De oorlog duurt voort, en Ellen en haar vrienden blijven vechten – niet alleen tegen de vijand, maar ook tegen de tol die alles eist. Wanneer ze een groep oorlogskinderen redden, komen ze niet alleen voor nieuwe gevaren te staan, maar ook voor de grillen van hun jonge, getraumatiseerde metgezellen. De veilige plek die ooit ‘de Hel’ heette, verandert in een broeikas van spanningen. En als de kinderen plots verdwijnen, volgt een uitputtende zoektocht. Alsof dat nog niet genoeg is, worden er sporen van vijandelijke aanwezigheid ontdekt, en loopt een voedselmissie gruwelijk uit de hand. In dit voorlaatste deel van de serie staat het team opnieuw met de rug tegen de muur, met steeds minder zekerheid dat ze het er levend vanaf zullen brengen.
De oorlog duurt voort, en Ellen en haar vrienden blijven vechten – niet alleen tegen de vijand, maar ook tegen de tol die alles eist. Wanneer ze een groep oorlogskinderen redden, komen ze niet alleen voor nieuwe gevaren te staan, maar ook voor de grillen van hun jonge, getraumatiseerde metgezellen. De veilige plek die ooit ‘de Hel’ heette, verandert in een broeikas van spanningen. En als de kinderen plots verdwijnen, volgt een uitputtende zoektocht. Alsof dat nog niet genoeg is, worden er sporen van vijandelijke aanwezigheid ontdekt, en loopt een voedselmissie gruwelijk uit de hand. In dit voorlaatste deel van de serie staat het team opnieuw met de rug tegen de muur, met steeds minder zekerheid dat ze het er levend vanaf zullen brengen.
Dit boek voelde meteen anders. De hoofdstukken zijn langer, het tempo ligt lager, maar de thematische diepgang is groter dan ooit. Het verhaal schuift langzaam richting het einde van de serie, en dat voel je. De vraag “wie en wat zijn wij na de oorlog?” sluimert voortdurend op de achtergrond, samen met de onmogelijke wens om terug te keren naar hoe het ooit was. Tot ineens de laatste hoofdstukken alles weer volledig overhoop gooien. Het was pure stress op papier, ik heb er grijze haren aan overgehouden.
Wat me dit keer het meest raakte, was de verschuiving van ‘tieners in oorlog’ naar ‘kinderen in oorlog’. De hoofdpersonen zijn al zwaar genoeg belast, maar Marsden gooit er met de komst van een nieuwe groep kinderen nog een schep bovenop. En toen Darina overleed? Straight to jail with a life sentence. De scène met de mond-op-mond beademing was écht intens, ik kreeg er kippenvel van. En ja, ik wil best een hoop accepteren in het kader van fictie, maar dat Gavin doof is en zich alsnog als een soort schaduw door het bos beweegt? Dat gaat mijn ‘ongeloof opschorten’-grens net iets te ver over. Ik ben ook echt klaar met hoe Ellen en Fi omgaan met de verkrachting van Ellen – SHE IS THE VICTIM, MY GOD. En dan ineens al die God-referenties… Het neigde naar evangelie, al blijft het nét binnen de lijnen. Ik zie hoe het past in Ellen’s zoektocht naar houvast, zeker in relatie tot Robyn, maar ik had het zelf niet gemist als het was weggelaten. Waar ik wél weer helemaal achter sta, is Marsdens blijvende boodschap over oorlog. Dat het iets is wat je nooit moet willen, nooit moet verheerlijken. Zijn kritiek op oorlog-videospelletjes is vlijmscherp en spot on. Oorlog is geen entertainment, het is ellende, trauma, dood. En dat blijft deze serie, zelfs na zes delen, pijnlijk goed duidelijk maken.