De laatste dagen van de Republiek - de eerste dagen van het Koninkrijk der Nederlanden: Gijsbert Karel van Hogendorp was erbij, schreef mee aan de grondwet en haalde Willem i naar Nederland. Zijn broer Dirk was op dat moment generaal onder Napoleon. Hun rol in de geschiedenis van Nederland en de wereld is onderschat en hun levensbeschrijving voert langs de grote namen van hun tijd, het eind van de achttiende en begin van de negentiende eeuw: Immanuel Kant, George Washington, Napoleon. De gebroeders Van Hogendorp voegt een belangrijk nieuw hoofdstuk toe aan de geschiedschrijving over Nederland en Europa van de pruikentijd tot en met de Belgische Revolutie in 1830, met prachtige beschrijvingen van Dirks protest tegen de slavernij, Gijsbert Karels goedkope soep voor de armen en hun vaders fatale speculaties op de beurs van Amsterdam.
Gijsbrecht Karel van Hogendorp, een intelligent en ontwikkeld man, geboren als aristocraat, opgevoed als aristocraat, denkend als aristocraat en zich gedragend als aristocraat. Genoeg aanleiding om een irritante conservatieve man te zijn, met al zijn welgemanierdheid, zijn goede opleiding, zijn ietwat wereldvreemde voorkeur voor klasse, zijn respect voor adel, niet in de laatste plaats met betrekking tot de Oranjes. Maar in dit boek wordt hij toch een echt mens. Alle bovenstaande typeringen gelden, maar ook zijn principiële aard en de gedrevenheid om het beste te willen voor iedereen, inclusief de onderste laag van de bevolking. Dat dat niet van meet af aan duidelijk is (ook voor van Hogendorp zelf niet, hij maakt fouten) doet niets af aan de lessen die hij tijdens zijn leven leert en de principes waar hij, grotendeels, aan vast houdt. Ik mag hem wel. En dat terwijl hij voor mij, republikein in hart en nieren, in eerste instantie het vleesgeworden kwaad was dat ons in 1813 weer met een monarchie heeft opgescheept. Daarom ben ik dit boek gaan lezen: wat bezielt zo iemand? wilde ik weten. Ik weet het nu.
Daarnaast behandelt het boek het meer avontuurlijke leven van Dirk van Hogendorp, zijn één jaar oudere broer, ook een aristocraat, maar geen studeerkamergeleerde, zoals Gijsbert Karel, meer een doener en soepeler in de omgang.
Als vader van Hogendorp failliet gaat belanden de beide broers (dan zo rond hun 10e levensjaar) op voorspraak van Wilhelmina van Pruisen (echtgenote van stadhouder Willem V) op een militaire opleiding in Pruisen. Een heftige overgang ten opzichte van het luxeleventje dat zij gewend zijn. Dirk handhaaft zich beter dan Gijsbert Karel. Maar ook Dirk is geen domme jongen, volgt colleges bij Immanuel Kant. In een iets latere fase van zijn leven komt hij in een hoge functie in Indië terecht: Gouverneur van Oost Java. Hij leert het koloniale systeem kennen en bekritiseert het heftig. Om te beginnen is hij tegen slavernij. Bij het nadenken over (regerings)beleid komt hij politiek gezien uit bij de revolutionairen – tegen Oranje.
Als aristocraten bewegen beide broers zich in de hoogste kringen en dat is te merken aan hun posities. Zij hoeven geen ‘minderwaardige’ baantjes te accepteren, hun functies zijn altijd van hoog niveau. Zo beland Dirk als gezant aan het hof van tsaar Alexander. Later wordt hij minister onder koning Lodewijk Napoleon. En ambassadeur in Wenen. Daarna treed hij in dienst van Napoleon, hij wordt één van zijn belangrijkste adviseurs, later de logistieke coördinator van het Napoleontische leger dat Rusland zal gaan veroveren (…).
Een mooie scene. Dirk ziet zichzelf als integer man en alles wat hij doet is in het belang is van zijn vaderland. Als hij na alle politieke strubbelingen zijn diensten wil aanbieden aan koning Willem I kan zijn omgeving maar net voorkomen dat hij gaat solliciteren in zijn Napoleontisch generaalsuniform. Hij zag daarin kennelijk een onderstreping van zijn kwaliteiten en had geen oog voor de politiek lading die een dergelijke presentatie met zich mee bracht.
Uiteindelijk sterft Dirk eenzaam, in Brazilië, nadat hij Europa ontvlucht is. Daar woonde hij als landeigenaar op een bescheiden plantage (waarvan hij meteen de twee bijbehorende slaven vrij liet), met aan de muur de familieportretten uit zijn rijke tijd, en een generaals portret van zichzelf, een vriendschap geschenk van Napoleon.
Gijsbert Karel zijn leven verloopt minder dynamisch, maar daarom niet rustiger. Zo leert GK op zijn reis door het republikeinse Amerika, waar hij George Washington en Thomas Jefferson ontmoet, over de doelstellingen van deze republiek en hoe die niet bereikt worden. Een vormende ervaring. Dit oordeel wordt nog eens bevestigd door het mislukken van de idealen van de Franse revolutie. Mede hierdoor kiest hij voor het stadhouderlijk systeem, in de Nederlandse praktijk vóór Oranje. Tijdens de Bataafse Republiek ziet hij hoe ook dat republikeinse bewind zich niet aan zijn eigen principes houdt.
Tussendoor komt GK in de rol van zakenman terecht. Daar is hij helemaal niet geschikt voor. Hij is veel meer een welgemanierde geleerde in plaats van een vlotte handelsman. Zo verliest hij bijna de helft van zijn vermogen mede aan een idealistische modelkolonie op Kaap de Goede Hoop. Terwijl de wereld door draait en Dirk minister wordt blijft GK ambteloos omdat hij principieel weigert om om een functie te vragen, terwijl in zijn wereld nepotisme normaal is én hij de juiste connecties heeft. Zijn kwaliteiten moet voor de wereld zo duidelijk zijn, denk hij, dat hij gevraagd wil worden. Dat hij niet gevraagd wordt begrijpt hij niet. Zijn ambteloze periode duurt ongeveer twintig jaar. Een periode waarin hij niettemin de politiek scherp volgt en zijn kennis ordent door het schrijven van samenvattingen en essays, onder meer over de grondwet.
Als Napoleon verslagen is, Nederland bevrijd van de Franse overheersing, gaat het snel. GK komt als een duveltje uit een doosje naar voren. Hij is de best voorbereide man voor een herinrichting van de Nederlandse staat. Daarbij kiest hij natuurlijk niet voor een republiek. Hij stimuleert dat ‘Stadhouder Willem VI’ de soevereiniteit aanvaard als Koning Willem I. Daarbij spelen de grote mogendheden de belangrijkste rol, maar is ook de rol van GK van belang. Onder meer door het publiceren van het pamflet ‘Oranje boven. Holland is vrij’.
Dat Koning Willem I zich niet aan ‘zijn’ grondwet houdt brengt GK er toe ontslag te nemen, zijn verzekerde plaats in de 1e kamer af te wijzen en zich als 2e kamerlid te laten installeren om publiekelijk oppositie te voeren tegen het beleid van Koning Willem I.
‘De Staten-Generaal vertegenwoordigen het gehele Nederlandse volk’ – het staat nog steeds in onze grondwet – een zin van de hand van mijn vriend Gijsbert Karel van Hogendorp. Hij was een aristocraat, hij was een monarchist, hij was conservatief, maar hij was de kwaadste niet.