Wanneer de nieuwsgierigheid van Rheya een slapend kwaad wekt, zien de wijzen van de Gezworen Raad zich genoodzaakt om een oud plan voortijdig uit te voeren.
Rheya stort in wanneer zij de waarheid verneemt over een van Liourains best bewaarde geheimen. Maar alsnog besluit zij haar lot te omarmen en een opdracht te aanvaarden die op het eerste gezicht onmogelijk lijkt.
Tijdens haar tocht zal ze moeten leren om te vertrouwen op een jeugdvriendin die de waarheid heeft verzwegen, op vreemden die meer over haar verleden weten dan zijzelf, en ook op een kind dat banden heeft met vijanden in het zuiden.
Maar haar belangrijkste opdracht zal zijn om een plaats te zoeken in haar familie. Iets waarvan ze altijd gedroomd heeft, maar wat meer inspanningen en opofferingen vergt dan ze gehoopt had.
Arwen Mannens werd op 22 mei 1985 geboren in het Antwerpse Wilrijk. Ze volgde een opleiding tot assistent in de Psychologie. Later specialiseerde ze zichzelf als master in de Criminologische Wetenschappen.
Reeds als kind hield Arwen van tekenen en gedichtjes/verhaaltjes schrijven. Op haar elfde had ze haar eerste kortverhaal klaar. Haar droom was om ooit een boek uit te geven dat het leven van minstens één persoon zou inspireren. Ze laat zich inspireren door auteurs als J.R.R. Tolkien, Tad Williams en Patrick Rothfuss. In 2014 werd ze uitgeroepen tot grootste Hobbit-fan van België.
Rheya begint niet waar haar voorganger Illiyana stopte. Er worden nieuwe karakters geïntroduceerd die een zoektocht starten naar voorwerpen die met de verhaallijn uit het vorige boek samenhangen. De honger naar meer kennis over het land Louirain werd aan het einde van Illiyana niet gestild, maar dat wordt in vervolg ruimschoots goedgemaakt. Ook met dit boek bewijst Mannens een overzichtelijke en interessante wereld te kunnen creëren. Er zijn ontmoetingen met verschillende rassen, die alle voldoende origineel uitgewerkt zijn. Hoewel er flink wat wordt gereisd en er vanuit verschillende plaatsen perspectieven worden beschreven, voelde ik niet de nood om terug te bladeren om te zien of er een kaart bij zat. Ik zag alles helder voor ogen en pas bij het schrijven van de recensie kwam ik tot de ontdekking dat er helemaal geen kaart is. In dit boek dus duidelijk geen gemis.
Tijdens het schrijven van Rheya is Mannens duidelijk gegroeid als auteur. Het verhaal is opgebouwd uit prachtige zinnen, ieder woord klinkt weloverwogen. Hierdoor leest het misschien niet zo vlot weg, maar dat is zeker geen straf. Ik heb genoten van de manier waarop Mannens haar zinnen prachtig wist te formuleren. Ze deed dit echter wel voor ieder perspectief, waardoor het soms voelde alsof alle personages op dezelfde manier dingen ervoeren of beschreven. Iets meer spelen met het taalgebruik had er wellicht voor kunnen zorgen dat de personages nog meer een eigen stem kregen. Dit heeft er echter niet voor gezorgd dat de personages moeilijk te onderscheiden waren. Ondanks de grote hoeveelheid x’en die in de Louirainse namen voorkomen, was het gemakkelijk om te onthouden wie wie was. Alle nieuwe personages voegden iets aan de rode draad toe en hadden een eigen karakter, met sterkten en zwakheden. Mijn persoonlijke favoriet was Vièca, een kind uit een vijandelijk volk dat een grote rol in het verhaal speelt. Na het omslaan van de laatste bladzijde is het nog steeds niet duidelijke welke rol dat precies is, en ik zie ernaar uit haar in het volgende boek beter te leren kennen.
