Twaalf jaar na datum heb ik dit boek eindelijk gelezen. En God, wat mis ik Dewulfs wekelijkse column in De Standaard Magazine. Wat formuleert hij meesterlijk en hoe goed weet hij het gemoed in woorden te vangen van een vader en een vijftiger. Ik ben van hetzelfde bouwjaar als Bernard Dewulf (zijn plotse dood was een schok!) en ik deel zijn melancholie bijna één op één. Dit is een beangstigend herkenbaar boek.
Waar deze Kleine Dagen groot in is, is de aandacht voor het kleine, nutteloze, haast verwaarloosbare in het dagelijkse leven van een vader, een moeder. Hij zegt het zo: "Hoe gebeurt dit? Al jaren vraag ik me dat af. Wat is het dat onze verwondering diep in de doofpot van onze stijgende dagen stopt? Waarom worden zoveel mama's en papa's frigide voor het wonder? Bureaucraten van de dagen." Ik durf onbescheiden zeggen dat ik die verwondering niet (helemaal) ben kwijt geraakt, maar, mijn lieve Bernard, wat is dat tegelijk ook lastig! Niet voor niets schrijf je zelf: "Ik denk dat het luiheid is. Gemakzucht. En alsof ze het weten schieten ze in een levenslange kramp van dagelijkse drukdoenerij, in een razernij van functionaliteit, in een belachelijke ernst, in een verbeten verantwoordelijkheid, met een muggengaas van onaantastbaarheid om zich heen - om toch maar niet meer gestoken te worden door de gevaarlijke wesp van de verwondering." Drukdoenerij is gemakzucht, het is vluchten omdat stilstaan bij al die kleine dingen die voorbij gaan je zo verteerd dat de lichtheid van het bestaan haast ondraaglijk wordt.
Dewulf is de meester van de korte afstand. Hij weet perfect zo'n kleine dag te schetsen in één bladzijde. Dat maakte van zijn zaterdagse krantencolumns een wekelijks hoogfeest na de ratrace van de voorbije week. Op de cover van "Kleine Dagen" staat: novelle. Maar dat is het natuurlijk niet helemaal, het is een aaneenschakeling van 100 kleine schetsjes met als rode draad het vaderschap, het zien opgroeien van een dochter en een zoon (en af en toe loopt een vrouw door het beeld). Ik las dit boek als een roman, elke bladzijde na elkaar in een korte tijdspanne. Ik had het beter als "toiletboek" gehouden. Elke dag één schetsje. Als boek is het bij momenten te veel, te vermoeiend, niet meer te verwerken, ondraaglijk. Daarom is elke bladzijde zes sterren waard, maar het boek als boek slechts vier. De rit Pau - Luchon is ook altijd mooier dan die eindeloze rondjes op de Champs-Elysées, toch?