Deze toneeltekst, waarvan de titel werd ontleend aan een lezing van Jan-Peter Balkenende, is een huzarenstuk van de bovenste plank. Beginnend met een door Nederlands grootste acteur uitgesproken grafrede op de begrafenis van premier Balkenende en gesitueerd in een verre of minder verre toekomst overschouwt Ilja Leonard Pfeijffer hoe Nederland vanaf het einde van de twintigste eeuw in rap tempo ten onder is gegaan. Wat al begon in onze tijd is met grote consequentie voortgezet in Balkenendes politiek. Leve de VOC-mentaliteit.De uitdaging zit hem niet alleen in het gekozen onderwerp en het perspectief van waaruit dit belicht wordt, maar ook in de vorm. Pfeijffer heeft gekozen voor het raamwerk van een klassieke tragedie in vijf bedrijven, geschreven in rijmende alexandrijnen in de toon van de grote Vondel. Je moet maar durven.
Ilja Leonard Pfeijffer is a poet and writer. Distinguished in nearly every genre imaginable, he is one of the most celebrated authors of the Dutch language and is recognized as one of the most compelling voices in contemporary Dutch literature. He has more than forty titles to his name, including poetry, novels, short stories, plays, essays, scientific studies, columns, translations and anthologies. Exhibiting a powerful style and classical command of form, his work has contributed to literary revival and growing engagement, both of which are explicitly expressed in his work as a columnist and television documentary maker as well.
Toegegeven, je kan wel wat inbrengen tegen deze theatertekst. 1) De personages in dit theaterstuk zijn pure illustraties van de ‘boodschap’ van de schrijver. 2) Het gebruiken van een reëel bestaande bekende Nederlander als personage creëert verwarring. 3) Het stuk is vrij beperkt qua plot, het is niets dan wild woekerende taal. Mààr… die taal is dan wel heel geestig en creatief, intelligent en origineel, zo smakelijk geschreven dat ik van de -perfect in rijm geformuleerde - superieure spot gesmuld heb als van een lekkernij.