Net als in het voorgaande deel zaten er verrassende wendingen in het verhaal. Misschien zelfs iets te veel. Zo kwam er op een gegeven moment een heftige gebeurtenis naar boven die een van de hoofdpersonen eerder in het verhaal had meegemaakt, maar die niet was beschreven. Doordat dit verborgen werd gehouden ten behoeve van de plottwist, voelde ik me als lezer een beetje bedrogen. De gevolgen van deze gebeurtenis hadden door het hele boek moeten sijpelen, in gedachten en gevoelens, en daardoor voelde ik me vervreemd van een personage met wie ik juist zo goed kon meeleven.
De eindclimax was daarentegen spannend en zonder veel omhaal uitgewerkt, en het boek kende een bevredigend slot. Mannens heeft mij geprikkeld meer te willen weten van de antagonist, die ze in dit deel op een intrigerende wijze heeft neergezet. Dit boek smaakt zeker naar meer en gezien het derde deel over een paar weken zal verschijnen, hoef ik gelukkig niet lang te wachten!
Waarschuwing: deze recensie bevat mogelijk spoilers. Verder lezen op eigen risico!
Rheya is het tweede deel van een trilogie, waarvan het eerste deel, Illiyana, vorig jaar is verschenen bij Zilverbron, de uitgeverij die erom bekend staat beginnend schrijverstalent een kans te geven. Over het eerste deel schreef ik toen dat ik gecharmeerd was door Arwen’s schrijfstijl, haar toegankelijkheid en haar onmiskenbare talent om verhalen te vertellen. Nu deze maand het tweede deel werd gepubliceerd, was ik benieuwd naar hoe niet alleen de protagonisten, maar ook de schrijfster zelf is geëvolueerd ten opzichte van vorig jaar.
In dit deel volgen we grotendeels het wedervaren van het personage naar wie het boek is vernoemd, een jong meisje die samen met haar beste vriendin opgroeide in Liourain, een land dat ten noorden ligt van Imbrië en iedere lezer ongetwijfeld nog zal kennen van het eerste deel. Wanneer ze door haar nieuwsgierigheid een slapend kwaad wekt, zien de Wijzen van de Gezworen Raad zich genoodzaakt om een oud plan voortijdig uit te voeren, en Rheya aanvaardt een opdracht die haar verdere toekomst zal bepalen.
Wat onmiddelijk opviel is hoezeer Arwen’s schrijfstijl is verbeterd tegenover vorig jaar. Het boek leest veel vlotter, het verhaal komt gemakkelijker op gang, en vooral: ook de dialogen tussen de personages, die in het begin door een nog iets te wollig taalgebruik nogal gekunsteld en houterig overkomen (een opmerking die ik ook al voor Illiyana had), verlopen naar het einde toe veel levendiger en natuurlijker. Dat laatste is niet onbelangrijk, aangezien dit leidt tot meer emotie en overtuigende personages, wat de leesbaarheid en de plot absoluut ten goede komt. Ze heeft dit erg goed gedaan, en alleen al hierom vind ik Rheya een beter boek dan Illiyana (wat op zich ook niet slecht was natuurlijk).
Zoals we al weten van het eerste deel weet Arwen als geen ander hoe ze een verhaal moet vertellen. De lezer wordt onmiddelijk meegezogen in het relaas, het is een avontuur dat leest als een trein, met verrassende (Xsfona) en minder verrassende (Xrustian) plotwendingen. Dankzij haar beeldende en expressieve vertelkunst had ik bijvoorbeeld nooit het gevoel dat ik een kaart miste, iets wat me bij veel andere kaartloze fantasy-auteurs (en geen kleintjes!) wel overkwam. Toch hier een klein puntje van kritiek: het viel me op dat telkens als een van de hoofdpersonages een romantische bevlieging krijgt, het tempo er volledig wordt uitgehaald en het helaas dikwijls uitmondt in een mijmering over het liefdesleven en de hieraan gekoppelde interne gevoelensstrijd van het personage die naar mijn gevoel soms iets te lang wordt uitgerekt. Een voorbeeld hiervan is dat niet lang na de terugkomst uit Attaca, wat een van de spannendste episodes uit het boek was, de verhaallijn met Almië wordt opgestart, dat er een heel ander tempo op nahield en voor een poos bleef verder kabbelen. Nou weet ik ook wel dat de schrijfster hierop zal riposteren dat dit net essentieel is voor het verloop van het verhaal, maar dat het ook anders kan bewijst ze zelf even verderop met een enorm mooie dialoog tussen Amko en Gwyena, zonder twijfel de beste passage in heel het boek, waarbij zelfs even wat dichtkunst bij komt kijken. Meer van dat in het derde deel graag!
