Brexit, euroscepticisme, aanslagen, culturele angst voor de islam... Europa beleeft roerige tijden. In Continent zonder grens betoogt staatssecretaris Theo Francken overtuigend dat onder meer de massale immigratie daarvoor verantwoordelijk is. In zijn directe stijl bespreekt hij de drijfveren achter de 'lange mars op Europa', die honderdduizenden jonge mannen uit Afrika, het Midden-Oosten en Centraal-Azië elk jaar opnieuw ondernemen. Een mars die sinds de migratiecrisis van 2015 helemaal uit de hand is gelopen. Zonder schroom fileert Theo de passiviteit die het traditionele establishment daartegenover plaatst. Hij neemt u mee naar plekken waar geen camera's draaien. Naar de achterkamerpolitiek van de Europese Raden en de mechanismen van de mensensmokkelindustrie, maar ook naar de getormenteerde geschiedenis van Europa en de morele complexen van onze eigen westerse maatschappij. Tegelijk toont hij ons de weg hoe het elders in de wereld wél anders kan, en hoe het moet in Europa.
Theo Francken (°1978) is vader van twee kindjes. Tijdens zijn eerste legislatuur in de Kamer blonk hij uit in ‘zijn’ domeinen asiel en migratie, defensie en het koningshuis.
Een man met een missie Op initiatief van Theo is onder meer de wetgeving rond gezinshereniging verstrengd, de snel-Belgwet afgeschaft en betalen de leden van de koninklijke familie eindelijk belastingen zoals wij allemaal. Zo goed als alle media riepen Theo dan ook uit tot een van de beste parlementsleden van het land. “Neofiet Francken minoriseert de PS” en “een man met een missie”, kopte politiek commentator Walter Pauli in Knack.
Een nieuw overzichtelijk migratiewetboek moet de weg plaveien voor een eerlijke migratie met korte procedures, zonder achterpoortjes en een evenwicht tussen actieve en passieve migratie. Ook hoog op Theo’s politieke wenslijst: een moderne defensie en een protocollaire monarchie.
Leerling van Bourgeois Theo zijn tijd in de Wetstraat begon in 2001. Toen kon hij meteen na zijn studies pedagogie aan de K.U. Leuven aan de slag als fractiemedewerker in het Vlaams Parlement. Vanaf 2004 leerde hij de knepen van het politieke vak op het kabinet van Vlaams minister Geert Bourgeois. Daar was hij eerst politiek raadgever op het vlak van Onderwijs, Werk, Sport en Inburgering en later adjunct-kabinetschef voor Inburgering en Vlaamse Rand. Na bijna 10 jaar ervaring in de Wetstraat raakt hij op 13 juni 2010 voor het eerst verkozen in de Kamer. Na vier succesvolle jaren in de Kamer werd Theo in het najaar van 2014 staatssecretaris voor Asiel en Migratie en Administratieve Vereenvoudiging in de federale regering.
De Dorpstraat 16 Met zijn politieke feeling, doortastendheid en vooral door heel hard te werken, is Theo er ook in geslaagd om burgemeester te worden in zijn geboortedorp, Lubbeek. Dat was lang niet eenvoudig. Toen Theo met enkele gelijkgestemde dorpsgenoten in 2001 de lokale afdeling oprichtte, bestond er geen enkele Vlaams-nationalistische traditie in het donkerblauwe Lubbeek. Na vijf moeizame jaren was de teleurstelling dan ook enorm toen de N-VA bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2006 nipt naast een zetel greep.
Maar een Vlaamse leeuw die temt men niet. De afdeling trok nieuwe leden aan, professionaliseerde en werkte hard aan haar naambekendheid door de aandacht te vestigen op een aantal belangrijke dossiers zoals de nieuwe feestzaal en bibliotheek.
