Op 3 mei 1664 wordt in Amsterdam een Deens meisje, Else Christians, veroordeeld tot de doodstraf wegens moord; ze wordt gewurgd en opgehangen op het galgenveld van Volewijck. Else is twee weken in Amsterdam geweest. Wat er gebeurd kan zijn, wordt hier verteld: hoe de taal haar opbreekt als ze op zoek gaat naar werk; als ze tot twee keer toe wordt afgewezen; als ze met Niels, de knecht van Nicolaes van Loon, schepen van Amsterdam, door de stad trekt voor een baantje; hoe wanhopig de verliefde Niels is als Else niet meer terugkomt; hoe hij met Nicolaes probeert de schout op andere gedachten te brengen. Elke verhaallijn lijkt af te stevenen op een goede afloop, alleen de lezer weet hoe het afloopt. Dat maakt dit verhaal sterk en nagelbijtend spannend