Heel vlot geschreven (ik werd soms heel vrolijk van haar woordkeuzes) en snel uit te lezen boek, bovendien boordevol literatuur tips door de vele bronvermeldingen.
Een boeiend en intiem onderzoek naar wat liefde, lichaam, seks en verlangen allemaal zou kunnen zijn.
Want eerlijk is eerlijk, niemand heeft de waarheid in pacht en we doen allemaal maar wat. Met vallen en opstaan en hopelijk veel zelfreflectie tussenin alles.
Enkele memorable citaten:
“Waar veel bronnen het wel over eens zijn, is dat de anticonceptiepil niet direct zoveel seksuele vrijheid bracht als deze beloofde in de jaren zestig. In feite leidde de komst van de pil ertoe dat vrouwen vaker ‘beschikbaar’ waren in plaats van bevrijd, en werd hun rol als lustobject alleen maar vergroot. Daarom, zeggen sommigen, is achteraf gezien de seksuele revolutie uit de jaren zestig en begin jaren zeventig vooral een mannentaal. Pas eind jaren zeventig, begin jaren tachtig gingen vrouwen echt meer autonomie opeisen, schrijven Ellen Laan en Rik van Lunsen, twee van de bekendste seksuologen in Nederland, in hun boek ‘Seks!’ (2017). Ook op seksueel gebied. In deze tijd kwam er ook kritiek op de anticonceptiepil. In 1975 bijvoorbeeld schrijft Anja Meulenbelt: ‘Vruchtbaarheid was voor onze grootmoeders tenminste een min of meer geaccepteerd argument om niet altijd te hoeven. Dat wordt vrouwen [door de anticonceptiepil] ontnomen zonder dat de machtsrelatie in het gezin maken dat ze werkelijk zeggenschap hebben over haar seksualiteit.’ De meeste vrouwen slikten de pil voor deze kritiek blindelings. (…) Een mogelijk gevolg van die seksuele revolutie voor vandaag is dat vrouwen geen goed contact meer hebben met hun lichaam.”
“(…) David Foster Wallace (…): There are these two young fish swimming along, and they happen to meet another fish swimming the other way, who nods at them and says, ‘Morning, boys, how’s the water?” And the two young fish swim on for a bit, and then eventually one of them looks over at the other and goes, ‘What the hell is water?”.
“Waarom zouden die korte momenten van verbinding of verbinding met een vreemde minder waard zijn dan de verbinding waar een concept omheen is gevormd, zoals een liefdesrelatie?”
“Verdwijnt het seksuele verlangen naar de partner, dan eindigt vaak ook de relatie. Dat seksuele verlangen is dus -aangezien een monogame relatie nog steeds de meest gangbare relatievorm is- steeds belangrijker geworden. De zoete ironie is alleen, zegt Perel, dat hoe dichter je bij een geliefde komt, hoe sneller het seksuele verlangen verdwijnt. Aantrekkingskracht ontstaat door afstand, doordat de ander je verrast met iets nieuws. Door afhankelijkheid. Het streven naar ‘duurzaam’ seksueel verlangen bergt dus een onoverkomelijke tegenstrijdigheid in zich.”
“Ruzie, zei je, en vooral het soort met stemverheffing, leidde tot niets. (…) Als je geen ruzie maakt, leerde ik van een conflictbemiddelaar die ik ooit interviewde, laat je niet zien wie je bent.”
“Worden verlangens bedacht door het hoofd of ingefluisterd door het lijf? Is verlangen dezelfde activiteit als fantaseren?”