Vanzelfsprekend weer rijk aan taalvondsten en literaire verwijzingen. Wat een fijn boek.
De eerste keer dat ik dit boek heb aangeraakt was in 2017 voor een schoolopdracht waarvoor ik een boekbespreking moest maken uit een boekenlijst. Ik had mijn leerkracht doen verteld dat ik enorm veel hou van SF, toekomstromans, dystopische verhalen, etc. Initieel vond ik het een goed boek, maar heb het vorig jaar opnieuw gelezen en heb er veel vragen bij.
Het einde voelde veel te gehaast. Ik had gehoopt op meer verduidelijking waarom Johnny Gerson precies opzocht en wat dat allemaal te maken heeft met zijn trauma's, waarom Hatsu alles kapotmaakt in het labo en welke ziekte Gerson nu had. Er was een enorme opbouw voor het einde en ik vond het vreemd dat ik nog maar een paar pagina's te gaan had tot het boek uit was, om dan de supersnelle interactie tussen de twee te zien en dat was het dan. Het einde had helemaal niet zo'n opbouw nodig als je het dan toch zo snel wou doen.
In het algemeen was het wel een leuk boek waar ik wat plezier aan had, maar nu ik andere boeken ben beginnen lezen, zie ik wel de tekortkomingen in het verhaal en de schrijfstijl. Het was ook echt niet nodig om slurs te gebruiken om te verwijzen naar bepaalde groepen mensen, het had fijner geweest moest Auke Hulst zelf een woord hebben uitgevonden, ofzo.
Ik heb erg van dit boek genoten. Naast dat de verhaallijnen in dit boek een bepaalde aantrekkingskracht op me hadden, werd ik ook aan het denken gezet over technologische vooruitgang en de macht van big tech bedrijven, inclusief de ongelijkheid die daarbij kan komen kijken.
Het boek heeft qua privacyschending wel wat gemeen met George Orwell's 1984, terwijl de Archipel in technologisch opzicht veel verder gevorderd is. Het ongelijkheidsaspect wordt extra schrijnend geïllustreerd door de verschillende klassen mensen ook ruimtelijk (door eilanden) te laten scheiden.
In de wereld van De Archipel, waar iedereen te volgen is op social media en waar de multinationals de dienst uitmaken probeert Johnny Idaho te overleven op zijn zoektocht naar de waarheid, krijgt de biomedicus Hatsu Hamada het gevoel dat ze niet op haar plaats is en komt de waarheid hard aan bij Willem Gerson, een vooraanstaande CEO van een groot financieel bedrijf.
Auke neemt je mee op een tocht vol gevoel en onzekerheden. Van angst voor het onbekende tot het verval van het vertrouwde. Zijn figuren zijn mooi weergeven. En dat is het sterke van dit verhaal. Auke kan goed schrijven. Het is daarom ook jammer dat het als SF verhaal mislukt is. Hij zet een uitgewerkte wereld neer en heeft goed zijn research gedaan over de onderwerpen die erin voorkomen. Maar hij doet er zo weinig mee. Zijn hoofdfiguren hadden net zo goed in Amsterdam kunnen leven als in het toekomstige De Archipel. De persoonlijke belevenissen van de hoofdfiguren zou het zelfde zijn geweest. Het verhaal zou sterker zijn geweest als hij juist wat dit totalitaire systeem met de mens doet verwerkt had in het verhaal. Nu is het een boek geworden over persoonlijke verhalen van mensen met een SF sausje.
Dit boek is een aanrader als je een verhaal wilt lezen over wat mensen beweegt, wat mensen doormaken. Als je verrast wilt worden op SF gebied kan je hem beter links laten liggen.
Niet voor niets een van mijn favoriete Nederlandse schrijvers van het moment... Hulst weet hoe je intertekstueel vuurwerk kunt genereren zonder de pretenties, hij jongleert met angst, wijsheid, nuchter (Noordelijk!) taalgebruik en de juiste dosis humor. Dit is speculative fiction (Atwood's term) op zijn top, en daar zou de Nederlandse Letterkunde wel eens een voorbeeld aan mogen nemen. Waar blijft het magisch realisme, waar de verbeelding? Hulst mag leiden.