Wat Gwyena trouwens betreft, de wijze waarop het lot van dit tragisch figuur wordt beschreven is enorm sterk, het maakt haar tot het veruit best beschreven personage in de hele trilogie tot nog toe. Ik was eerlijk waar onder de indruk, en het bewijst wat de schrijfster in haar mars heeft. Klasse hoor.
Als ik tot slot nog iets mag suggereren voor het derde deel, dat volgend jaar verschijnt: misschien moet er eens worden overwogen om een dramatis personae aan het boek toe te voegen. Er beginnen immers zoveel namen van hoofdpersonen met de letter x (waarom, trouwens?) dat ik vooral de eerste honderd pagina’s regelmatig moest terugbladeren om te weten wie ook alweer wie was. Een overzicht van de verschillende personages is dan ook erg handig.
Samengevat kan ik dit boek ten zeerste aanbevelen voor elke fantasy-liefhebber. Arwen Mannens is een geboren vlechtster van sagen en legendes, een onnavolgbaar vertelster die een mooie toekomst voor zich heeft. Als ze het niveau van dit tweede deel kan doortrekken naar het slot van de trilogie, dan zal ook de vijfde van vijf sterren verdiend zijn en kan men zich beginnen afvragen wanneer ze promotie mag maken naar de grote uitgeversbroer Zilverspoor, want dan hoeft ze niet veel meer onder te doen voor auteurs als Kim Ten Tusscher of J. Sharpe. Maar zoals steeds is dit m’n eigen bescheiden mening.
Samenvatting Het tweede deel begint met een proloog. Rheya vindt in de Myanthi een brief die geschreven lijkt door de vermoorde koningin Xynthe. Terwijl ze in de Myanthi is, hoort ze een vreemde stem in haar hoofd. Deze komt haar bekend voor, maar instinctief weet Rheya dat ze deze stem moet vrezen. Dit bezoek aan de Myanthi zet een reeks van geplande gebeurtenissen in een stroomversnelling. Als Xiandrei, haar oom en tevens lid van de Gezworen Raad, haar bezoekt, krijgt Rheya de schrik van haar leven. Haar hele leven blijkt op een leugen gebaseerd te zijn. Niemand is wie Rheya denkt dat ze zijn. Met het oog op de toekomst van haar land, Liourain, moet Rheya zich gaan beraden of ze op de mensen die haar voorgelogen hebben, opnieuw wil en kan vertrouwen. Als ze inderdaad besluit om hen te vertrouwen en aan de reis gaat beginnen die haar uiteindelijk naar de hoofdstad moet brengen, is de twijfel nog niet helemaal verdwenen. De twijfel wordt onderweg nog meer gevoed door de stem in haar hoofd. De stem die haar probeert te verleiden om zich tegen de Gezworen Raad te keren. Wanneer ze onderweg stuit op Vieca, een Kankataanse, zorgt dit voor nog toenemende verwarring in Rheya. De reis naar de hoofdstad is dan ook een reis vol twijfel, verleiding, gevaar en de vraag of vriendschap, liefde en loyaliteit sterk genoeg zijn om de uitdaging te volbrengen. Conclusie In dit tweede deel van de trilogie gaat Arwen Mannes op dezelfde wijze verder als in deel 1. Een queeste, maar nu die van Rheya, wordt verteld vanuit meerdere perspectieven. Ook nu heeft ze weer een geheel eigen taal voor de verschillende bevolkingsgroepen in het verhaal en de vertaling staat wederom direct onderaan op de pagina. Alleen bij het Attacasks staat de vertaling er meestal niet bij. Vermoedelijk, omdat het Attacasks omgekeerd Nederlands is. Bijvoorbeeld: mutrnec. Als je dat doorhebt, is de vertaling ook niet