Jona Lendering nuanceert het gangbare beeld dat de "westerse" cultuur voortgekomen is uit de Griekse en Romeinse. Dat blijft natuurlijk ook waar, maar hij laat vrij overtuigend zien dat er ook sterke Arabische (of islamitische, maar dat klinkt me net even te religieus) invloeden zijn geweest. De Arabische cijfers kennen we natuurlijk allemaal, maar zo lijkt ook dat het universitaire systeem en de huidige bachelor-master verdeling op de islamitische madrasa's terug te voeren is, evenals de leerling-gezel-meester weg in de gilden. De Arabische termen hiervoor zijn mutafaqqih-sahib-mufti trouwens. Ook de experimentele methode in de wetenschap heeft zijn wortels in de Arabische wereld, en dus niet (alleen) bij Robert Boyle zoals we nu ook weer bij wetenschapsfilosofie leren.
In het vervolg ga ik het hebben over baccalaureus en magister, dar klinkt veel mooier dan bachelor en master.
De meesten van ons zijn opgegroeid met het beeld dat onze beschaving geënt is op de Grieks-Romeinse beschaving. Jona Lendering schetst in dit boek een genuanceerder beeld. Veel van wat toegeschreven wordt aan de Klassieke Oudheid heeft voorlopers in de beschavingen in het Midden-Oosten: Assyrië, Babylonië en het Mesopotamië. Ook de ontwikkeling van de moderne wetenschap - toegeschreven aan de oude Grieken - is deels van Arabisch oorsprong. Tijd om dit beeld voor volgende generaties te herzien.