'Waarde Hugo, ik kan niks, maar ik heb het allemaal van jou geleerd.' Dat zijn de woorden die Marc Didden al jarenlang eens in een lijvige liefdesbrief aan Hugo Claus had willen schrijven. Maar toen stapte de door hem zo bewonderde auteur op de boot naar de overkant en is die brief er dus niet meer gekomen. Tot vandaag. Want omdat Didden er zonder meer van uitgaat dat de moderne communicatietechnieken tot ver in het hiernamaals reiken, heeft hij het er alsnog op gewaagd die liefdesbrief te schrijven. En dat deed hij in de stellige overtuiging dat Claus waar hij nu ook mag zijn hem ook zal lezen. Regisseur, journalist en schrijver Marc Didden (1949) leerde in de jaren zeventig Hugo Claus kennen in Amsterdam. Zijn enorme bewondering voor Claus sloeg al gauw om in een verlammende verwondering. Sindsdien zagen de twee elkaar ten minste een keer per jaar op vriendendiners. En telkens was de leerling te beduusd om aan de meester te melden hoezeer hij van hem hield.
Een tamelijk overbodige hagiografie. Te veel hommage, te weinig Didden. Twee en een halve ster dus. Maar omdat halve sterren niet kunnen, worden het er twee. Want we zijn streng vandaag. Sorry Marc! PS: Toch nog maar eens 'Het teken van de hamster' uit de boekenkast gehaald. Jawel, een door Claus(en Jan Vanriet) gesigneerd exemplaar. Eeuwen geleden (in 1983 om precies te zijn) gekregen van De Zwijger n.a.v. een recensie van Het verdriet van België...
Het mooie aan dit hommageboekje is de voelbare liefde van Didden voor zijn geestelijke vader Claus. Het nadeel is dat het door de Humo-schrijfstijl oppervlakkig blijft en meer over de mens Claus gaat (en de mens Didden) dan over de auteur Claus.