Gedreven voor Vlaanderen Op 14 oktober 2012 koos de Lubbekenaar massaal voor de verandering in Lubbeek. De N-VA werd met haast 26 procent in één klap de grootste partij. Toen Theo staatssecretaris werd liet hij zijn team van bekwame schepenen in goede handen van zijn opvolger.
Staatssecretaris, lid van het partijbestuur, vader van twee jonge kindjes, … De combinatie is zwaar maar Theo zijn gedrevenheid wankelt niet. Al zijn werk staat in het teken van een betere samenleving en een sterker Vlaanderen.
Na de val van de regering-Michel I over het VN-migratiepact werd hij opnieuw Kamerlid en vanaf januari 2019 burgemeester van Lubbeek.
Spijtig genoeg een flauw en lui boek. De auteur weerlegt enkele "dogma's van de linkse progressieven" zoals "alle vluchtelingen zijn Syrische families" en "de verheerlijking van het opengrenzenbeleid" maar laat geheel na om aan te tonen dat dit standpunten zijn die breed gedragen worden/werden, behoudens enkele handgekozen anekdotes en extrapolaties. Dit is een moedwillige ontkenning van de vele genuanceerde meningen in het migratiedebat. Grijswaarden bestaan volgens de auteur blijkbaar niet.
De auteur schetst zichzelf verder al te vaak (nogal potsierlijk) als eenzame held hoewel 4 jaar aan het roer weinig tot niets van de door hem beoogde veranderingen heeft teweeg gebracht. De recente beschuldiging van mensensmokkel van een dichte medewerker en partijgenoot, waarvan de auteur zich intussen distantieerde onder het mom van een gebrekkig overzicht om zo zelf vervolging te ontlopen, geeft het in dit boek verheerlijkte systeem van humanitaire visa een wrange smaak en legt pijnlijk haar zwakke punten bloot. Of alvast de nonchalante en amateuristische toepassing ervan door de auteur.
Opvallende afwezige in dit boek: de asielzoeker zelf. Nergens in het boek wordt op serieuze wijze in rekening gebracht dat er wel degelijk mensen in nood zijn die geholpen kunnen/moeten worden. Al ben je tegen migratie, dit mocht gerust wat aandacht krijgen. Het hoofdstuk over gezinshereniging was nog enigszins interessant maar de rest was bijzonder eenzijdig en ongenuanceerd.
Tot slot slagen de verwijzingen naar antieke cultuur er niet in om dit boek het intellectuele cachet te geven waar de auteur waarschijnlijk op had gehoopt. Ze zijn vaak vergezocht, weinig relevant en in sommige gevallen feitelijk onjuist. Als je niet weet hoe lang de Trojaanse Oorlog duurde, vermeld hem dan gewoon niet.
Er zijn veel interessante zaken te lezen over migratie, geschreven door zowel voor- als tegenstanders ervan, maar in dit boek zal je ze jammer genoeg niet vinden.
De populariteit van de twee opeenvolgende staatssecretarissen voor asiel en migratie in Vlaanderen toont aan dat het onderwerp de kiezer beroert. Niet toevallig dat het boek net voor de gemeenteraadsverkiezingen in de boekhandel komt. En waarschijnlijk evenmin dat het Vlaams Belang meteen erna met een tegenboek 'Francken faalt' diens beleid wil onderuithalen.
De eerste indruk over de vorm en structuur: het boek is vlot leesbaar, verliest zich niet in de details, maar schetst overzichtelijk het probleem en serveert zelfs enkele oplossingen om de asielcrisis in Europa op te lossen. Bovendien doorspekken de auteurs het boek met knipogen naar antieke en moderne cultuur.
2015 vormt het voorlopige orgelpunt van een massa-invasie die Europa lijkt te ondergaan. Vanuit Azië en Afrika stroomden alleen al Duitsland meer dan één miljoen asielzoekers binnen. Griekenland was niet meer dan een transitland, het weigerde de buitengrenzen van de Europese Unie adequaat te controleren. De grote economische aantrekkingskracht met een comfortabele sociale zekerheid, de demografische explosie in de zuidelijke rand rond Europa en de rampzalige Westerse interventies in Irak, Libië en Syrië vormen de basis van deze cocktail.
