Wij zijn omringd door water en bestaan zelf voor een groot deel uit water. Niemand ontkent dus het belang van water. Toch gaan we er onverantwoordelijk mee om. Onze zeeën en oceanen worden er niet bepaald gezonder op en ook op het land zijn er tal van problemen met water. Een van de oorzaken is dat we diep in ons hart water niet pluis vinden. We koesteren een diep wantrouwen ten aanzien van alles wat zich op of aan het water afspeelt. Om deze houding ten opzichte van water te begrijpen moeten we nagaan welk effect water op ons uitoefent en wat wij met water doen.
In dit magistrale boek onderzoekt René ten Bos hoe onze verhouding tot water zich weerspiegelt in ons denken. Hij signaleert een voorkeur voor droogte die haar wortels vindt in het denken van Socrates, Plato en Aristoteles. Sinds die tijd zijn de meeste filosofen op zoek naar de vaste grond en doen politici en beleidsbepalers het liefst aan watermanagement. Ten Bos vindt dit allemaal veel te droog en neemt zijn lezer mee op een fascinerende zoektocht naar een waterig denken, dat niet alleen hier en daar in de filosofie aanwezig is, maar ook in de wetenschappen.
René ten Bos (1959) is filosoof en organisatiedeskundige. Hij is als hoogleraar verbonden aan de Radboud Universiteit. Hij is voornamelijk geïnteresseerd in kritische management theorieën en heeft gepubliceerd over verschillende onderwerpen, zoals organisatie ethiek, strategisch management en genderstudies. In de afgelopen jaren heeft René ten Bos lezingen en cursussen gegeven voor verschillende organisaties en bedrijven, waaronder Corus, Philips, AKZO, Stork, Vodafone, Rabobank, Ministerie van Justitie, verschillende ziekenhuizen, scholen, politieorganisaties. Van 1999 tot 2003 was hij redactielid van M&O (bekendste Nederlandstalige wetenschappelijk managementtijdschrift). Ook is hij redactielid geweest van het tijdschift Filosofie in Bedrijf. Ten Bos is een bekende spreker voor zowel academisch als management publiek.
bij vlagen heel goed, hoofdstuk 5 is vooral echt heel goed waarin het gaat over 'de moleculalisering van water', en waar dat hele logisch positivistische verhaal vrij vakkundig ontmanteld wordt door ten Bos. hoofdstuk 10 ook goed, hij weet het blinde optimisme te vermijden wanneer hij het over het klimaat vandaag de dag heeft en Serres lijkt een interessante denker (die behandelt ie o.a. hier).
hoofdstuk 7 vond ik echt extreem frustrerend, denker die daar centraal staat is Sloterdijk en wat vind ik hem vervelend. Niet op een stimulerende manier. Heidegger komt hier ook nog in aan bod, en dat is eigenlijk te kort en te ingewikkeld en had beter weggelaten kunnen worden. midden in een hoofdstuk even Dasein uitleggen is een beetje veel gevraagd.
verder interessante hoofstukken over Melville en Moby Dick, over Dante, over Schmitt en Hugo de Groot, en natuurlijk over Thales. ik vond sommige van de dingen over Thales en ook over de andere pre-Socraten wat speculatief maar dat is ook onvermijdbaar.
zeker aanrader maar wees gewaarschuwd voor hoofdstuk 7. heel veel metaforen maar uiteindelijk komt er een vrij onaantrekkelijke levenshouding uitrollen (heb het hier over Sloterdijk). maar al met al een heel goed boek, bij vlagen complex maar juist ook daarom sterk
Om eerlijk te zijn, ik heb dit boek niet uitgelezen. Ten Bos' andere boek 'Dwalen in het antropoceen' vond ik geweldig. Geïnspireerd begon ik aan 'Water', maar het viel me tegen. De diepgang en verhalende vorm die ik Dwalen vond, miste ik in Water.
Met plezier, verwondering, maar niet zonder inspanning gelezen. wat is er toch nog veel door mij niet begrepen en/of doorwrocht. Fijn daar af en toe ruimte voor te vinden.