Oud-rechercheur Wim Terlinde is op zoek naar nabestaanden van de overleden Roderick Vos en komt uit bij twee vrouwen die in diens leven een rol hebben gespeeld. Als een van hen in een psychose beland blijkt te zijn, drukt hij samen met de andere vrouw de erfenis van Vos achterover. Maar dan ontmoeten de vrouwen elkaar, in de ruige Schotse hooglanden. Vanaf dat moment neemt het verhaal een wending die zichtbaar maakt hoe ingrijpend de psychische gevolgen van misbruik en ongewenste seksualiteit kunnen zijn. De dramatische ontknoping is even schokkend als onvoorzien.
Bernlef (previously J. Bernlef) is the pseudonym of Dutch writer, poet, and translator Hendrik Jan Marsman. He occasionally used the nom de plume: Henk Bernlef.
Between 1959 and 2012 Bernlef wrote a large number of novels, stories and poems. Amongst others he received the Constantijn Huygens prijs (1984), the AKO Literatuurprijs (1987) and the PC Hooftprijs (1994). His work is characterized by a sober language and an unflagging fascination with the workings of the human memory. His most famous novel is Hersenschimmen (1984) and describes the process of dementia from the point of view of the sufferer, Maarten Klein. (Source: de Volkskrant 29/10/2012)
Bernlef is obviously fascinated by the human psyche, by memory (or lack of it) and by illness (mental or physical). This book is slightly different from the others I have read in that it starts off as a sort of mystery as a former policeman endeavours to find heirs to Roderick Vos's fortune. Later on the focus moves to two of the women Vos abused and becomes more Bernlef-like as it investigates in depth the dire consequences of sexual abuse rather than the ex-policeman's dirty tricks (financially speaking).
The language is straightforward (although you might well require a dictionary) and I found the story simple to follow. In my view a book worth reading.
Bernlef had het lastig: altijd moeten opboksen tegen zijn eigen verleden, tegen het meesterwerk bij het begin van zijn carrière ('Hersenschimmen'), waarna veel van zijn werk automatisch tegenvalt. Maar 'De een zijn dood' is sterk: wel wat sec, zuinig, maar krijgt je geleidelijk in zijn greep. Een man die met veel gevoel schrijft over vrouwen die misbruikt zijn, je moet het maar doen.
Spaarzame minzaamheid. Het is altijd een klein genot om Bernlef te lezen en dit is geen uitzondering. De een zijn dood, een van de weinige Bernlefs die ik nog niet kende, vond ik bij de uitverkoop van weer een onafhankelijke boekenwinkel minder. Met een beetje schuldgevoel, dat geef ik toe. Mijn vaste boekenwinkel is verderop in de binnenstad en misschien had ik de dichtbije zaak toch iets meer mogen steunen. Anderzijds: zou het een verschil hebben uitgemaakt?
De een zijn dood uit 2011 is een gemakkelijke Bernlef en opnieuw opvallend mooi uitgegeven. De karakterkop flirt hier met het detectivegenre. Een ex-politieman gaat op zoek naar de erfgename van een louche uitgever, daarbij verplaatst de actie zich al snel naar het hoge noorden en uiteindelijk komt er zelfs een moord bij kijken. Dit verhaal wordt keurig chronologisch opgebouwd in vier delen, met telkens een andere vertelstem.
Niet alle delen zijn even sterk. Het einde, waarin een Schotse detective de moord opheldert, is nogal flauw en de moordscène zelf komt wat halsoverkop. Zoals gebruikelijk is Bernlef op zijn sterkst in de eerder reflecterende passages waarin zijn poëtische natuur bovenkomt. Daarbij komen de vaste Bernelfthema’s aan bod, zoals de worsteling met identiteit en zijn liefde voor het desolate noorden.
Bernlef lezen is een poëtisch protest tegen de vergankelijkheid. Die boekenwinkel om de hoek is failliet en ook Bernlef is niet meer. Met veel zin voor zelfrelativering plaatst de beminnelijke schrijver hier een van zijn eigen titels bij de onverkoopbare boeken van een groezelige uitgeversmagazijn. Voor wie is de winst, voor wie het brood?
Ik vind dit een aan te bevelen boek. Het heeft een mooie balans tussen drama, realiteit, humor, hebzucht, wraak en goedmaken. Het is een soort van thriller die ik net kan verdragen omdat hij zo goed geschreven is. De personages zijn heel realistisch, je zou ze zomaar tegen kunnen komen.
Niet het best geschreven boek dat ik van Bernlef gelezen heb. Komt ietwat geconstrueerd over. Toch de moeite waard om te lezen, ook al vanwege een aantal mooie overpeinzingen.
