Rebelse ritmes is een ontdekkingstocht door jazz en literatuur. Matthijs de Ridder laat zien hoe ragtime, bebop en freejazz mensen als Paul van Ostaijen, Hermann Hesse, Remco Campert, Boris Vian en Roddy Doyle inspireerden. Het mystieke huwelijk van jazz en literatuur levert verrassende verhalen op.
De gelijknamige en twintigdelige radioreeks kunt u beluisteren op www.klara.be. Volg Matthijs de Ridder op www.matthijsderidder.be.
Matthijs de Ridder (1979) is passioneel jazzliefhebber, essayist en literatuurcriticus. Hij bezorgde werk van Louis Paul Boon, Paul van Ostaijen en Gaston Burssens. Hij schreef ook het bekroonde Aan Borms. Willem Elsschot, een politiek schrijver (2007).
Een literaire analyse lezen doe je normaal enkel als student of onderzoeker in de letterkunde of wanneer je werkelijk alles gelezen hebt van je favoriete auteur. Er bestaat echter nog een bijkomende reden en dat is wanneer het literaire gekoppeld wordt aan het muzikale, aangedikt met goed geschreven (extraliteraire) anekdotes. In dit boek is het niet alleen interessant te zien hoe de connotaties die jazz op het Oude Continent teweeg bracht te zien evolueren, maar ook om te zien hoe deze muziek in zijn heimat maatschappelijk ingekleurd is en wordt. De auteur schrijft vlot het verhaal van James Reese Europe en zijn jazzorkest dat in de loopgraven enkel onder Franse vlag mocht (!) meevechten, we volgen de gedachtegang van Sartre wanneer hij een parodie op de Walging onder ogen krijgt en we lezen wat Sonny Rollins moet gedacht hebben wanneer de torens van het WTC instortten. De analyses zijn niet altijd even boeiend en vaak nogal tendentieus, maar het boek zet je wel aan het denken over de impact van het Amerikaanse muziekgenre bij uitstek op de literatuur van bij ons en de (Afro-)Amerikaanse samenleving.
Tot pagina 50 geraakt. Het is voor mij geen ontspannende literatuur. De druk is ook nogal compact, waardoor het minder vlot leest. Een andere keer verder doen.