Suske vindt in een moeras een donkere diamant die ongelukdegene die hem vindt, verliest alle levensvreugde en kwijnt langzaamweg. Als Suske en Wiske ervan beschuldigd worden de diamant gestolente hebben, vluchten ze naar Barabas die hen naar het jaar 1400flitst. Als wat later ook Lambik, Sidonia en Jerom aankomen, gaan zemet z'n allen op zoek naar het geheim van de diamant. Ze wordendaarbij lastiggevallen door de Zwarte Ridder die telkens hun padkruist.
Tijdens een vakantie op het platteland, vinden Suske en Wiske een zwarte diamant. De plaatselijke baron koopt die van hen. Dan stelt hij de diamant ten toon voor de pers, met Suske en Wiske als zijn gasten. Maar de steen wordt gestolen, en Suske en Wiske zijn verdacht. Ze vluchten, op de loop voor de politie. Ze gaan naar professor Barabas, en hoewel de teletijdmachine niet goed werkt, flitsen ze zichzelf naar de 14de eeuw, deels uit schrik voor de politie, deels om het geheim van de duistere diamant te achterhalen. Algauw komen ze daar in moeilijkheden, maar ze ontmoeten ook Alwina, een meisje dat kan toveren, en die op de Ganzenhoeve woont. Ze worden echter op de hielen gezeten door de plaatselijke bevolking, die hen door hun 20ste eeuws voorkomen en het gebruik van o.a. een fototoestel, voor heksen houdt. Na nog enkele gevaarlijke situaties, waarbij o.a. Sidonia wegkwijnt door het verlies van haar lach, omdat ze de duistere diamant terug gekocht heeft van de Zwarte Ridder (die niemand minder is dan de baron, die zich ook naar het verleden geflitst heeft), loopt met de hulp van Alwina alles toch nog goed af. Heel goed verhaal, zoals de meeste van de vroege verhalen.
In 1958 begon de Suske en Wiske-reeks aan een langzame afname in kwaliteit: de verhalen werden minder sterk, het tekenwerk slordiger en de lijnvoering platter. De eerste tekenen van deze achteruitgang zijn in dit album al waar te nemen. Het plot rammelt behoorlijk: de handelingen van de baron zijn zeer onovertuigend en de hele middeleeuwse episode slaat eigenlijk nergens op. Jammer, want het idee van een lachontnemende diamant is wel sterk, heks Alwina een sympathiek personage en Jerom heerlijk afwezig (hij doet eenvoudigweg niet mee aan dit verhaal).
Alle elementen aanwezig. Teltijdmachine, een legende, gevangen/ontsnappen, goede grappen lambik en zelfs Jerom heeft een paar leuke grappen over het feit dat hij nu ambtenaar is. Absolute aanrader!