Het valt op dat Bernlef een zeer geoefend schrijver is en met pientere pen een stevig plot neerzet. Wat mij zo aansprak aan het boek waren de op het eerste oog onopvallende schetsen van de natuur en andere zintuiglijke waarnemingen. Deze zijn prachtig, als een lentebries zo zacht en verfrissend.
Met klare taal en in korte zinnen doet Bernlef zijn verhaal over een erfenisfraude die nog een staartje krijgt. Het eerste deel was veruit het sterkste en daarna nam het stapsgewijs af.
Het lichaam van ‘vrijdrukker’ Roderick Vos wordt na een paar maanden gevonden op een zolderkamer van Begijnenstraat 62 in Deventer. Erfgenamenonderzoek van de aan een hartaanval overleden einzelgänger levert bitter weinig op. We krijgen het vervolgverhaal door de ogen van Wim Terlinde, Erf en Recht rechercheur, door slachtoffer Sofie de Winter, door slachtoffer Francien Vos en door politieagent Dave Goff.
Magistraal weet Bernlef je vanaf de eerste regel in het verhaal te zuigen en je aandacht vast te houden door telkens een ander perspectief te belichten. Je begint met een dode en al terugredenerend probeer je de levenden te vinden.
Bernlef, maar deze keer wat langer. Wederom genoten van de verteller die Bernlef is. De climax van het verhaal voelde gehaast en wierp na mijn mening al de opbouw uit het raam. Maar zo is het leven soms. Alsnog geniet ik van de manier waarop karakters worden opgebouwd, simpele gesprekken die diepte creëren heb ik altijd wel waardering voor. De mogelijkheden die Bernlef hierdoor produceert in zijn roman zijn oneindig, en lieten me vastberaden doorlezen. Eindstand: van 4 naar 3 sterren door een matig einde, maar waardering voor de verteller blijft onverandert!
Hoe mensen een verkeerde beslissing nemen en tot welke vreselijke gevolgen dat kan leiden. Ik herkende het boek niet als een boek van Bernlef. Niet verwonderlijk natuurlijk: ik heb nauwelijks boeken van hem gelezen. Zeker geen verkeerd boek trouwens. Maar ... voor mij niet bijzonder.
3,5 Mijn eerste Bernlef…. Goed geschreven, interessant verhaal en karakters maar zoals wel vaker bij dubbele points of views is het vaak een herhaling van wat de ander al heeft mee gemaakt dus het einde was best teleurstellend en ging te rap t.o.v de rest van het boek.
Bernlef heeft een klare stijl, ontdaan van franje, factueel en gericht. Prettig als een groot verhaal in weinig pagina's gepropt moet worden, toch voelt dit boek te koud, te afstandelijk. Op geen enkel moment voelde ik me verbonden met de hoofdrolspelers, die zich allemaal als een soort robots voortbewegen door het verhaal, elk vanuit hun eigen ik-persoon. Echter met het thema kindermisbruik is dit misschien wel de juiste toon. De gigantische emotionele schade die kindermisbruik achterlaat is een krachtig thema waar veel emotie uit te melken valt, in dat opzicht werkt de klare stijl als een verhelderd glas waardoor de effecten van misbruik scherp naar voren komen, zonder pathetisch of overdramatisch te worden. De rechercheur wil een misbruikte vrouw helpen geld te cashen van een overleden pedofiel omdat het anders niet opgeeist kan worden door zijn enige erfgename die inmiddels gek geworden is. Het lukt, totdat de vrouw de erfgename gaat opzoeken in Schotland en door haar neergestoken wordt in een psychotische drankdelirium.
'De een zijn dood' is op geen enkele manier stilistisch of thematisch vernieuwend, maar het is nog altijd prettig vertoeven in de geschetste bitterzoete mistroostigheid. Ergens zal ik altijd een zwak houden voor het kale taalgebruik waarmee Bernlef eenzame mannen laat mijmeren over de eigen vergankelijkheid en de mysteriën van het menselijke geheugen.Toch wringt het hier dat de psychologische nawerking van seksueel misbruik versimpeld wordt tot een onwaarschijnlijk misdaadplotje rond identiteitsfraude en vergelding. Onverwachte perspectiefwisselingen kunnen niet verhullen dat de centrale verhaallijn middelmatig is uitgewerkt.
Het boek begint goed, qua leesbaarheid en door willen lezen. Het einde heeft iets onbevredigends omdat het te zeer 'klopt' en 'af' is en daarmee weinig ruimte laat voor de lezer om er zelf op door te denken.