Slaap zacht, Johnny Idaho is een verontrustende toekomstroman in de sfeer van George Orwell's 1984 en David Eggers' De Cirkel. Het schetst een beeld van de maatschappij waarin we over tientallen jaren zullen leven: snel, hard, volledig computergestuurd en zonder mededogen of menselijk gevoel. Het lijkt nu nog Sciencefiction, maar voor hoe lang nog...
Is dit de toekomst of het heden? Dystopische roman waarin het recht van de sterksten geldt... Vertoond angstaanjagend veel gelijkenis met de huidige situatie in de wereld. Zeker lezen als je zin hebt om een beetje te kauwen of te fantaseren. Er blijft veel te raden over..
In de dystopische roman van Auke Hulst hebben multinationals die groter en machtiger zijn dan sommige natiestaten (genre Google, Amazon, Facebook, Microsoft, Apple,…) de krachten gebundeld en een Archipel opgericht bestaande uit 4 eilanden : Downside, Midlevel, Uplevel en Executive (zie de gedetailleerde kaarten op de voor- en achterflap). Slechts door strenge selectie en mits veel geld voor de overtocht wordt men op één van de eilanden toegelaten, al bestaat er ook illegale migratie op Downside. Combineer dit met een autoritaire controlestaat à la China waar je continu “getrackt“ wordt door “Ogen”, drones die in de lucht hangen en alles volgen, surveillanten van -o ironie- “Good to Know You”, weblenzen en oortjes, waar identificatie gebeurt door een vingerafdruk,… en je krijgt een heel benauwende setting. Het lijkt wel een parallelle wereld, maar het gaat eigenlijk om het hier en nu : de nieuwe technologieën, de economische apartheid, de milieuproblematiek, de vergrijzing in de rest van de wereld,… Het boek volgt 3 hoofdpersonages : Willem Gerson, een terminaal zieke bankier, Johnny Idaho, een tiener met een serieuze rugzak en Hatsu Hamada, een jonge biochemicus die onderzoek doet naar de sleutel tot het eeuwige leven. Het duurt een tijd voor alles zich helemaal ontvouwt, vooral voor het verhaal van Johnny moet je tot het einde doorlezen om te begrijpen wat hem allemaal is overkomen, wie de Woestijnrat is en hoe de vork juist in de steel zit, maar laat je meevoeren met het verhaal, het wordt uiteindelijk allemaal duidelijk. Het idee te moeten leven in een dergelijke wereld doet me huiveren : vrijheid bestaat niet, de eenzaamheid spat van de bladzijden evenals de drank ter verdoving van de onophoudelijke druk, alle menselijkheid lijkt te zijn verdwenen, de mens als menselijke robot -naast de Asimo’s, de echte robots-, een hamster in een loopwiel. Al slaat met momenten toch de twijfel toe… Een upgrade van Orwell’s 1984 waarvan we ook dachten dat het nooit zo ver zou komen…. En toch aanvaarden we het allemaal zonder enig voorbehoud : misschien volgende keer toch eens nadenken wanneer je je smartphone ontgrendelt met gezichtsherkenning of je jezelf identificeert met je vingerafdruk…
Soms kies je een nieuw boek omwille van de mooie kaft, of een intrigerende titel. In het geval van "Slaap zacht, Johnny Idaho" trok de naam van het hoofdpersonage me aan. De korte inhoud vond ik veelbelovend. Johnny Idaho is een tiener die "de Archipel" wil bereiken, waar Willem Gerson werkt. Die is terminaal ziek en financiert biomedica Hatsu Hamada in haar zoektocht naar het medicijn dat onsterfelijkheid belooft.
