Historicus Luuc Kooijmans (1956) heeft veelvuldig bewezen dat hij een complexe geschiedenis helder en indringend kan vertellen. Hij is auteur van boeken die niet alleen lof hebben geoogst in wetenschappelijke kringen, maar ook door een breder publiek worden gewaardeerd. In 2008 werd Gevaarlijke kennis bekroond met de Grote Geschiedenis Prijs en met de Greshoffprijs van de Jan Campert Stichting. Hij schreef daarnaast onder meer De doodskunstenaar, Het orakel en De geest van Boerhaave. In 2004 ontving hij van het Prins Bernhard Cultuurfonds een oeuvreprijs op het terrein van de geesteswetenschappen. Zijn werk werd vertaald in het Engels, Russisch en Pools.
Frederik Ruyschwas vanaf halverwege de zeventiende tot ver in de negentiende eeuw wereldberoemd als anatomicus. Hij dankte zijn faam aan een methode van prepareren die hem tot een belangrijke gids maakte in de vroegmoderne ontdekkingsreis door het menselijk lichaam, en die bovendien het ontleden omvormde van een morsige bezigheid tot een in brede kring bewonderde kunst. Zijn anatomische collectie was een van de toeristische trekpleisters van Amsterdam. Ruysch slaagde erin lichamen zo te balsemen dat doden nauwelijks van slapenden waren te onderscheiden. Bezoekers waren steevast verbijsterd. Een van die bezoekers was de Russische tsaar Peter de Grote, die zo getroffen was dat hij bij een gebalsemd kinderlichaam knielde om het te kussen. Als schoonzoon van de architect Pieter Post en als vader van de schilderes Rachel Ruysch leefde Frederik Ruysch op het raakvlak van kunst en wetenschap. Tijdens zijn leven oogstte het kunstzinnige aspect van zijn werk soms hoon en kritiek van wetenschappelijke zijde, maar naderhand is hij juist als doodskunstenaar anderen blijven inspireren, van Balzac tot Stephen Jay Gould.
Kooijmans beschrijft in dit boek het leven, het werk, de familie, de erfenis en nog veel meer over Frederik Ruysch. Af en toe wordt het verhaal verrijkt met foto's, tekeningen of afbeeldingen van schilderijen. Vanuit eigen interesse naar deze man, die eigenlijk geen bekendheid meer heeft in Nederland, ben ik dit boek gaan lezen. Kooijmans heeft echter zoveel onderzoek gedaan dat hij niet meer kon kiezen wat noemenswaardig was en wat niet. Mijn interesse ligt voornamelijk bij zijn werk, zijn geheime methode en hoe het nu met de collectie staat. Verdere informatie is interessant, over zijn werk als dokter, docent, apotheker en bij vroedkunde. Maar ik hoef niet hele ruzies te weten tussen mensen die Ruysch wilde opvolgen. Ik hoef niet alles te weten over Govert Bidloo en wie de nieuwe steensnijder van Utrecht mocht worden. Dat maakt het boek lastig te lezen, naast dat het natuurlijk veel informatie is.
Daarentegen is dit wel interessant, dan moet je er misschien rustig voor gaan zitten. Als je hierin geïnteresseerd bent, of dit voor je studie moet lezen, dan is het boek geschikt. Veel informatie en erg uitgebreid (meer dan Ruysch alleen). Nu ben ik vooral nog benieuwd naar de collectie in St. Petersburg!