noodzakelijk. Apart aan dit deel was dat totdat Illiyana op het toneel verschijnt dit deel eerder aanvoelde als een deel 1 in de serie dan een deel 2. De verhaallijn was duidelijker en er werden meer zaken uit het verleden uitgelegd, waardoor de samenhang gelijk duidelijk was en het direct goed te volgen was. Het loste de vraagtekens uit Illiyana qua geschiedenis op en dat zou de leesbaarheid van Illiyana ten goede zijn gekomen. Vanaf het moment dat Illiyana in het verhaal verschijnt, voelt het wel aan als een vervolg op het eerste deel. Vanaf dat moment is het een goed op elkaar aansluitend verhaal met goed neergezette personages. Afgezien van het Xrustian personage. Dat personage is ook nu nog een raadsel voor mij. Erg verwarrend wie hij nu precies is en of dit dan klopt met de geschiedenis en de verhaallijn. Gelukkig was veel duidelijk en de verhaallijn nog fascinerender dan deel 1. Tevens was de schrijfstijl weer heel beeldend, soms poëtisch en creëerde Arwen Mannens wederom een gave fantasywereld met haar woorden.Net als in Illiyana werden de dromen in cursief weergeven, zodat het duidelijk was dat een droom betrof. Tot slot een passage die voor mij zowel een van de essenties van het boek als van het leven treffend verwoordt: “Hoe waanzinnig is het idee dat men een land kan winnen door een spel te spelen? Hoe waanzinnig is het dat je een land kan winnen door in het juiste nest geboren te worden?” De opvolger van Illiyana krijgt van mij een halve ster meer, omdat het boek over zijn geheel spannender is, beter te volgen en nog intrigerender. Het laatste deel wil ik dan ook zeker lezen. Rheya krijgt 4*
Wie origineel en geweldig boek over het tegemoet treden van het onbekende wil lezen, kan niet om ‘Rheya’ van Arwen Mannens heen. Het is een fantastisch boek van zeldzame klasse, dat de lezer van het begin tot einde weet te boeien. Een sterk punt van het verhaal is de relatie tussen symbolische motieven in het verhaal met het hoofdpersonage. Met betrekking tot Rheya hebben de orchidee (symbool van vriendschap, wijsheid en schoonheid), het oog (verwijzing naar licht, schoonheid, reinheid, helderheid) en de letter x (staat voor het onbekende, oriënteren, viervuldigheid en met het snijpunt erbij vijfvuldigheid) een speciale betekenis. Vooral dit laatste symbool is sterk aanwezig. Vooral dit laatste symbool is sterk aanwezig en de manier waarop de meervoudige duiding van de x verwerkt is in het verhaal is zeldzame klasse. Deze veelvuldigheid komt niet alleen aan bod door de elementbeheersing (water, aarde, lucht en vuur), maar ook in de relaties van Rheya. Er zijn vier vrouwen die dicht bij haar staan en zijzelf (als snijpunt) zorgt voor vijfvuldigheid, waarbij de vijf een verwijzing is naar morele eigenschappen: liefde, plichtsgevoel, wijsheid, betrouwbaarheid en ceremonieusheid. ‘Rheya’ heeft ook overeenkomsten met de spirituele ethiek van Julian van Norwich. Dit geldt met name voor Julian’s standpunten over het kwaad. Hoe de auteur dit op verschillende manieren in het verhaal terug laat komen is intrigerend, omdat ze hierdoor laat zien hoe subtiel en geraffineerd het kwaad te werk gaat. Kortom, wie een geweldig boek met een originele diepgang wil lezen kan en mag ‘Rheya’ van Arwen Mannens niet laten liggen.