"Gilgamesj, eet goed. Wees elke dag en nacht blij, vier elke dag en elke nacht feest, dans en maak muziek. Neem een bad, was jezelf en trek schone kleding aan. Kijk naar het kind dat je bij de hand neemt en maak de vrouw die zich tegen je aan vlijt, gelukkig. Want dat is het werkelijkste perspectief van de mensen."
Er zit voor mij iets heel moois in het feit dat het alleroudste epos dat we vandaag kennen, gaat over het allermenselijkste gevoel: de angst voor de dood. Een halfgod die zijn eigen kwetsbaarheid inziet wanneer zijn beste vriend sterft en tevergeefs op zoek gaat naar onsterfelijkheid, kruipend door het stof van zijn eigen verdriet. Mythisch en tegelijk diepmenselijk, een van de weinige verhalen die je écht tijdloos kunt noemen. Gilgamesj heeft zo in zekere zin zijn onsterfelijkheid toch bereikt.