What do you think?
Rate this book


Unknown Binding
First published January 1, 1931
Morsdood is dus de dood en in haat veranderde de liefde,
De varen in marmer en het uur in sneeuw;
Muziek in het gerucht van wormen en deze
Sterrendans in een zinloze dodendans van atomen;
Kom, we zullen zonder spijt ons hart breken
En een triest begin met ons einde maken.
Dit alles stelt niets voor: alles wat we noemden is niets:
Je ogen en je haar zijn niets, je verdriet en je tranen,
Evenmin jouw lach, die de kamer vulde met geschater,
En je haastige tred, die even haastig kwam als ging;
Niets en nog eens niets, zoals het wonderkruid.
Mettertijd verdord.
O glurende god, welk geheim hou je verborgen?
Hier in de kantlijn van de lente zingt de narcis,
Zulk een baarlijke nonsens als geen god voorzag.
Pluk hem, determineer en analyseer de wortel:
Het is jouw hart. Lach dan, met het plezier van een maniak.
Die hemelse waanzin deed deze wereld helder schijnen.
Wat voor koele en groene varens van gedachten zijn dat,
Die, druipend van het vocht, deze muren versieren?
Rust. Een zalige stilte verdrijft de spoken die op vleugels
Van geluid en schaduw kwamen. Jij bent al datgene.
Het hart trekt samen met zijn leed van lasten,
Tot het ontspannen zich van leed ontdoet.