Het naïeve geloof dat deze miljoenen gelukzoekers economisch zouden renderen en zich cultureel zouden integreren bleek op enkele maanden een faliekante vergissing te zijn. Keulen geldt op dat vlak als boutade. Dieper geworteld is de Europese schuldcultuur, deels geworteld in de christelijke traditie, maar dankbaar gevoed door linkse oikofobie ('zelfhaat').
Ondanks de opkomst van het rechtse, migratiekritische partijen lijkt op het politieke terrein weinig te veranderen. Francken wijt dit aan een leger van NGO's en advocaten die dankzij bereidwillige rechters het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens en de Conventie van Genève uithollen. Zo worden asielzoekers overgenomen van mensensmokkelaars voor de kust van Libië en richting Europa gebracht. De auteurs hebben ook oog voor hoe de media en diezelfde NGO's misbruik maken van de aanwezigheid van een handvol kinderen in deze haveloze massa, net zoals het feit dat gezinnen en vrouwen worden overschat in de berichtgeving. Martelpraktijken in Soedan bleken dan weer verzonnen. De strijd om de ziel van de Europese kiezer wordt niet altijd netjes gevoerd ter linkerzijde, om het zacht uit te drukken.
Huntington sprak over botsende beschavingen, want er zijn wel degelijk culturele verschillen wereldwijd. Theo Francken en Joren Vermeersch beschrijven kort welke waarden en normen in Europa worden uitgedragen (christendom, Verlichting,...) en hoe de Europese Unie een (mijns inziens mislukkende) poging is om ons continent politiek prominenter op de kaart te zetten. Gezien de open grenzen-politiek van politici als Juncker en Merkel dreigt Europa echter te verbrokkelen. Brexit, Oost-Europese dissidentie en rechts-nationale partijen in de regering in onder andere Oostenrijk en Italië zijn het gevolg.
Het kan echter anders. Drie voorbeelden dienen ter staving: Australië dat gebruikt maakt van Nieuw-Guinea en Nauru om haar grenzen te beheersen, Denemarken om haar sociale zekerheid exclusiever te maken en Canada om selectievere arbeidsmigratie toe te laten. De staatssecretaris is in die zin voorstander om het aantal deals met Noord-Afrikaanse landen op te krikken zodat deze de illegale immigratie kunnen stoppen. Niet toevallig is geen van de drie voorbeeldlanden lid van de EU.
En dit vormt de breuk met de werkelijkheid: vier jaar beleid Francken tonen weinig trendbreuk met de vorige regeringen van liberalen en socialisten. Italië en Oostenrijk zijn wel lid van de EU en daar worden wel maatregelen getroffen om immigratie met succes terug te dringen. In Oostenrijk gaan het aantal asielcentra omlaag, in België blijven er velen open, zelfs na 2015. Het is wat te gemakkelijk om activistische rechters en een resem onwillige collega-EU-ministers aan te wijzen als de schuldige van het 'aan handen en voeten gebonden zijn'. Het vrijlaten van criminele illegalen of het gebrek aan gesloten centra in België zijn interne factoren, geen externe oorzaken. Het is afwachten wanneer dit boek werkelijk de handleiding wordt van deze regering inzake asiel en migratie.
