Van alle zangvogels is de Wielewaal ongetwijfeld de meest bezongene. Hele generaties hebben zijn loflied in canon gezongen, in de christelijke zangvereniging, op wandeltochten, bij het kampvuur en op school. En de Wielewaal verdient deze hommage volgens Hans Dorrestijn, de man die dankzij Dorrestijns Vogelgids en Dorrestijns Natuurgids de onbetwist scherpzinnigste en geestigste Nederlandse auteur is op ornithologisch gebied. Dudeljo! is behalve een eerbetoon aan Nederlands mooiste zangvogel een nieuw hoogtepunt in Dorrestijns vertelkunst. Hij neemt de lezer weer mee op zijn vogelexcursies naar uitheemse landen als Hongarije, Bulgarije en Georgië en brengt daarbij ook van alles aan het licht over de wellicht vreemdste vogel die de natuur kent: de mens.
Het lijkt erop dat 'vogelen' steeds populairder wordt in Nederland. Ook ik heb sinds kort een mooie verrekijker. Maar ik durf mijzelf geen vogelaar te noemen, daarvoor ben ik echt te amateuristisch. Op mijn wandelingen spot ik bijvoorbeeld veel roofvogels, maar ik kan ze niet van elkaar onderscheiden: valken en 'andere roofvogels', verder kom ik niet. Mijn mooiste waarneming is die van een troepje pestvogels in de appelboom van de buurman. Toen ik mezelf naar de bovenverdieping van mijn huis haastte omdat ik meende de vogels vanaf de studeerkamer beter in het vizier te kunnen krijgen, waren de pestkrengen helaas alweer gevlogen. Deze klungelige waarneming zou niet misstaan in Hans Dorrestijns Dudeljo, want met smaak schrijft hij over zijn eigen klunzigheid: ook hij kan roofvogels niet goed herkennen, hij kan niet navigeren, en hij ziet het verschil tussen een visdiefje en een witwangstern niet. Niet alleen zijn ornithologische missers beschrijft Dorrestijn op vermakelijke wijze, ook zijn weergave van sociale ongemakken en zijn rake typeringen (onder andere van het televisieprogramma De wereld draait door) maken dit boekje een lust om te lezen. Vooruit, één citaat: 'Ik (IK) ben stomverbaasd dat mensen maar niet willen begrijpen dat ik het middelpunt van de wereld ben, nee van de kosmos!'
Dorrestijn, altijd goed. Zijn tweede vogelboek. Vol met verhalen over vogels (met name de Wielewaal met een hoofdletter) en de vogelaars. Zijn observaties blijven geweldig en zijn schrijfstijl blijft Dorrestijniaans. Genieten (ook voor niet vogelaars!)
Niemand weet zijn eigen tekortkomingen zo prachtig te vertalen in fijne verhaaltjes als Hans Dorresteijn. Net als de Vogelgids en de Natuurgids lees je dit boek zonder moeite in een of twee keer uit.
Ja! Heb meer met Hans Dorrestijn dan met vogels maar dit was weer genieten. Wat een heerlijke anekdotes weer en lekker elk vogeltje opzoeken bij Google Afbeeldingen. Met een grote glimlach gelezen, go Hans!