Mijn blik bleef achter dit boek haken in een straatbibliotheekje. De foto's fascineerden me. Een boek om wat doorheen te bladeren, dacht ik, maar toen ik begon te lezen werd ik gegrepen door het leven van het Dinka volk, ook omdat ik besefte dat hun woongebied zich in Zuid-Soedan bevindt, waar miljoenen mensen momenteel ontheemd zijn door een gruwelijke burgeroorlog. Dat besef maakte het lezen nog indringender. Want de media toont vooral geweld en vluchtelingenstromen in een dor en stoffig landschap, maar ook zij die op de vlucht zijn hebben een vruchtbaar bestaan gehad, een duidelijk leven in de gemeenschap van stammen, al vele vele eeuwen. Daar verhaalt dit antropologische boek van ruim 40 jaar geleden over: een trots herdersvolk binnen een web van verwantschappen en hun altijd en eeuwig dierbare vee dat dient als een bijna heilig middel van bestaan, als ruilmiddel en bruidsschat . De Dinka's hebben een innige vorm van verbondenheid met hun vee. Ze leven zo volkomen anders dan wij kennen, met voor buitenstaanders onduidelijke rituelen, heftige initiatierites, litteken versieringen op het lichaam en af en toe een onderlinge knokpartij met speren en schilden. Ik heb dit van boek genoten, maar werd ook verdrietig door het besef van de vergeten tragedie van de burgeroorlog voor de Dinka's en alsof dat nog niet genoeg is ligt het land aan de frontlinie van de klimaatcrisis en hebben verwoestende overstromingen een groot deel van het zo dierbare vee opgeslokt.