De stad Amsterdam deed 300 jaar lang mee aan de slavenhandel en slavernij. Die reikten tot over de hele wereld. Het boekje ‘Amsterdam en het slavernijverleden’ laat onder meer zien hoe belangrijk de rol van Amsterdamse stadsbestuurders was. Diezelfde stadsbestuurders hoorden vaak bij de rijkste koopmannen van onze stad en profiteerden soms enorm van het gedwongen werk van tot slaaf gemaakte mannen, vrouwen en kinderen in de Nederlandse koloniën.
Oost en West Van oudsher wordt bij de Nederlandse betrokkenheid bij slavernij vooral gedacht aan Suriname en de Caraïbische eilanden (‘de West’). Maar in ‘de Oost’, met name voormalig Nederlands-Indië, zijn ook miljoenen mensen tot slaaf gemaakt, verscheept, verhandeld en ingezet voor onder meer het verbouwen van specerijen, waarmee Amsterdam rijk kon worden.
Verzet en doorwerking Wie denkt aan slaven, denkt misschien vanzelf aan weerloze mensen die hun lot moeten ondergaan. Maar het boek laat zien hoe al vanaf het begin tot slaaf gemaakte mensen in opstand kwamen tegen hun onderdrukker, soms met succes. Verder vertelt het boek hoe racistische denkbeelden – bedacht om de slavernij te rechtvaardigen – tot op de dag van vandaag doorwerken.
Vergeten onderwerpen Het boek geeft ruimte aan ‘vergeten’ onderwerpen, zoals de slavernij in de Oost. Maar onze hele slavernijgeschiedenis is lang weggemoffeld. Dat heeft het leed nog verlengd.