Ik las het lange interview met Cave na twee romans: 'Tot god' en 'Van Ver Gekomen' die beide op mij niet authentiek, niet rauw, niet bloot genoeg overkwamen. Hier voelde ik de geloofssprong, het een beter guller vergevingsgezinder mens worden doorheen rouwen en continu scheppen v banden met de Red Hand Files, de keramieken beeldjes, voorspellende songteksten schrijven. Het boek mocht beslist korter maar ik genoot van de grote openheid,van de hoop als optimisme voor een gebroken hart, van het wars zijn van cynisme. Religie en liefhebben als de diepste relatie met het mysterie. Creëren IS het trauma: je vliegt geniaal en giechelend door de kosmos om dan weer plots in een grauwe kerker van nutteloosheid te belanden.
Bedankt Cave en Sean O' Hagan, ik voelde me 307 bladzijden lang verwant en minder alleen!
Het noumenale, de wereld van symbolen, dat wat niet rationeel uit te leggen valt, het plan een betere versie van jezelf te worden behelzen voor mij de diepste schoonheid, ontroering. Al de rest is vaak vulsel. Cave, v wie ik de liedjes nauwelijks ken, slaagt er in om zichzelf te ontmantelen, heruit te vinden keer op keer, gedreven, monomaan maar superoprecht en met een accurate woordenschat