Persoonlijk en aangrijpend verslag van een ongewenste werknemer Onder redactie van Joep Dohmen en Jeroen Wester Ik zit in een situatie die zo absurd is, dat ik mij gedeisd houd. Vóór alles ben ik geschrokken van hoe slecht mensen kunnen zijn. Mijn verontwaardiging probeer ik te bedwingen. Als je toegeeft aan je boosheid, ga je lijken op datgene waartegen je vecht. Jarenlang werkt Arthur Gotlieb (1963) met veel plezier bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), de toezichthouder die de besteding van 90 miljard euro in de zorg bewaakt. Een toegewijde en zorgvuldige ambtenaar, maar ook een begaafd fotograaf en pianospeler. Een intelligente, gevoelige man met een scherp observatievermogen. De cultuur op zijn werk verandert. Hij voelt zich niet meer gewaardeerd. Sterker, hij wordt genegeerd, tegengewerkt en buitengesloten. Ze willen hem kwijt, is zijn stellige overtuiging. Arthur besluit zich te verzetten. In een uniek, uitgebreid en minutieus onderbouwd bezwaarschrift tegen zijn beoordeling legt hij op overtuigende wijze de schokkende acties van zijn managers vast. Hij wordt een klokkenluider tegen wil en dank. Begin 2014 pleegt Arthur zelfmoord. Met zijn verhaal staat Arthur symbool voor de ongewenste werknemer van vandaag.
Arthur Gotlieb is gedisciplineerde, integere en precieze beleidsmedewerker bij NZa die in de clinch ligt met zijn leidinggevenden en een complot vermoed. Vooral het niet reageren op herhaalde emails van Gotlieb door managers en geen tijd voor overleg willen maken is onthutsend en mismanagement. Met wat normale fatsoensnormen, communicatie en menselijkheid had veel voorkomen kunnen worden.
Dit is natuurlijk een kant van het verhaal en soms krijgen veelbetekenende gezichtsuitdrukkingen wel veel gewicht voor mogelijke complottheorieen. Maar door gedegenheid en zelf-kritiek van Arthur komt hij wel als betrouwbare verteller over.
Andere misstand, dat bestandsbeveiliging niet adequaat is, helpt hem ook goed zijn vermoedens te staven, door vertrouwelijke documenten en profielen makkelijk (en legaal) van gemeenschappelijke netwerkschijven of gedeelde Outlookkalenders te trekken.
Volgens het addendum bij 2e editie geeft de cie-Borstlap, die Nza doorlichtte nav affaire, Arthur op vrijwel alle punten gelijk https://www.rijksoverheid.nl/document...
Het naschrift, door de journalisten, leest wel wat sensatiebeluster dan het beroepschrift. Net iets te veel suggesties/insinuaties en iets te veel noemen van de krant en de wob verzoeken.
P61 Echter ik ben van mening dat de NZa brievenschrijvers een fatsoenlijk antwoord dient te sturen, Te allen tijde.
P71 Een opportunistische ambtenaar is een slappe ambtenaar
P87 (over NZa bestuursvoorzitter Theo Jongejans' stokpaardje innovatie) Het doel van innovatie is verbetering. Alleen: dat lukt niet altijd. Vaak niet zelfs. De NZa draagt de dubbele pet van regelgever en toezichthouder. Dat is al ingewikkeld genoeg. Een derde pet, die van 'innovatie-marskramer', past de NZa niet. Schoenmaker blijf bij je leest. Doe eerst je eigen werk goed. (...) Innoveren is sexy, reguleren is saai.
P117 Wie zijn mond opendoet over de afrekencultuur wordt daarop afgerekend
P121 Want voor de hele wereld ga ik niet opkomen. Sterker, zelden deponeer ik iets in een collectebus. De strijkstok is mij namelijk vaak te groot. Ik probeer op andere manieren goed te zijn.
P206 (over personal coach van Mulder) De website doornemend, komt de wierrooklucht nog nét niet uit het beeldscherm.
P214 Alle prachtige vergezichten ten spijt, is de NZa nog steeds een tarievenfabriek. Of nog ouderwetser: een budgettenbakkerij.
P254 ik zou denken: stuur mij dan voor de show naar een extra cursus, regel een tweegesprek met een ontwikkelingspunt op de agenda en laat Personeelszaken vijf minuten met me praten. Dat zou mijn tegenargumenten wellicht iets kunnen ontkrachten. Zo vernuftig is het management echter niet.
P298 (naschrift journalisten) het combineren van regulering, toezicht én opsporing is onwenselijk, schreef adviesbureau Anderson Elffers Felix medio 2014 http://www.aef.nl/ordening-en-toezich...
Boven alles is dit boek een beschrijving van walgelijk slecht werkgeverschap en het ondermijnende effect op de kwaliteit van uitvoering dat incompetent en zelfingenomen management veroorzaakt.
Helaas zijn dergelijke leidinggevenden met bijbehorende bedrijfscultuur anno nu, ruim een decennium na Arthur Gotliebs suïcide, niet uitzonderlijk noch abnormaal, waarbij de afdeling personeelszaken niet ingrijpt wanneer regels en wetten bedoeld om medewerkers te beschermen genegeerd worden. Het wordt dan kennelijk onofficieel toelaatbaar geacht om een “gezonde boom” moedwillig te ontwortelen.
Kennis verlaat de organisatie. De kwaliteit daalt. De kerntaak wordt irrelevant. Er wordt naar boven geslijmd en naar beneden getrapt. Datzelfde slijm blijkt ook te maken dat alle feiten en verbeterpunten (kritiek) van de hoger geplaatsten afglijdt. Met in dit geval als gevolg een medewerker die na jaren hard werken zo kapotgemaakt is dat hij een einde aan zijn leven maakt. Maar zelfs dit maant de powers that be niet tot zelfreflectie of verbetering. Voor enige mate van erkenning moet een nabestaande ze via de NRC publiekelijk aan de schandpaal nagelen door belastende feiten dan maar te printen…
Uiteindelijk blijven (ernstige) consequenties voor de verantwoordelijken achterwege. De banencarrousel draait wel door. Zonde en het stemt weinig vrolijk…
Interessant boek om te lezen als HR-medewerker. Je leert een hoop hoe het vooral niet moet. Je blijft je verbazen hoe de managers zich tegenover Arthur hebben gedragen. Soms twijfel je of dit ook echt zo is gebeurd: maar een onafhankelijke commissie heeft bijna alles bevestigd van Arthurs' bevindingen. Halverwege het boek was het soms wel lastig doorkomen omdat het vaak negatief was (ze deden dit niet goed, en dat niet ...) en wat herhaling. Maar dit boek blijft mij bij en zal ik zeker aanraden aan managers / HR-medewerkers.