De meeste Belgen die naar onze kolonie gingen om er te werken, waren jonge en ambitieuze mannen. Maar zij vertrokken meestal niet alleen: in hun kielzog hadden ze vaak een vrouw die haar echtgenoot trouw volgde naar dat verre, onbekende continent, om er een gezin te stichten en een leven op te bouwen. In een Afrikaanse setting, ver weg van iedereen die ze kenden en liefhadden, begonnen ze er aan hun volwassen leven.
De verhalen in dit boek zijn echt. Ze zetten de vergeten rol van de Belgische, jonge vrouw in Congo in de kijker. Gedurende een hele tijd hadden zij een boeiend leven in een tropisch decor. Ze leefden zij aan zij met de in hun ogen volgzame Congolezen, ontdekten een nieuwe cultuur met vele tradities en spraken vreemde talen. De meesten kijken met nostalgie op deze periode terug, bij anderen overheersen de negatieve herinneringen aan het abrupte afscheid.
In Ik was jong en leefde in Congo vertellen vrouwen – onder wie ook enkele missiezusters – honderduit over hun tijd in Congo.
Verschillende getuigenissen van vrouwen die in Congo gewoond hebben tijdens de kolonisatie. De verhalen in dit boek lijken veelal op elkaar en soms hoor/voel je een racistische ondertoon waarbij ik me af en toe ongemakkelijk voelde. Ik had tijdens het lezen vooral het gevoel dat er meer kon gedaan worden met dit thema om een betere uitwerking te krijgen. Een uitleg bij de foto´s zou ook interessant geweest zijn. Niettemin heeft het boek me wel doen beseffen dat ik eigenlijk niet zoveel weet over dit stukje geschiedenis van ons land.