Leeg en bevrijd is het verslag van een pijnlijk innerlijk proces waarin de auteur zijn religieus erfgoed en elk geloof in wereldbeschouwingen is kwijtgeraakt en zich heeft moeten bevrijden van een nog andere, innerlijke terreur. Het resultaat van dit proces is een geheelde mens, leeg van alle cerebrale ballast en volkomen bevrijd. Het is een mystiek en volstrekt areligieus proces dat universeel en tijdloos is, waar iedereen vroeg of laat in terecht zal komen.
Hein Thijssen heeft dit verslag geschreven op tachtigjarige leeftijd. Na onder andere een opleiding filosofie en theologie is hij twintig jaar werkzaam geweest als rooms-katholiek pastor in Canada. Tijdens dit verblijf heeft hij zijn studie moderne en Oosterse filosofie en psychologie kunnen voortzetten. Terug in Nederland werkte hij twaalf jaar als docent gedragswetenschappen in het hoger beroepsonderwijs.
Zijn bevrijdingsproces zo eenvoudig en werkelijk uitgelegd dat je het haast niet zou willen geloven. Zijn ervaringen met de kerk lijken de grote drijfveer van zijn inzicht, maar daar schrijft Thijssen niet over en daar sluit hij mogelijk toch iets uit van zijn leven. Van zijn zelfbenoemde bevrijding.
Dat kan echter geen probleem zijn, want het beschrijven van dit proces heeft altijd meer perspectief in zich dan de complete werkelijkheid. En Thijssen lijkt hier, bewust of niet, een perpectief te kiezen dat in hem brandde, waar hij met plezier over schrijft. Op een persoonlijke, actieve en duidelijke manier, met een beetje drang.
Hein Thijssen weet in klare taal en zonder er doekjes om te winden uit te leggen waarom en op wat voor manier religie een door de mens uitgevonden gedachtenconstructie/systeem is. Hij doet dat op zo'n duidelijke manier dat het voor mij volkomen logisch klinkt wat hij zegt. Desondanks is dit boek misschien een stap te ver voor de ietwat kleinzerigen onder gelovigen; Thijssen kan soms namelijk nogal kort door de bocht zijn.