Eerder heb ik twee boeken van Renate Dorrestein gelezen, wat er voor zorgde dat ik met hoge verwachtingen aan dit boek begon. De andere boeken waren geweldig geschreven en scoorden zeker hoog op mijn persoonlijke ranglijst van boeken die ik heb gelezen en ik ging er eigenlijk vanuit dat het met dit boek hetzelfde zou zijn. Haar schrijfstijl zou me wel weer goed bevallen, hetzelfde voor de talloze verhaallijnen die elkaar kruisten en natuurlijk ook de concepten: eerder was het me tenslotte niet tegengevallen. Die hoge verwachtingen gaven het boek eigenlijk al geen kans.
Toen ik het boek begon in de les dacht ik dat het wel zou komen. Het begin was wat taai, niet bepaald geweldig geschreven in mijn mening en een beetje rommelig; maar zo was het bij een ander boek van haar ook geweest. Gewoon haar schrijfstijl, hield ik mezelf voor, en ik las door. Maar het werd niet beter. Het bleef rommelig, de verhaallijnen stonden ontzettend los van elkaar en na een tijdje kreeg ik zelfs moeite om door te blijven lezen. Maar, bleef ik mezelf voorhouden, misschien werd het aan het eind wel duidelijk.
Maar ook aan het einde, werd het niet duidelijk. Ja, er was een verhaal, een beetje een warrig verhaal wellicht – maar het was er. Helaas was het niet genoeg om mij het idee te geven dat ik een leuk boek had gelezen. Meijken is eigenlijk Bonnie’s moeder. Bonnie komt er niks over te weten. Zwier heeft een kind met Bonnie, probeert het meisje bij zijn ex te dumpen maar zo ver komt het niet. Wat Zwier en Meijken met elkaar te maken hebben? Hij is samen met zijn dochter bij Meijken op bezoek geweest. Verder? Niets. Is het van belang om Zwier en Maryemma in dit verhaal te hebben? Geen idee.
Het was dan ook niet vreemd dat ik, na het lezen van het boek, me afvroeg of er wellicht delen misten. Aan het einde klopten de verhaallijnen wel met elkaar, maar ze verduidelijkten elkaar niet en hadden net zo goed los van elkaar kunnen staan. Ja, ze waren allemaal familie van elkaar. En ja, er waren dingen gebeurd die op hen allen impact hadden en zeker hun relaties beïnvloedden. Daar bleef het echter bij. Het leven van Zwier en Maryemma was één deel, het leven van Bonnie een ander, het leven van Gert & Meijken op zich en dan ook nog Meijken’s herinneringen zorgen wéér voor een andere verhaallijn. Als het boek enkel had gefocust op Gert, Meijken en Bonnie, zou het boek veel duidelijker zijn geweest. Die hadden tenminste echt wat met elkaar te maken. Zwier was enkel de gewelddadige vader van Bonnie’s kind waarmee ze geen contact meer had. Al niet meer sinds Maryemma’s tweede jaar.
Toch denk ik niet dat mijn teleurstelling over dit boek enkel door mijn hoge verwachtingen kwam. Dat heb ik me wel afgevraagd: had ik het boek wel leuk gevonden als ik die andere boeken van Renate Dorrestein niet had gelezen? Maar om heel eerlijk te zijn, denk ik van niet. Meestal kan ik boeken nog wel enigszins tolereren; deze niet. Ik weet er geen enkel goed woord over te zeggen. De schrijfstijl die ze in Ontaarde Moeders hanteerde? Rommelig, weinig verbanden. Alles liep langs elkaar op, ze herhaalde stukken, de zinnen verliepen houterig. Een beetje alsof ze met moeite alles neer had gezet. Natuurlijk snap ik dat schrijven zwaar kan zijn, ik schrijf zelf ook, maar als het niet lukt, doe het dan ook niet. Ik kreeg continu het idee dat ze naar een deadline werkte en daarom maar snel een boek in elkaar heeft gezet. Wat jammer is, want ze kan juist zo goed schrijven.