God wat heb ik hier stiekem van genoten, al was het nog zo deprimerend. 3,8 ⭐️
“Ik weet niet goed waarom. Ik heb honger noch oor-log meegemaakt, hoefde nooit te strijden tegen een ernstige ziekte of tegen het verstikkende regime van een potentaat.
*Ik heb weinig om op tafel te leggen als bewijslast tegen het leven.* Ik heb geen recht op wat ik nu en dan ervaar, en toch kan ik er niets aan doen dat veel zaken me vervullen met een intense melancholie.”
Dit is een herkenbaar gevoel voor mij. Mijn eigen privelege in de ogen kijkend, maar de ogen lopen vol tranen. Alles hebben, maar een gat in je borst voelen waar je de opvulling nog voor zoekt.
“Tante Hilda hield vast aan haar herinneringen, maar ze verlieten haar waar ze bij zat, en ik wilde liefst zo veel mogelijk vergeten om het verdriet in te dammen, maar kreeg de herinneringen niet weg. Ik snakte naar amnesie, ik wilde liefst niks meer voelen, zij vocht om niet weg te glippen.”
Een prachtige vertoning van rouw, de ervaring van pijn in al zijn vormen en toch sympathie voor de ander voelen. Ook als die ander een pijn ervaart die tegenover die van jou staat.
“We doen niks tegen een verkoudheid omdat niets echt helpt buiten rusten en wachten. Maar wie verdriet heeft, ho maar, die moet direct aan de slag. Terwijl het toelaten en beleven misschien de doeltreffendste manier is om ervan af te komen.”
Hoe brutaal herkenbaar? Jezelf helemaal over analyseren om maar respect te hebben voor je slechte dagen? Jezelf forceren tot werk en verbetering terwijl je soep en rust dient te krijgen.
Een kort, zwaar boek. Over het verlies van een relatie die je realiteit tot stand hield. Over complexe relaties en je stand in de samenleving. Over therapie en geconfronteerd worden met jezelf.
TW: suicidale gedachten