De oude rietdekker vertelt, zijn zoon schrijft het op. En blijft doorschrijven tot na zijn vaders dood. Rinus Spruit schetst met gevoel het harde bestaan van een rietdekkersfamilie in het begin van de vorige eeuw.
Oud en arm, het was hun schrikbeeld, want pensioen was er vroeger niet. Dus werd de hele familie ingeschakeld bij het rietdekken zowel in Zeeland als bij aangenomen werk elders in het land. Dat ging niet altijd goed, zoals bij de klus in de Amsterdamse IJ-polder waar een noviteit zou worden gebouwd, een uitstekend geïsoleerde aardappelbewaarplaats van stro en riet, die voor de ogen van de bouwers in elkaar zakte. Als het voor het werk buiten te koud was, werden de varkens geslacht en verkocht. En als er ijs lag, werd bij voorkeur het riet gesneden. Rinus Spruit beschrijft het allemaal op een prachtige, sobere en haast achteloze manier. Met subtiele humor en veel toewijding laat hij ons kennismaken met een manier van leven, die mijlenver van ons verwijderd lijkt, maar die door de dagelijkse details heel herkenbaar wordt en dichtbij komt.
Rinus Spruit (Nieuwdorp, 1946) behaalde een groot succes met zijn debuutroman De rietdekker (Cossee 2009). De Duitse vertaling verscheen onder de titel Der Strom, der uns trägt en ontving ook daar lovende recensies. In het voorjaar van 2011 bracht theatergroep Zeelandia een toneelbewerking op de planken met Bram Kwekkeboom in de hoofdrol. In het najaar ging het stuk in reprise. Spruit won enkele prijzen met zijn korte verhalen. Eerder werkte hij als verpleegkundige en journalist. Hij is ook fotograaf. In 2013 verscheen zijn tweede roman Een dag om aan de balk te spijkeren. In september 2019 verscheen De wonderdokter, naar het dagboek van de Zeeuwse plattelandsarts Albert Willem van Renterghem. In 2021 verscheen zijn nieuwe roman De verlossing van Jacob Smallegange, die genomineerd werd voor de Libris Literatuurprijs van 2022. In 2025 wordt zijn nieuwste roman, Valavond van een nestblijver, uitgegeven.
Van Rinus Spruit had ik al twee boeken gelezen, alleen zijn debuut uit 2009 'De Rietdekker' ontbrak nog op mijn lijst. Ook in zijn eersteling laat Spruit al overduidelijk zien een aanwinst te zijn voor de Nederlandstalige literatuur: niets is dik aangezet, geen zware literaire motieven maar een knap geschreven verhaal over mensen die aan het begin van de 20e eeuw hun leven vulden met hard werken om te ontsnappen aan de armoede. 'De Rietdekker' is niet zozeer een roman, maar eerder een biografie van het werkende leven van Spruits vader die het vrijwel uitgestorven beroep van rietdekker uitoefende. Spruit is de schrijver van het literaire miniatuur; hoe kleine levens groot kunnen zijn in hun eenvoud en in hun beleving. Een prachtig boek.
Rinus Spruit vormt het Zeeuwse dialect van zijn vader speciaal voor ons om tot een mooi boek, dat een eerbetoon is aan een hardwerkende man die heel goed was in zijn beroep, rietdekken. Maar hij was meer dan zijn beroep en kon ook mooie verhalen vertellen, die Rinus allemaal opnam op een bandrecorder. Zo worden ze niet vergeten. Vooral die uit de jaren '20 en '30 maakten indruk op mij.
Toen zijn vader niet meer kon werken en lezen, hoefde het allemaal niet meer zo voor hem. Luisterboeken brachten nog even verlichting, maar Rinus ziet hem vermageren en verzwakken. Zijn einde is mooi in beeld gebracht en doet verlangen naar nog een boek van Spruit. Gelukkig is er nog een roman. In 'Broeder, schrijf toch eens' las ik al hoe Rinus' vader een blijvende indruk op de rest van zijn leven zal hebben. Dat maakte het lezen van 'De Rietdekker' nog extra mooi. In de roman zal ik vast en zeker ook karaktertrekken van Rinus en zijn vader terugherkennen.
Prachtig en compact boekje over een verdwenen wereld: het harde bestaan van een rietdekkersfamilie in Zeeland uit de vorige eeuw. Rietdekkers bouwen en herstellen rieten daken voor boeren.
Het boek zit vol sprekende details, subtiele humor en mooi Zeelands dialect. Eigenlijk gaat het vooral over drie generaties mannen: grootvader, vader, zoon. Rinus Spruit laat de verhalen van de drie generaties subtiel en kundig in elkaar overlopen.
Alledaagse anekdotes gebald in heel korte hoofdstukjes geven vaart aan deze loepzuivere familiekroniek. Geen verrassing ook dat iemand als Erik Vlaminck fan is.
Mogelijks krijgt dit een extra ster omdat het mij uit een leesdipje heeft geholpen, maar toch: aanrader.