Titel boekverslag: Coming out van een Mysticus. Op naar de Hele Mens
Om met het eind te beginnen. Arita Baaijens zit in haar coming out fase als mysticus en ze pleit voor de hele mens in haar boek 'Zoektocht naar het Paradijs'.
Dit boek van Arita is haar meest persoonlijke boek - ik heb al haar boeken gelezen. Ze masseert de "slechte" kanten van haarzelf - korte tenen, woede uitbarstingen, nukkigheid, tranen, jaloezie - niet weg. Voor haar is de reis van het leven, het rondje door het Altajgebergte een leven van zuur en zoet, van rationeel en irrationeel weten, van orde en chaos, van zintuiglijke ervaringen en onmiddellijk weten, van het overstijgen van tweedelingen.
Volgens Bruno Borchert, 'Mystiek. Geschiedenis en Uitdaging' (1989) is een eenheidservaring: "Een fenomeen dat in alle religies blijkt voor te komen, in zijn uitingsvormen verschillend maar in de kern overal hetzelfde: Uit ervaring weten, dat alles op een of andere wijze samenhangt, dat alles in oorsprong één is." Arita beschrijft in haar boek ook zo'n ervaring. En toen? Hoe verder met je leven als zo'n eenheids- of mystieke ervaring je overkomen is? Dat verschilt van mens tot mens. Een mystieke ervaring maakt iemand nog niet tot een mysticus. Die naam gebruiken we pas voor iemand die op die ervaring ingaat, het een plaats geeft en het tot inzet maakt van zijn/ haar leven. En precies dat doet Arita. Ze gaat in op een weten dat het logische redeneren en zintuiglijk weten te boven gaat. Ze wil ons met dit boek uitnodigen tot, ons gevoelig maken voor Dat. Ze nodigt uit tot compleetheid, tot de hele mens.
Het boek bevat een tiental juweeltjes van zinnen, gedachten en beelden. Een boek om te herlezen. Voor mij zijn dit de twee sleutelpassages.
1. Beschrijving van een eenheidservaring op weg naar de jagershut (pagina 13) :
"Laat op de avond ga ik in mijn eentje naar de banja, een kleine Russische sauna die barre winters dragelijk maakt. Het hokje hoort bij de herdershut en staat er een eind vandaan. Het vuur loeit, water sist op de hete stenen. Schoongewassen en dik ingepakt stap ik een uurtje later vanuit de benauwde sauna de vrieskou in. Aan alle kanten oneindigheid, stilte en een snijdende wind die mijn wangen laat gloeien. Boven me de Melkweg, een werveling van miljoenen sterren, gassen en kometen. Denken gaat niet meer, uit vreugde jank ik naar de maan. Een intens geluk schiet vanuit mijn grote teen omhoog naar mijn kruin. De leegte, die enorme krater in mijn binnenste, lijkt zich te vullen met champagnebubbels die bruisend mijn hersenen bereiken en daar opnieuw de bliksem doen inslaan. Jaren van misère in een oogwenk verpulverd en verbrand. (...) opeens ben ik de sterren en de aarde onder mijn voeten en besef: ik ben opnieuw verliefd, niet op een man maar op een plek, met duizenden zonnen en planeten als getuigen."
2. Twee beschrijvingen van dezelfde plant (pagina 262-263). Enerzijds een zintuiglijke, wetenschappelijke beschrijving door een bioloog. Anderzijds een heilige, irrationele beschrijving door een Altajbewoner.
Het bovenstaande is mijn analyse van het boek. De volgorde van het boek is meer aards. Arita heeft haar obsessie en vuur voor de woestijn verloren. In eerste instantie dacht ze dat de depressie waarin ze terecht kwam wel weer over zou gaan. Dat was niet het geval. Zoekend naar een nieuw vuur kwam ze op het spoor van een paradijs (shambhala) dat zich letterlijk of figuurlijk in het Altajgebergte zou bevinden. Om dit te vinden maakte ze een rondje door het gebergte. Iedere reisdag gaf ze een kleur aan haar gevoel van die dag, die ze intekende op een kaart. Onderzoekend of het landschap en de kleur invloed hebben op elkaar. Dit blijkt het geval te zijn.
Al met al een heerlijk boek. Nooit eerder heb ik iets gelezen over deze streek op onze moeder Aarde. Haar reisverslag maakt me nieuwsgierig. Erg jammer dan er niet 1 foto in het boek zit. Voor mij persoonlijk had het meerwaarde gehad als er beeld geweest was bij al die mooie bergen, weiden met bloemen, huizen, personen enzovoorts. Behalve dat ze worstelt met dat wat het wetenschappelijk denken te boven gaat lijkt ze ook te worstelen met het gegeven dat ze broodschrijver, -filmer en -reiziger is. In mijn terminologie: een opgewonden standje dat graag alleen en op zichzelf is. Maar wel eentje die daar eerlijk en mooi over schrijft en jou en mij een spiegel voorhoudt. Een spiegel die ons vertelt wie wij zijn.