Viktor Frölke besluit te solliciteren op een vacature als postbezorger bij PostNL. Al snel doet hij een paar keer per week door weer en wind zijn ronde in Amsterdam-Zuid. Vanaf de eerste dag houdt hij een dagboek bij. Frölke tekent nietsverhullend zijn avonturen aan de onderkant van de arbeidsmarkt op, die weerbarstiger blijkt dan gedacht. De beslommeringen op het depot, de wonderlijke personeelsbijeenkomsten, de post die hij onder ogen krijgt, maar bovenal de prikkelende gesprekken met kleurrijke collega's en buurtbewoners - van de onweerstaanbare secretaresse tot de hoogbejaarden wier vuilnis hij buitenzet, en van zijn oude vrienden van het studentencorps tot zijn nieuwe vriendin Xaviera Hollander - maken dit dagboek tot een verslavende leeservaring. Dagboek van een postbode is het openhartige, met mededogen en humor geschreven verhaal van een scherp observator die verwonderd om zich heen kijkt in een wereld die vlak voor onze deur ligt, maar die we eigenlijk niet kennen.
Als Postnl medewerker kan ik dit boek van harte aanbevelen! Ik was eerst bang dat het misschien flauw zou zijn of een totaal vertekend beeld zou geven zoals ik het bedrijf ken maar het is 100 procent herkenbaar. Het vakjargon, de omgang met teamcoaches, de vele (tijdelijke) collega's en de zinloze werkoverleggen in schimmige zaaltjes, allemaal zeer waarheidsgetrouw beschreven.
Toen ik "Dagboek van een postbode" zag langskomen was ik meteen benieuwd naar de inhoud. Niet alleen werkt mijn vader al ruim 45 jaar bij de post, ik heb zelf ook acht jaar (van oktober 1998 tot september 2006) op zaterdag en in vakanties als postbode gewerkt.
Maar waar ik herkenning verwachtte en ook hier en daar vond (bijvoorbeeld over het constante wegschaven van uren door "teamcoaches" die vooral op kantoor zitten en geen benul hebben van het werk op straat), was het vooral verbazing. Ten eerste is de titel waarschijnlijk door de uitgever bepaald en niet door de schrijver zelf, want die is zich er wel degelijk van bewust dat hij een postbezorger is en geen postbode. Dat lijkt mierenneukerij, maar behalve dat een postbode zelf zijn post voorbereidt (en daarom collega's op kantoor heeft en niet alleen op een depot) en een beter contract heeft, lijkt hij (of zij) meer trots en verantwoordelijkheid te voelen voor zijn werk.
Frölke ziet er namelijk geen been in om niet bestelbare post bij het oud papier te gooien, pakketjes die niet door de brievenbus passen te openen en dan te besluiten of het wel of niet besteld dient te worden, huis-aan-huis te negeren, of kranten en tijdschriften van klanten voor zichzelf mee naar huis te nemen. Hoe die klanten dat opvatten "hangt," volgens het nawoord ("Post Scriptum"), "af van hun gevoel voor humor" (347). Kennelijk zijn diefstal en schending van privacy grappig.
Verder schaamt Frölke zich op bijna elke pagina voor zijn (bij)baan: "Schaamte overwinnen gaat drempelsgewijs. De eerse drempel is op straat, voor vreemden, de post bezorgen. De tweede is dat de buren je in bedrijfskleding zien. De derde is dat vrienden en familie weten dat je postbezorger bent. De vierde is te midden van collega-schrijvers uit de kast komen als postbezorger ... maar op het schoolplein verschijnen in PostNL-tenu, dat durf ik nog niet" (199). Niet alleen is dat belachelijk (waar zou je je voor schamen?), dat is ook nog eens vreemd in het licht van zijn eigen woorden (247): "Iedereen is postbode of is er een geweest ... er is niemand die geen postbode is geweest." Tegenover wie zou je je dan moeten schamen?
Het verbaast me ook niet dat Frölke na het verschijnen van dit boek op non-actief is gesteld bij PostNL.
En tot slot een lichtelijk overdreven reactie van mij op een stelling met betrekking tot pepermunt (223): "ik eet geen pepermunt meer sinds ik weet dat er varkensvet in wordt verwerkt. De tol van het vegetarisme, dat ik probeer aan te hangen sinds ik mijn leven deel met een hardcore vegetariër." In pepermunt zit geen vet maar gelatine: vermalen slachtafval dat gebruikt wordt als bindmiddel.
Voormalig correspondent van NRC-Handelsblad in New York komt uit keurige familie, maar heeft het kennelijk niet gemakkelijk gehad (burn out, gescheiden). Enfin, hij is romancier geworden, maar verkoopt niet genoeg boeken om daarvan te kunnen leven. Daarom heeft hij een parttimebaan als postbezorger genomen en van de nood een deugd gemaakt door zijn ervaringen te noteren. Best aardig. Ik weet nu tenminste hoe de wereld achter de postbesteller in elkaar steekt. Niet avontuurlijk, maar ook niet saai. PostNL is een gewoon bedrijf in een krimpende markt dat op de kleintjes let. Opvallend veel hoger opgeleiden doen dit laaggeschoolde werk.
Eindelijk uit. Aanvankelijk regelmatig hardop gelachen om de soms gortdroge observaties. Vanaf de helft werd het boek echter taaier en een herhaling van zetten. Er had richting het einde meer vaart in gemogen en wellicht veel geschrapt kunnen worden. Desalniettemin geen spijt van, vermakelijk boek.
De hoofdstukken zijn korte verslagen wat Viktor Frölke meemaakt wanneer hij start als postbezorger. Frölke heeft de vorm gekozen van een dagboek, al is het natuurlijk een literair werk waarin de hoofdpersoon zich ontwikkelt en reflecteert wat het met hem doet om als postbezorger door het leven te gaan. Het is een grappig boek en doet me denken aan "Pogingen iets van het leven te maken" van Hendrik Groen.
Onverwacht meeslepend. Mooie observaties, dito personages. Essential read voor de met statusverlies kampende mens in de laat-kapitalistische Westerse samenleving!