Ik vond het ook leuk om nog eens een oorspronkelijk Nederlandstalig boek te lezen. Vlaamse en Nederlandse schrijvers zijn een zeldzaamheid in mijn boekenkasten. Spijtig genoeg werd me na een paar bladzijden alweer duidelijk waarom. "Johnny Idaho" is puur sciencefiction. Een toekomstverhaal in een fictieve politiestaat (die "Archipel" dus; in de Stille Oceaan dus met heel veel Aziatische invloeden) vol technologische snufjes en "Big Brother"-toestanden.
Johnny zelf is een arrogante, vloekende achttienjarige die vertelt in een eerste persoonsperspectief, maar naarmate het boek vordert en ontdekt waar hij vandaan komt, begin je wel sympathie voor hem te krijgen. Het blijft wel vreemd hoe hij doorheen zijn verhaal een tweede persoon in de jij-vorm blijft aanspreken. Je zou denken dat hij de lezer zelf bedoelt, maar wanneer die "jij" plotseling ook antwoordt zonder dat er een fysieke aanwezigheid is, moet je die theorie laten varen.
De stukken over Gerson en Hamada zijn dan weer in een derde persoonsperspectief. Gerson weet me ook niet te bekoren, en ik sta best neutraal tegenover hem. Hamada is wel interessant, met een zachtaardig karakter en altruïstische motieven maar die zelf toch ook een gelukkig leven wil leiden.
Je komt nooit te weten hoe die Archipel precies ontstaan is, en wat er is gebeurd in de wereld. Ook kom je pas tegen het einde aan te weten waarom precies Johnny Idaho daar en naar Gerson toe wil.
Hoewel alle technologie in dit boek me stoorde, is het toch wel van een literair niveau dat ik met plezier zou willen bespreken in een leesclub of bij Literaire Creatie.
Een tiener met een missie, een terminale bankier en een wetenschapper gaan op zoek naar de sleutel tot het eeuwige leven. Zij komen samen op de Archipel, een zwaarbewaakte eilandstaat in de Stille Oceaan, en dompelen zich onder in deze nieuwe wereld. Wat drijft ze? En op welke manier zijn ze onherroepelijk met elkaar verbonden?
Ik las 'Motel songs' en 'Kinderen van het Ruige Land'; wat een prachtige schrijfstijl. Het kan komen doordat dat autobiografische werken zijn en dit niet, ik voelde het verhaal in dit boek namelijk niet. Het eerste stuk las ik moeizaam, later kwam ik wel in het verhaal. Het is een boek dat je twee keer moet lezen, denk ik, dat je dan 'meer' leest, de diepgang ziet. Het is een 'science fiction' boek, al zou ik het een 'science non fiction' boek willen noemen. De huidige tijd met scenario's rond virussen, klimaatverandering, stikstof, CO2, ... (onzichtbare/ongrijpbare 'vijanden') als aanjagers voor beleid en controle zouden zomaar de jaren kunnen zijn die zich afspelen voor het leven in dit boek.
Of dit boek een 'science fiction' boek blijft of naar het schap 'science non fiction' boeken schuift is aan ons.
Ja, wat moet je zeggen over dit boek. In dit boek volg je de levens van drie personages gedurende een week. De setting is een nare toekomstwereld waarin een scherpe scheiding is tussen degenen die de macht hebben en de rest van de wereld. Iedereen wordt nauwlettend in de gaten gehouden en gecorrigeerd door de machthebbers die daarvoor allerlei private ondernemingen hebben ingeschakeld. Uiteindelijk kruisen deze drie levens elkaar, iets wat je wel ziet aankomen. Het eind is vrij plotseling en het is wat lastig je te verplaatsen in de personages.
Deze dystopische wereld ligt akelig dicht bij de onze. Nog 15 jaar Rutte, Xi en Poetin en wij zijn ook zover. De taal staat bol van de intertekstuele verwijzingen wat een bezwaar zou kunnen zijn.
Het verhaal is wel knap geschreven en roert alle problemen van onze tijd aan. De titel had iets poëtisch wat me aantrok, maar de zwaarte en somberheid maakten die belofte niet waar.
Omdat het een grote lijster boek was, besloot ik het voor v4 als keuzeboek op te geven. Dat lijkt me achteraf wel wat hoog gegrepen.