Ondanks alle media heisa rond Theo van de afgelopen jaren blijft het vrij frustrerend hoe weinig er ten gronde wordt gedebatteerd over migratie in Europa en zijn toekomst. Dit boek is dan ook een verademing, met veel inzichten en thema’s die in het publieke debat NOOIT aan bod komen. Theo probeert in zijn geheel eigen stijl een samenhangend verhaal te schetsen over ons continent en de spreidstand waarin het zich op dit moment bevindt. Het boek is vlot geschreven en is dan ook in geen enkel opzicht vergelijkbaar met zijn voorganger “land zonder grens” wat niet meer was dan een slecht geschreven verkiezingspamflet. Dit neemt echter niet weg dat de schrijver bij momenten zeer partijdig overkomt (ik weet het hij is een politieker) en een iets neutralere toon had de credibiliteit van dit boek zeker ten goede gekomen. Zo stelt hij op het ene moment de verwerpelijke economische drijfveren van Europese politici aan de kaak zoals bijvoorbeeld Renzi die in Italië erotisch getinte kunstwerken laat bedekken om de Iraanse president te bekoren. Maar aan de andere kant verdedigt hij dan wel de Belgische wapenverkoop aan Saoedi-Arabië met als argument dat als wij het niet doen iemand anders met de winst gaat lopen (!). Ook zijn analyse dat de oikofobie in Europa in het algemeen en in België in het bijzonder te danken zou zijn aan onze christelijke erfzonde slaat de bal compleet mis. Theo heeft blijkbaar nog nooit van Post-modernisme gehoord. Maar hoe dan ook staat het algemene pleidooi van dit boek als een huis: we moeten het roer van migratie grondig omslaan en liever vandaag dan morgen.
Aan politieke correctheid heb ik een broertje dood. Nog voor velen de naam TF zien, beginnen ze al hun jaren '30-riedeltje af te steken. Dat zijn stijl niet altijd bevorderlijk werkt, dat klopt, maar wat mij aan het einde van de dag interesseert, is, wat heeft iemand te vertellen?, en vooral hoeveel valabele argumenten en uitgewerkte modellen bevat een non-fictioneel boek.
Wel, ik moet de regressieven of diegene die steeds binnen hun eigen, selecte clubje hun oor te luister leggen, verschrikkelijk ontgoochelen. Dit is een zeer goed gestructureerd boek, die erg veel inzicht verschaft in het bijzonder complexe gegeven van migratie en illegaliteit (in het bijzonder de wetgeving en het misbruik van de EVRM).
Aan de hand van goed gestoffeerde argumentatie en voorbeelden (vanuit zijn ervaring als Staatssecretaris van Asiel en Migratie) krijg je op een duidelijke manier antwoorden op heel wat prangende vragen.
Het enige minpunt, is het vermelden van 'onze' superieure joods-christelijke cultuur (ja, ik weet dat die cultuur 'een' basis vormt voor onze normen en waarden...). Zolang mensen echter blijven roeren in de monotheïstische 'witches brew pot' komen we ook niet veel stappen verder.
Ondanks dat gegeven, zullen de onwetende 'Franckenstein-liefhebbers' het moeten doen met Mary Shelley.
Ik ben blij dat ik dit boek gelezen heb, want ik begreep het standpunt van de voormalige staatssecretaris niet. Het historische component kon ik zeker smaken en mijn wereldvisie is er breder door geworden.
Brexit, euroscepticisme, aanslagen, culturele angst voor de islam… Europa beleeft roerige tijden. In Continent zonder grens betoogt staatssecretaris Theo Francken overtuigend dat onder meer de massale immigratie daarvoor verantwoordelijk is. In zijn directe stijl bespreekt hij de drijfveren achter de ‘lange mars op Europa’, die honderdduizenden jonge mannen uit Afrika, het Midden-Oosten en Centraal-Azië elk jaar opnieuw ondernemen. Een mars die sinds de migratiecrisis van 2015 helemaal uit de hand is gelopen.
Zonder schroom fileert Theo de passiviteit die het traditionele establishment daartegenover plaatst. Hij neemt u mee naar plekken waar geen camera’s draaien. Naar de achterkamerpolitiek van de Europese Raden en de mechanismen van de mensensmokkelindustrie, maar ook naar de getormenteerde geschiedenis van Europa en de morele complexen van onze eigen westerse maatschappij. Tegelijk toont hij ons de weg vooruit: hoe het elders in de wereld wél anders kan, en hoe het moet in Europa.