We hebben tegenwoordig zo’n grote invloed op de natuur dat we vernietigen wat we niet actief beschermen. En de natuur is zo complex dat we haar nooit helemaal zullen doorgronden. Kunnen we wel beschermen wat we niet kennen?
In De ontsnapping van de natuur komen Thomas Oudman en Theunis Piersma met voorbeelden van problemen die juist verergeren door te denken dat we alles kunnen weten. Bloemrijke weilanden vol mysteries worden vervangen door synthetisch groen, trekvogels leggen het af tegen windmolens en mensen worden versimpeld tot hun DNA. De auteurs tonen hoe het anders door in te zien dat nieuwe vragen net zo belangrijk zijn als antwoorden. Door steeds beter te weten wat we niet weten.
De ontsnapping van de natuur is een hartstochtelijk pleidooi van een getalenteerde jonge ecoloog en zijn succesvolle leermeester voor een werkelijk duurzame omgang met onze aarde, vol mooie verhalen die dat onderstrepen. Een ode aan natuurlijke processen in Nederland, in Mauritanië en in mensen. Een boek voor iedereen die zich afvraagt waar het heen moet.
We zullen nooit energie kunnen opwekken zonder invloed op onze omgeving. Altijd is het voor een natuurlijke omgeving beter om minder energie te verbruiken.
We kunnen geen milieuschade compenseren met een windmolen. Windmolens zijn niet duurzaam, hooguit een noodzakelijk kwaad.
Overal worden omslachtige en onzekere processen vervangen door ogenschijnlijk efficiëntere technologieën. We zoeken de oplossing van het klimaatprobleem in steeds zuinigere motoren grotere windmolens en goedkopere zonnepanelen. Dit is een schijnoplossing: Duurzaamheid en groei gaan niet samen.
Hoezeer ik ook fan ben van Theunis Piersma en zijn collega's, dit boek vond ik wat minder. Ik had ergens verwacht dat Thomas Oudman en hij met een systematisch en goed doorwrocht verhaal zouden komen. Het geheel blijkt eerder wat eclectisch te zijn, een populair wetenschappelijk verhaal. De redeneertrant rammelt daardoor teveel.
De kerngedachte is dat we in de moderne maatschappij veel te veel naar wetenschap kijken als een zekerheid verschaffende machine die met uitroeptekens moet komen in plaats van met vraagtekens. Het resultaat is dat we onvoldoende recht doen aan de aard der dingen en complexe ecologie versimpelen, en daardoor een simplistische omgang met onszelf en met de natuur in de hand werken. Het boek pleit voor een 'ontsnapping' aan die valse zekerheid. We moeten weer leren te genieten van vraagtekens zetten, van onzekerheid, en zo niet alleen ruimte geven aan ons (steeds voorlopige) niet-weten maar ook aan de natuur.
Met name de eerste drie hoofdstukken 2 en 3 over o.m. genetica bieden een populair wetenschappelijk betoog dat mij enigszins verveelde. Alsof ik naar biologieles ging, waarin bepaalde principes mij door iemand werden uitgelegd die voor mij op de hurken gaat zitten en me in jip en janneke taal toespreekt. Ik ben toch niet dom of zo! Daarentegen vond ik de hoofdstukken 6 en 7 heel aangenaam. Deze zaten vol met een goed gebekte boosheid die mij zeer beviel, boosheid op een natuur-vernietigende landbouwmentaliteit. Hier werd bovendien zicht geboden op alternatieven.
Het moet potdorie eens een keer veranderen met de deprimerende bejegening van ons bloedeigen leefmilieu. Dit boek zoekt het in ons denken, en terecht. Alleen de uitwerking van dit gegeven vond ik wat shabby, vandaar de twee sterren...
Ik heb weinig boeken gelezen die zo veelzijdig, interessant en verrijkend zijn. Hoe biologische kennis wordt gestuurd door ideologische uitgangspunten, hoe biologische kennis daarom ook betrekkelijk is en dat gebruik van deze kennis om standpunten uiteen te zetten ook altijd tricky is, om het zuinig te zeggen. Waar sommige biologen hameren op de voorspellende waarde van DNA voor het wezen van een organisme laten Oudman en Piersma overtuigend zien dat de omgekeerde weg, die van de invloed van de omgeving op het organisme minstens zo belangrijk is (en dat daarom DNA helemaal niet zoveel te voorspellen heeft). Zoals de auteurs schrijven: "Wat waarde heeft, leren we van elkaar door er verhalen over te vertellen, verhalen die vaak een wetenschappelijke achtergrond hebben, trouwens. Met die waarden hebben we ons wetboek door de wetenschap geschreven, dan zou het een boek vol vragen zijn geworden. Dat is niet zo handig als we erin willen opzoeken wat het minimumloon is, wat de armoedegrens is, of homoseksualiteit ‘normaal’ is, en of vrouwen andere rechten hebben dan mannen. We kunnen niet bewijzen dat de natuur beschermd moet worden. Dat bepalen we zelf.” Warm aanbevolen voor iedereen die zinnig wil nadenken over seksuele identiteit, biologische mechanismen, wetenschap in het algemeen, het bewustzijn, sociaal gedrag, filosofische vragen, landbouw en (de invloed ervan op) ecologie.