In de wereld der moestuinboeken heb je twee kampen. Aan de ene kant zijn er de de 'hoe-moet-ik-moestuinen' variant waarbij descriptief je stap-voor-stap kan lezen hoe je zo een homp klei, leem of zand kan bewerken. Aan de andere kant heb je de 'romantische moestuinboeken' waarin dromerig en in verhaallijnen beschreven wordt hoe je tot rust komt in een tuin vol met Vlier, Aalbessen en Oost-Indische Kers. Beide kampen hebben zo hun voor- en nadelen, maar een boek waar je zowel zin krijgt om in je moestuin te duiken en je goede handvatten meekrijgt om dit te doen ben ik nog niet tegengekomen. Tot nu.
Elbrich weet een perfecte balans te vinden tussen beide kampen. Het boek introduceert veel nieuwe elementen en bevat geen foto's. Deze mix stimuleerde mij om zelf veel op pad te gaan en te onderzoeken. Elbrich zelf schrijft beschrijvend, romantisch en weet persoonlijke verhalen te doorspekken met wijze lessen. Als je haar stuk over mais leest krijg je direct groene vingers, terwijl haar taxonomy van soorten moestuiniers je dwingt af te vragen waarom je wilt of bent gaan moestuinieren. Het Boek kent nog wel enkele tekortkomingen. Dat het stukje 'Hoe dan?' aan het eind van het boek is geplaatst is wat onhandig. Daarnaast had ik ook graag gezien het boek later verder zou bouwen op de typologieën van moestuiniers.
Al met al kan ik zowel de beginnende als gevorderde moestuinier het boek zeer aanraden.