Lot heeft niet lang geleden haar moeder verloren en beschikt door de onverschillige houding van haar vader niet over een ouderlijk vangnet. Haar leven kenmerkt zich door een aaneenschakeling van min of meer onbetekenende liefdesrelaties. Zo vult ze de leegte die haar moeder heeft achtergelaten met luchtig nachtelijk vertier en korte of wat langere relaties. Een oude straatartiest, een alcoholist, iemand met mentale problemen. Mensen met hun eigen problemen en verslavingen. Maar in de stap die daarop volgt zit de crux: na het stuklopen van zo’n relatie treurt Lot steevast zo hard en hartverscheurend in haar antikraakappartement dat ze het rouwen om haar moeder in zekere zin opnieuw beleeft. Remournen, noemt ze dat. In tegenstelling tot voor echte rouw lijkt er voor dit remournen altijd een medicijn te zijn: in elke nacht, in elk café, liggen aan het einde van dit ‘liefdesinterbellum’ immers weer nieuwe avonturen die de leegte in Lots leven kunnen vullen en de dieperliggende pijn op afstand kunnen houden.
In twee jaar tijd heeft Ine Boermans twee romans gepubliceerd en ik hoop dat we veel meer van haar gaan horen. Het liefdesinterbellum en voorganger Een opsomming van tekortkomingen, een tweeluik over het leven van Lot, zijn helder geschreven — korte zinnen en alinea’s, korte scènes die de vaart erin houden — waardoor de humor en tragiek harder aankomen. ‘We goten een beetje wijn over haar graf maar niet veel. Zonde.’ Heerlijk toch? Het liefdesinterbellum is bizar, meeslepend en tegelijkertijd heel herkenbaar voor iedereen die jong en onbezonnen is geweest.
Dit was een van de boeken die ik las voor de lijst, het was eigenlijk veel intressanter dan ik verwachte! Heel goed geschreven ik hou van boeken waar je over na moet denken, en die je een beetje in de war brengen het liefdes interbellum deed precies dat.
Dikke krul op je rapport. Dank voor dit heerlijke boek over Lot en ook voor Samir. Nu weet ik eindelijk wat ik allemaal door elkaar kan roepen langs de lijn.
Een mooie tweede van Ine Boermans in haar eigen, onderkoelde, humoristische (en onder het oppervlak lichtpanische - which I like) stijl. Ben benieuwd of Lot nog een rol speelt in het boek dat hierna komt. Ik hoop stiekem van niet, maar dat de vader centraal staat. Ik weet het, een sardonisch genoegen. Als vader een ramp, lijkt me, maar als personage onuitputtelijk.
Ik dacht niet dat het kon maar dit boek van Boermans is nog beter dan het eerste. Het boek gaat over het liefdesleven van Lot, kort na het overlijden van haar moeder. Lot is hetzelfde personage als in het eerste boek; een vrouw van eind twintig wiens leven aan elkaar hangt van uitgaan, vele baantjes en vriendjes. Deze kansloze relaties en hun dramatische afloop, met altijd veel liefdesverdriet, worden worden met heel veel grappige details beschreven. Zo knap hoe ze hierbij constant balanceert tussen humor en verdriet. Soms weet je niet of je moet lachen of huilen. Ik kon het boek niet wegleggen en heb het in een ruk ge-binge-read. (nieuw woord).
Tragikomische roman over Lot die na het overlijden van haar moeder zich verliest in allerlei verkeerde kortstondige relaties. Luchtig geschreven. Triest en grappig tegelijk. Tweede boek van Ine Boermans, waarna ik ook zeker haar eerste ‘Een opsomming van tekortkomingen’ ga lezen.
Na ‘Een opsomming van tekortkomingen’ vind ik deze tweede roman tegenvallen. Het lijkt wel of de auteur soms nog even door de tekst heen had mogen gaan; een dun boek schrijven, vergt meer precisie. En daaraan ontbreekt het in ‘Het liefdesinterbellum’ - aan precisie en aan structuur. Jammer. Op naar roman drie.
Een boekje wat lekker weg leest. Het taalgebruik is toegankelijk en de structuur van het boek maakte dat ik er doorheen vloog.
Ik kreeg dit boek van de uitgever in als een blind book date. Zelf zou ik het nooit uitgekozen hebben, maar het was vermakelijk genoeg. Het verhaal volgt Lot die door kortstondige relaties heen worstelt met het verlies van haar moeder.
Ik denk dat ik begrijp waar de schrijfster heen wilde met dit boek, maar qua verhaal vond ik het niet echt iets bijzonders al ligt hier misschien wel de kracht van het boek.
Pijnlijke en harde taal, met af en toe een zacht kantje. Te kort om echt diepgaand interessant uit te werken, maar maakt vooral nieuwsgierig naar meer.