Citaat : Kom aan mijn borst kom aan mijn borst daar rust gij aan een lijf dat eenzaam is een bedden van uw eenzaamheid en eenzaam spelen uwe vingers langs het ontwarren van lange wier
Uit Loreley. Review : Paul van Ostaijen (1896-1928), zag dichtkunst vooral als een spel met woorden. Hij streefde dan ook naar een zo groot mogelijke harmonie tussen vorm en inhoud. Na de Eerste Wereldoorlog kwam hij in Berlijn in aanraking met het expressionisme en het dadaïsme; niet veel later publiceerde hij de bundel Bezette stad (1921). Nagelaten gedichten bevat de gedichten die nooit in een bundel zijn verschenen die door Van Ostaijen zelf verzorgd werd. Bekende – zoals ‘Marc groet ’s morgens de dingen’ – en minder bekende verzen zijn hier verzameld. Paul van Ostaijen (1896-1928) is een dichter voor alle generaties met een actueel blijvend werk. Hij was een wonderkind dat op jonge leeftijd debuteerde, jong stierf, en nog altijd wordt gelezen. Elk van zijn bundels kent een andere invalshoek; telkens wist hij zich te vernieuwen. Intussen is Van Ostaijen uitgegroeid boven zichzelf, hij is een mythe geworden, door zijn poëzie, zijn leven en zijn vroege, tragische dood. De bundel grotesken (bij Uitgeverij Voetnoot) doet bulderlachen, terwijl de swingende taal van Music hall in eindeloze vervoering brengt en een bijzondere tegenstelling vormt met de tergende taferelen uit onder meer Feesten van angst en pijn. De erkenning die van Ostaijens oeuvre nog steeds geniet, mag dus geen toeval heten: in middelbare scholen is de man nog steeds verplichte kost en de laatste jaren lieten verscheidene theatermensen zich inspireren door de poëzie van deze Antwerpse flamingant. De hernieuwde uitgave van zijn twee belangrijkste werken is zeker niet overbodig en Uitgeverij Athenaeum - Polak & Van Gennep besteedde veel zorg aan de bladspiegel en liet dichter Alfred Schaffer een nawoord optekenen waarin het genie van Ostaijen met enkele eenvoudige pijlers wordt toegelicht.
Ik heb altijd al een enorme fascinatie gehad voor Bezette Stad van Paul van Ostaijen. Ik had hier en daar wel eens een stuk gelezen, en ik kende natuurlijk het welbekende Boem Paukeslag. Maar ik had de bundel nooit in zijn geheel gelezen. Bezette Stad is een dichtbundel waarin Paul van Ostaijen op zijn geheel eigen wijze verslag uitbrengt van hoe hij de bezetting van Antwerpen tijdens de 1ste Wereldoorlog heeft ervaren. En dat wanneer je het in onze moderne tijd leest heel dicht in de buurt komt van spoken-word en hiphop. En man, wat een geniaal stukje poëzie heeft Paul Van Ostaijen wel niet bij elkaar geschreven. Voor mij is het prijsbeest toch wel Sous Les Ponts De Paris waarmee hij een aanklacht tegen het geloof neerpende dat zijn weerga niet kende. Een regelrechte uppercut omdat hij het gevoel had dat het geloof in zijn totaliteit de mensen tijdens de oorlog in de steek had gelaten. Ook qua ontwerp is er amper iets uit deze tijdsperiode wat nog maar in de buurt kan komen van deze typografische parel. En naast Bezette Stad in zijn iets of wat originele vorm krijg je ook nog de rest van zijn nagelaten gedichten en een uitstekend maar bescheiden nawoord. Voor de meerwaardezoeker is er altijd de fantastische vierdelige podcast Boem Paukeslag van Klara. Op de nog te lezen (en ook nog te kopen)lijst staat nu ook de onlangs uitgebrachte biografie van Matthijs De Ridder, de Paul van Ostaijenkenner bij uitstek.
Ik begrijp er niet veel van maar wat een prachtige gedichten. Memorabele versregels zoals 'U zal veel worden vergeven/want/gij hebt veel films gezien', 'good bye Piccadilly/Square/farewell Leicester', 'heden avond [..] optreden van het wereldberoemd TRIO GODSDIENST VORST STAAT!', 'Plots binnen de kring van haar moedeloosheid/begon de stad te/leven', 'Music hall een ballon die barsten gaat', 'Boem Paukeslag daar ligt alles plat', 'Hoort hoort/Floris Jespers heeft een Singernaaimasjien gekocht/wat wat/jawel/hoe zo/ ik zeg het u/', 'Panem et Singerem et Singerem et Singerem' en het rijmpje 'Sint Niklaas/appelbaas/uit 't land van Waas'. Honderd jaar later oogt het werk van van Ostaijen nog even fris als toen al zijn er referenties, zoals bijvoorbeeld naar Asta Nielsen, die de tand des tijds minder goed hebben doorstaan.
Meenge mooie meid heeft door de domme, lange nacht, naar het naakte bijzijn van de minnaar smartelik getracht, zij heeft in de grote leegte van haar wit bed, de peluw gekust, als wilde ze zijn matte hoofd in rust gesust.
Haar hoofd was ongerust te midden van de wilde haregeur, haar armen grepen, bang begeren, om't onzekere genot dat zich niet bieden wou, als een wrang gebod aan haar verlangen, door de nacht, - 'n weerstandloze deur. -
Haar vingren koesterden de naaktheid van het eigen lijf en rilden; het eigen lijf dat onvoldaan bleef en vermoeid, onder het geheim van deze koestering; de nacht, als één levende adem, trilde.
Haar adem ging opgelost in de nachtelike adem, haar verlangen tot de eindelike slaap gesmacht. Meenge mooie meid door de zware, zwoele nacht.
This rating is only about Nagelaten Gedichten. I think, in general with Ostaijens books, there are a few really good poems and a lot of okay poems. Included some classics like the chimpanzee and the hatmakers.